ARTZUID, aka Amsterdam Sculptuur Biënnale: vrolijkheid troef!

15 mei 2019
Vrijdag 17 mei opent wooncoryfee en verzamelaar Jan des Bouvrie ("Hallo, daar zijn we weer!") de zesde editie van de tweejaarlijkse beeldenroute door het chique Zuid. De 2019-versie van de 'Amsterdam Sculptuur Biënnale', ook bekend staand als ARTZUID belooft een 'beleving' te worden, lees ik in het persbericht. Normaliter krijg ik bij dat soort vaagtaal spontane jeuk, maar in dit geval zou het wel eens heel toepasselijk kunnen zijn, want niemand minder dan (Jiskefet)acteur en beeldend kunstenaar Michiel Romeyn en ex-kunstcriticus Jhim Lamoree zijn de samenstellers van dienst. Die combinatie is goed voor een serieuze benadering van kunst, maar dan wel met een toefje  ironie en humor.
Vrolijkheid gegarandeerd!

Ik maakte al eerder een rondgang langs de ruim 90 ruimtelijke installaties en (een soort van) figuratieve beelden en mijn verslag lees en zie je hier.
Kijk je mee?



1. Marc Quinn, 'Myth (Sphinx)', 2007. 2. Michiel Romeyn en Jhim Lamore, de twee curatoren van ARTZUID voor 'Le Penseur' (1902) van Auguste Rodin dat permanent voor het Hilton aan de Apollolaan is geposteerd. Foto: © ARTZUID. 3. Jesus Rafael Soto, 'Penetrable BBL Bleu', 1999.
Een heikel gespreksonderwerp: kunst in de openbare ruimte, want de meningen zijn vrijwel altijd verdeeld. Je hebt voor- en tegenstanders. Het is mooi of lelijk en steevast te duur. Er is een chronisch spanningsveld tussen buurtbewoners, de gemeente en de kunstenaar. Maar ik ben groot fan van het buitenbeeld in de straat, op het plein of in het park: ik hou van de stad als openluchtmuseum.
Een goed openbaar kunstwerk kan een publiek bereiken dat normaal nooit met kunst in aanraking komt en het draagt daardoor wel degelijk bij aan zoiets (onmeetbaars) als de 'publieke kunstervaring'. Een sterk sculptuur of beeldengroep kan zijn standplaats én de passanten veranderen, door op te gaan in de omgeving zonder weg te vallen, door te rebelleren en toch te passen. Ik ga er niet onaangedaan en emotieloos aan voorbij.

op een voetstuk

Op mijn Instagram-pagina plaats ik (daarom) regelmatig foto's van driedimensionale straatkunst: beelden van beelden waar wij vaak zo achteloos aan voorbij snellen. Maar als je de tijd neemt, slenterend en mindful door de stad gaat en goed om je heen kijkt, dan vallen ze je ineens op. En #kunstvoornop*: gratis kunst, wie wil dat niet?

het betere buurtwerk

Toch mooi waar een buurtinitiatief toe kan leiden. Bij Cintha van Heeswijck in de Apollobuurt - Cintha is drijvende kracht én directeur van ARTZUID - zijn de bewoners gewend om zaken ambitieus en groots aan te pakken. En een beetje 'ons kent ons', want de curatoren van de 2019-versie, zijnde Michiel Romeyn en Jhim Lamoree, hebben ook een band met Amsterdam Zuid.
In ruim tien jaar tijd (de directeur startte in 2008 met het idee voor de kunstroute, met de eerste editie in 2009) groeide het, als bewonersactie ontstane evenement uit tot het "grootste gratis kunst-event van Nederland" met gemiddeld zo'n 375.000 bezoekers tijdens dit vier maanden durende, internationale beeldenpodium.

* Je denkt misschien: "openbare kunst is helemaal niet gratis" en daar zou je gelijk in kúnnen hebben. Soms betalen we allemaal mee via onze belastingcenten, maar in andere gevallen zijn de sculpturen gefinancierd op basis van de percentageregeling. De laatste 5 á 6 decennia is daardoor veel gemeenschapskunst tot stand gekomen. De regeling hield in, dat een deel (soms 1, 1½ of 2%) van de nieuwbouw-, verbouw- of de koopsom van gebouwen (projecten van meer dan 1 miljoen euro) besteed moest worden aan openbaar kunstbezit en dat was dan veelal in de vorm van buitensculpturen.






1. Henk Visch, Teach me to sit still (2016). 2. Irene Fortuyn, 'Schöne Aussicht',  3. Elsa Tomkowiak, 'Out | Phébus's Moire'. 4. Barry Flanagan, Large Nijinski on Anvil Point, 2001. 5. Atelier van Lieshout, 'The Leader', 2015.  6. Ivan Cremer, 'Birth of Apollo', 2019.  
Veel van de beeldhouwwerken zijn erg zwaar (die wegen soms tonnen) en zijn derhalve lastig waterpas te zetten, vandaar dat er een fundament gelegd moet worden in de vorm van een betonnen grondplaat. Daardoor is er - onvermijdelijk - schade aan het gazon, maar straks, over 2 á 3 weken, lijkt het of de 90 (min of meer) figuratieve sculpturen hier altijd hebben gestaan. Dan gaan de madeliefjes en paardenbloemen heel natuurlijk tegen de objecten aanleunen en gaat het pootje van de teckel of de Jack Russell (uiteraard hele beschaafde hondjes) omhoog tegen een van de sokkels.

vrolijk stemmend kunstkijken

Meestal kan het hebben van enige kennis van zaken bijdragen aan de ervaring en dan denk ik gelijk aan de les die ik kreeg van Rudi Fuchs, curator van de vorige editie van ARTZUID. Bij kunst in de publieke ruimte doet de omgeving net zo goed een duit in het zakje. Het sculptuur moet in zo'n geval concurreren met alles wat er op straat gebeurt.
Een ander facet is - zo leerde ik van nestor Fuchs - dat het bij figuratief werk duidelijk is hoe het sculptuur zich verhoudt tot de toeschouwer. Elk min of meer gelijkend beeldhouwwerk heeft immers een voor- en een achterkant en dat is bepalend voor de standplaats van het kunstwerk. Bij abstract werk is dat niet (of veel minder) het geval en zou je - theoretisch - met het beeld kunnen blijven draaien totdat het 'ideale plaatje' is ontstaan. In beide gevallen dient het aanbeveling om ook de achterkant te bekijken. Dus riskeer hondenpoep aan je schoen - dát is ook kunst in de openbare ruimte (en tip: trek profielzool-loze schoenen aan), stap dat grasveld op en bekijk de werken van onder tot boven, van links naar rechts en van alle kanten (dan heb je gelijk je dagelijkse rek- en strekoefeningen gedaan ;-).

wisselend gezichtspunt

Komaan! Wat krijg je bij deze 2019-editie van ARTZUID voorgeschoteld? In ieder geval sculpturen en ruimtelijke installaties die vrolijk stemmen. En ik meldde al dat de samenstellers kozen voor "figuratief" werk. Jhim Lamoree zegt daarover in de Uitkrant: de beeldenroute is "als een overzicht van de traditie van de figuratie in de beeldhouwkunst, waarbij de grenzen danig worden opgerekt." En inderdaad: bij de sculpturen van Tomkowiak, Graham, Soto, Fortuyn (en zo weet ik er nog wel een paar...), moet je dat begrip inderdaad niet al te letterlijk nemen. "Sommige beelden balanceren op het randje van abstractie."
Sommige? Aardig wat...






1. Jean Dubuffet, 'Chien de Guet I'. 2. Erwin Wurm, 'Salatgurke Modernistische 1 en 3', 2016. 3. Gloria Friedmann, 'Everyday Robots' en 'Et moi, et moi, et moi'. 4. Jan Fabre, '7 Bathtubs and a man who writes on water'. 5. Yoshitomo Nara, 'Your Dog'. 6. Sachi Miyachi, 'The Corner Piece'. 
Op de kruising Apollolaan/Breitnerstraat staat een niet te missen drie meter hoge yogaënde Kate Moss. Veel passerende weggebruikers zullen er een ernstige nekverrekking oplopen, want super-realistisch wringt een knappe jonge dame zich op die plek in een schijnbaar onmogelijke bocht. Zeg maar als slangenmens. De Britse mannequin stond in de jaren negentig model voor de (eveneens Britse) beeldhouwer Marc Quinn (Londen, 1964), die op basis van haar afmetingen en verhoudingen een serie sculpturen fabriceerde onder de noemer 'Sphinx'. Dit ongetwijfeld meest bejubelde kunstwerk op ARTZUID (want heel #instagrammable) kreeg de naam 'Myth (Sphinx)'.
En aan de andere kant van de straat staat ook al zo'n opzichtig kunstwerk dat alle aandacht vraagt,  namelijk het blauwe 'vliegengordijn' van Jesus Rafael Soto

a knotted Venus of our age

Dan de duim van César. César Baldaccini (1921-1998) was in de zestiger jaren een sleutelfiguur in het 'nouveau realisme' (het Franse equivalent van pop art). Het op ARTZUID getoonde sculptuur ontstond naar aanleiding van een tentoonstelling met als thema 'de hand' en het verwijst naar het gebaar dat de Romeinse keizers maakten als een in de arena strijdende gladiator mocht blijven leven. De vinger is dus uit het pre-sociale media-tijdperk - tegenwoordig wordt thumbs up gebruikt om de ander te liken. César heeft verschillende, steeds grotere versies van de duim gemaakt.

a like from César

Als fan van Jaume Plensa (1955) ben ik ook blij verrast een werk van deze Spaanse beeldhouwer tegen te komen. Op de 'middenstip', het groene plein voor het chique Hilton Hotel (dus 'in the picture') staat 'Sanna'. (Ben je ook een Plensa-liefhebber? Op 22 juni opent er in Museum Beelden aan Zee een expositie met zijn werk).
De plastieken van Jean Dubuffet (1901-1985) waren twee jaar geleden te zien in de tuinen van het Rijksmuseum (zie mijn blog over die expo hier) en voor mij dus ook heel herkenbaar in de beeldenroute van ARTZUID. En waarschijnlijk zie je in dit plastiek uit de zestiger jaren 'doodles' en zo ja, dan sla je de spijker op z'n kop. Het verhaal gaat dat de kunstenaar onder het telefoneren kleine, vluchtige tekeningetjes maakte, die hem inspireerden tot deze uitgebreide serie beeldhouwwerken. Hij noemde de monumentale 'krabbel'-sculpturen 'hourloupes'.






1. Jaume Plensa, 'Sanna'. 2. Antoine Poncet, 'Cristalle'. 3. César, 'The Thumb'. 4. Aime Mpane, 'Yebela'. 5. (Curator Michiel Romeyn bij) Aristide Maillol, 'La Riviére, 1938-1943. 6. Tom Claassen, Opzittend konijn'. 
Zoals je (wellicht) weet heb ik van kunsttheoretisch zaken niet zoveel verstand. Ik vind een kunstwerk mooi of niet. Top of flop. Als je alles eraf haalt, dan is kunst toch een kwestie van smaak. En over smaak valt niet te twisten. Maar met 90 kunststukken is er voor ieder wat wils. Dus neem de kuierlatten en maak de 2,5 km lange belevingstocht langs de groene lanen van het mooie Amsterdam Zuid.

"De tentoonstelling is 24/7 gratis toegankelijk. Routekaarten en catalogus zijn verkrijgbaar in het informatiepaviljoen op de Minervalaan 1 of via de webshop." (Er is ook een gratis te downloaden app (kijk daarvoor op de website).

ARTZUID: van 17 mei tot en met 15 september.
't Is maar dat je het weet.


-X-


Nog meer buitenkunst? In Amstelveen staan een aantal beeldhouwwerken van de 85-jarige Klaas Gubbels. Daarover lees (en zie) je meer in mijn volgende blogpost. En vanaf 25 mei Louise Bourgeois in de Rijksmuseumtuinen en ook daarvan krijg je eerdaags een ooggetuigenverslag.

En wil je niets missen? 👍 dan mijn Facebook-pagina, dan zie je mijn zielenroerselen vanzelf langskomen.


2 x de kunstenaar himself: 1. Theo Jansen bij 'Animaris Longus' (een van zijn strandbeesten) en 2. George Struikelblok, speciaal uit Suriname overgekomen om zijn drie sculpturen te presenteren.
Tekst en alle (iPhone)foto's: ©MiriamvanderMeer | www.agreylady.nl tenzij anders vermeld.

Museum Ludwig in Keulen: Pablo Picasso in de hoofdrol

8 mei 2019
Vandaag hou ik op deze plek een warm pleidooi voor een (museum)tripje naar Keulen. Afgelopen week was ik er voor de tweede keer en die ervaring heeft mij doen besluiten om de stad schaamteloos in de promotie te gooien. Voor iedereen met een greintje kunstzinnigheid: óp naar Keulen en haar rijke culturele erfgoed. In dit weblog leg ik uit waarom.

Het mooie Museum Ludwig is wat mij betreft de belangrijkste reden (met stip op nummer 1), want dit grote museum pal aan de Rijn en ingeklemd tussen de beroemde Dom en het Hauptbahnhof, richt zich op beeldende kunst uit de 20e en 21e eeuw. Het is een van de toonaangevende kunstmusea van Duitsland en (sorry voor mijn dweperigheid) ik ben een fan girl.
(Dus) niet langer gedraald, let's go!




1. Pablo Picasso, 'Nu couché á l'oiseau', 1968. 2. Sonja Delauney, 'Rhythme Couleur', 1968. 3. Henri Laurens, 'L'Adieu', 1940-1941. 4. Oskar Kokoschka, 'Dresden, Neustadt III', 1921. Alle vier eigen collectie Museum Ludwig. 
Een paar maanden geleden bezocht ik Keulen voor de eerste keer (in het kader van Cologne Fine Art) en - uiteraard zou ik willen zeggen - maakte ik van de gelegenheid gebruik om ook Museum Ludwig te bezoeken. Zodoende maakte ik kennis met de indrukwekkende collectie werken van nagenoeg alle belangrijke kunstenaars van de laatste - pak weg - honderdtwintig jaar.
Het museum dankt zijn bestaan aan een enorme schenking van kunstconnaisseurs en serieus verzamelpaar Peter en Irene Ludwig. De genereuze donatie bestond uit hun volledige collectie Amerikaanse Pop Art (de grootste buiten de Verenigde Staten); een substantiële hoeveelheid kunst van de Russische avant-garde uit de jaren '20;  schilderkunst van het Duitse expressionisme (via de schenking van de Haubrich collectie) en daarnaast nog een assortiment Pablo Picasso's waar je U tegen zegt. 

mooie kopstukken

Over die gulle gift én de oprichting in 1986 van het, naar de weldoeners vernoemde museum, maakte ik al eerder een weblog, waarin ik ook de grote collectie Pop Art aan bod liet komen (dat relaas lees je hier). Vandaag richt ik mij op die andere stromingen waarin het museum grossiert.

De routing in het museum is heel logisch, want waar mogelijk doorloop je in chronologische volgorde - van boven naar beneden - de diverse stijlperioden en krijg je mooie kopstukken daarvan voorgeschoteld. (Dus) startend op de tweede verdieping zie je de 'oudste' werken: Russische avant-garde, Constructivisme,  (Duits) Expressionisme, Kubisme, Bauhaus, Abstracte kunst, Dada en Surrealisme én is er aandacht voor Entartete Kunst. Ook zie je hier een mooie vertoning van een deel van de eigen Picasso's en werken van Ferdinand Léger. 
Tip! Bij mooi weer zijn de deuren naar de twee dakterrassen geopend en vanaf die plekken heb je een machtig uitzicht op de imposante kathedraal. 





1. Max Ernst, 'Birth of Comedy', 1947. 2. Een sculptuur van Germaine Richier, 'Le griffu', 1952 en het schilderij van Francis Bacon, 'Painting 1946, Second Version', 1971. 3. Piet Mondriaan, 'Tableau I', 1921. 4. Zaaloverzicht met uitzicht op de Rijn. 5. Salvador Dali, 'La Gare de Perpignan', 1965. 6. Kees van Dongen, ''Portret van Ana', 1906-1911.  
Goed. Naast die Pop Art (die ik dus al eerder behandelde), was ook de kunst van Pablo Picasso favoriet bij chocoladefabrikant Peter Ludwig (1925-1996) en zijn echtgenote Irene, die net als hij in Mainz kunstgeschiedenis studeerde. Die belangstelling voor de Spaanse kunstenaar stamt al uit de jaren vijftig en hoe serieus die interesse was, mag blijken uit het feit dat Ludwig het werk van Pablo Picasso als onderwerp koos voor zijn eindopdracht* aan de universiteit.
* De titel van de dissertatie luidde: "Das Menschenbild Picassos als Ausdruck eines generationsmässig bedingten Lebensgefühls"

souvenirs van de 20e eeuw

De schathemeltjerijke bonbonmagnaat* waardeerde Picasso's veelzijdigheid - met name zijn beheersing van het grote aantal technieken - én zijn onvermoeibare werklust tot aan zijn dood op 91-jarige leeftijd in 1973. Die fascinatie voor Pablo (Diego José Francisco de Paula Juan Nepomuceno María de los Remedios Cipriano de la Santísima Trinidad Ruiz y) Picasso heeft geleid tot een verzameling van meer dan 180 stuks vooral schilderijen, maar ook beelden en keramische objecten én zo'n 600 werken op papier (oftewel grafische kunst). En daarmee de twee na grootste collectie Picasso's ter wereld, ná die van Musée Picasso Paris en Museu Picasso de Barcelona. Nu in eeuwigdurende bruikleen (dus eigendom, zou ik zeggen) van, en te zien in Museum Ludwig. Tenminste? Niet allemaal tegelijk, wel een representatief deel daarvan.
(Even voor je begrip: alleen al in 1990 - dus in één jaar - besteedde het echtpaar 3,5 miljoen Duitse mark aan kunstaankopen). 


onverbeterlijke womanizer

Niet alleen in Picasso's leven, maar ook in zijn werk hebben vrouwen altijd een belangrijke rol gespeeld. Als onverbeterlijke womanizer, was vrouwelijk schoon een steeds terugkerende thema (en in de categorie 'roddel en achterklap': hij zou met veertien vrouwen een min of meer serieuze relatie of affaire hebben gehad, los van mogelijke one night stands).
Picasso’s creativiteit werd zelfs dusdanig gestimuleerd door zijn partner of maîtresse van dat moment, dat zijn omvangrijk levenswerk ook wel wordt ingedeeld naar de periode dat hij met een bepaalde vrouw samen was. En die verschillende fasen liepen - niet erg verrassend - ook aardig parallel aan de vernieuwingen in de moderne kunst.
Grofweg volgde hij deze stilistische wegen: van een blauwe, naar de roze periode (beiden gerekend tot het postimpressionisme), met aansluitend het kubisme, dat hij samen met collega Georges Braque ontwikkelde. Daarna werkte hij 'klassiek', toen meer surrealistisch en ten slotte abstract en van elk van deze schilderstijlen heeft het museum mooie voorbeelden.






vbnb vier keer Pablo Picasso en twee maal Ferdinand Léger: 1. t/m 4. Picasso met  'Mosquetaire et Amor', 1969,  'Tête de femme (Dora Maar)', 1941, 'Verres et fruits', 1908 en zaaloverzicht. 5. en 6. Léger met 'Les plongeurs' (The Divers), 1942 en 'La partie de campagne', 1954. 
In de verzameling zijn het niet 'alleen' schilderijen uit de diverse tijdvakken, maar ook talrijke keramische borden, schalen, vazen en sculpturen, zoals de monumentale kop 'Tête de femme (Dora Maar)' uit 1941 (Dora Maar was ook een van de vele veroveringen van Picasso).
Daarnaast bezit het museum de drie door de maestro gemaakte grote ets-cycli, namelijk de 'Vollard Suite' (1930-1937), 'Suite 345' (1968) en 'Suite 156' (1971). Voor 'Vollard Suite', een reeks van 100 etsen én hoogtepunt in zijn grafisch oeuvre (vernoemd naar uitgever Ambroise Vollard), was zijn minnares Marie-Thérèse Walter de voornaamste muze. De jonge dame (zij was pas 17 toen ze Picasso ontmoette) stond model en op sommige etsen wordt zij bemind en soms ook bespied door een minotaurus (half mens, half stier) met sterk surrealistische trekken.

"Het schilderen is sterker dan ik. Het onderwerpt me aan zijn wil."


Allez! Tot zover de grote Picasso-collectie van Museum Ludwig, waarvan op de tweede etage een deel te zien is. We vervolgen onze weg door het museum. Via het indrukwekkende trappenhuis lopen we naar de eerste verdieping, alwaar we oog in oog komen te staan met karakteristieke kunstwerken uit de Pop Art, Fluxus, Nieuw Realisme, Abstract Expressionisme, Minimal Art en Conceptuele Kunst. Et voila: op twee niveau's een tijdreis door 120 jaar moderne en actuele kunst.

all time favorites

In het souterrain en op de begane grond tenslotte, zijn de tijdelijke tentoonstellingen te bewonderen. Zo zag ik het werk van de van oorsprong Turkse kunstenaar Nil Yalter met haar presentatie genaamd 'Exile is a hard job'. In het retrospectief onderzoekt de in Parijs wonende artiest thema's als migratie, discriminatie en feminisme.






1. Pablo Picasso, 'Tête de femme lisant', 1953. 2. Twee maal Otto Freundlich: brons 'Ascension', 1929/1960 en mozaïek 'Geburt des Menschen', 1919. 3. Isa Genzken, 'Venedig', 1993. 4. Edward Kienholz, 'Night of Nights', 1961. 5. Marisol, 'La Visita', 1964. 6. Sol Lewitt, 'Red Square, White Letters', 1962.  
Misschien moet ik nog een paar andere argumenten noemen om je over te halen een bezoek te brengen aan Keulen? Want naast Museum Ludwig is er natuurlijk meer te doen in de Duitse Domstad. Ikzelf ben erg gecharmeerd van toegepaste kunst, dus een bezoek aan het MAKK (Museum für Angewandte Kunst Köln) zou voor de hand liggen (zeg maar gerust een must), maar helaas was het design museum tijdens mijn bezoek aan Keulen under construction. Kijk dus voordat je afreist eerst even op de website voor bezoekersinformatie.

Wat ik ook niet deed (maar wel hoog op mijn to-do-list): 'Skulpturenpark Köln'. Het park presenteert hedendaagse buitenkunst in wisselende expo's. En voor de andere Keulse musea kijk je op de website van museenkoeln. Gek van historische architectuur? Wat dacht je van die geweldige Dom en daarnaast heeft Keulen maar liefst 12 romaanse kerken (dus gebouwd tussen 1000 en 1200).
Kabelbaantje dwars over de Rijn? My worst nightmare (ik heb giga hoogtevrees), maar voor sommigen de ultieme beleving. Van maart tot november (kijk eerst even op de site) heb je in de Seilbahn een "prachtig vogelperspectief" 🤢 tussen de Altstadt en de Koelner Zoo, en dat laatste zou mogelijk (ook) een leuke bestemming kunnen zijn. 

Goed. Voor meer tips verwijs ik maar al te graag naar de website van Visit Köln.

Lang leve Keulen (en Museum Ludwig)!



-X-


Over een paar weken staat er een citytrip naar Londen op de planning. Misschien heb jij wel een goeie tip? Laat in dat geval als je blieft een reactie achter!

Het uitzicht op de monumentale Dom vanaf het dakterras van Museum Ludwig.
Bronnen: Wikipedia, Art Salon Holland
Tekst en alle (iPhone)foto's: ©MiriamvanderMeer | www.agreylady.nl.

Het Photoszene Festival Köln: Artist Meets Archive

4 mei 2019
Voor mijn verslag van het Photoszene Festival gaan we de grens over naar onze oosterburen. Naar Keulen wel te verstaan en die stad blijkt - heel terecht - een populaire bestemming onder (Nederlandse) dagjesmensen en stedentrippers. De charmante (binnen) stad wordt gedomineerd door die fantastische gotische Dom (en de grootste kathedraal van Duitsland) en wat dacht je van een reisje langs de Rijn (Rijn, Rijn... ♫). Daarnaast heeft de stad ook kunstsympathisanten veel te bieden, want binnen de poorten staan maar liefst 14 (kunst)-musea, veel culturele instellingen en kent de stad een levendige art scene met galerieën, open ateliers en studio's. Voor ieder wat wils.

Ik focus mij voor dit verslag op zes daarvan, namelijk op díe kunsthuizen die participeren in het Photoszene festival Keulen. Van 3 tot en met 12 mei vind deze toonaangevende fotografie-happening plaats all over Keulen en - goed om te weten - veel van de exposities zijn ook ná de genoemde festivalperiode nog te bezoeken.
Vandaag lees je alles (nou ja, alles? veel) over 'Artist Meets Archive', vrij vertaald als 'Kunstenaar ontmoet archief'. En ik beloof je, daar is niets stoffigs of sulligs aan....



1. FT_Agfa2, Agfa Werbeaufnahme, 1950/60er Jahre, Archiv Museum Ludwig. 2. en 3. Werk van Ronit Porat in Kölnisches Stadtmuseum.
Al meer dan 30 jaar wordt in Keulen het Photoszene Festival georganiseerd en daarmee heeft de stad voor wat betreft de kunstzinnige fotografie een naam hoog te houden. Halfjaarlijks - zowel in de lente, als in het najaar - brengt het artistieke fotografie onder de aandacht van het grote publiek, door het organiseren van dit prestigieuze internationale evenement.

Voor deze editie is gekozen voor het thema 'Artist Meets Archive', oftewel kunstenaars - zes om precies te zijn - duiken in foto-archieven en 'doen hun ding'. De deelnemende artiesten zijn afgedaald naar de krochten van de musea en met dat 'verstofte' beeldmateriaal aan de slag gegaan om daar een eigen draai aan te geven. Dat in depots opgeslagen beeldmateriaal wordt nu, door uitwisseling met de zes internationale kunstenaars zichtbaar gemaakt.
Tegelijkertijd worden in zo'n 70 instituties, denk dan aan kunsthuizen, galerieën, culturele instellingen en dergelijke, foto-gerelateerde exposities gehouden met het onderhavige topic. Op tal van plekken is er aandacht voor de grote diversiteit aan fotografische uitingen in de collecties en bestanden van creatieve organisaties in de stad.

verstofte archieven

Ik begin dit verslag met de Nederlandse connectie en dat zijn er twee. En (dames gaan voor, dus) als eerste komt de Nederlands-Indonesische kunstenaar en filmmaker Fiona Tan (1966) aan bod, die onderzoek deed in het mooie Museum Ludwig. In dat kunsthuis mocht zij zich bezig houden met het reclamearchief van de firma Agfa. Al zo'n veertig jaar beheert het museum tienduizenden foto's, dia's en negatieven van dit, van oorsprong Belgische bedrijf dat wij vooral kennen als producent van die ouderwetse, analoge fotorolletjes.
Tan raakte geïnteresseerd in de ietwat kleffe jaren '50 en '60 reclameadvertenties voor de 'Agfacolor' film en maakte daarmee een expositie die de naam 'GAAF' meekreeg, als anagram van Agfa. Die foto's hebben een hoog toen-was-geluk-nog-heel-gewoon-gehalte, met de vrouw in een decoratieve rol. Verder verwijst Tan's keuze naar de kleurrijke, vroege wereld van de fotografie, waarbij de euforie van de Duitse economische wonderjaren worden getoond. In Nederland was het overigens niet anders. Jeugdsentiment.
Fiona Tan met 'GAAF' van 4 mei t/m 11 augustus 2019 in Museum Ludwig.







1. t/m 3. Fiona Tan, 'Gaaf' in Museum Ludwig. Dan drie foto's Erik Kessels: 4. Zaaloverzicht. 5. Auswahl aus dem Archiv des Museum für Angewandte Kunst Köln von Erik Kessels © MAKK. 6. Zaaloverzicht.
De tweede tentoonstelling met een Nederlandse tintje is die van Erik Kessels (Roermond, 1966). Kessels is ondernemer, maar in zijn hoedanigheid als verzamelaar van, en schrijver over fotografie maakte hij de expositie 'Archive Land', want ook met het ontwerpen van exhibities heeft Kessels meer dan genoeg ervaring. Met deze vertoning ontsluit hij de fotografische collectie van het MAKK (Museum für Angewandte Kunst Köln).
Het Keulse design museum heeft een 'catalogus' in de vorm van een encyclopedisch beeldarchief. De hele collectie is ooit - bij het verwerven - gefotografeerd en die foto's bewerkte Kessels tot oversized speelkaarten, waarmee hij een "begaanbare ruimte-installatie maakte en een tijdelijke 'opgraving' creëerde. Een geluidsinstallatie met elektronische muziek van de Brit Robin Rimbaud, alias SCANNER, vertaalt het archief in een klankveld."
Het klinkt allemaal nogal cryptisch, maar hopelijk wordt een en ander duidelijk bij het zien van de door mij gemaakte foto's van de expositie. Erik Kessels met 'Archive Land' van 4 mei t/m 2 juni in MAKK.

Dan de Belgische Antje van Wichelen. Voor 'Noisy Images' - waarvoor zij gebruik maakte van het historisch archief van het etnografische Rautenstrauch-Joest-Museum - verdiepte de kunstenaar zich in hun koloniale fotografie. Een heel actueel onderwerp, want alle volkenkundige (of wereld-) musea - alle musea, eigenlijk - bezinnen zich op de herkomst van hun collectie en de consequenties voor het beheer en het vertonen daarvan. Van Wichelen onderzocht als artist in residence het materiaal en maakte daarmee een film (meerdere films) met de oude foto's uit het archief. Als kijker word je uitgenodigd om zelf op onderzoek uit te gaan. Antje van Wichelen en 'Noisy Images' van 4 mei t/m 16 juni 2019 in Rautenstrauch-Joest-Museum.

De Israëlische kunstenaar Ronit Porat (1975) werkt al jaren met fotografisch materiaal en neemt dit, samen met archiefgegevens en biografische teksten, op in haar installaties. Zij 'begroef' zichzelf voor dit project enkele weken in de grafische collectie van het Kölnisches Stadtmuseum. Met de daar opgeslagen prentbriefkaarten uit de jaren 1918 tot 1938 maakte de kunstenaar "collage- en Dada-achtige fotomontages, waarmee zij nieuwe verhalen creëerde en een denkbeeldige reis maakte", aldus de persinformatie. Ronit Porat met 'Paradiesvogel' van 4 mei t/m 14 juli in het Kölnisches Stadtmuseum.





1. © Antje VanWichelen. Foto/Image [d/e]: "NgaretaAporo", Rautenstrauch-Joest-Museum, Inv.no. 25.
2. Antje Van Wichelen © Lucia Halderen. 3. t/m 5.Drie werken van Ronit Porat uit 'Paradiesvogel' in het Kölnisches Stadtmuseum.
Voor de tentoonstelling 'Coeln - Cathedral of Light' werkte de Fin Ola Kolehmainen (1964) met foto's uit het Rheinisches Bildarchiv, zeg maar het stadsarchief van Keulen (en omstreken).
De kunstenaar staat internationaal bekend om zijn minimalistische, abstracte close-ups van architectonische details en het is daarom niet verwonderlijk dat hij zich richtte op de foto's uit dat stadsarchief. Het depot heeft enorm veel beeld dat handelt over de kerkarchitectuur en de kunstschatten in die godshuizen (Keulen heeft maar liefst twaalf romaanse kerken, gebouwd tussen circa 1000 tot 1200), waarbij "de aspecten licht, ruimte en kleur een doorslaggevende rol spelen." Zijn installatie over de bouwgeschiedenis van de Dom van Keulen, staat opgesteld in Kaune Contemporary. Kolehmainen is met zijn kunstwerk in de vorm van een oversized 'leporello' (dat is zo'n harmonica- of zigzagboek) te gast in deze galerie gevestigd in de kapel van een voormalig klooster. Hoe toepasselijk.
'Coeln - Cathedral of Light' van Ola Kolehmainen van 12 april t/m 2 juni in Kaune Contemporary.

De laatste van dit zestal is de Franse fotograaf Roselyne Titaud (1977) die foto's uit de inventaris van de Photografische Sammlung selecteerde. Onder de titel 'Die Hummer-Quadrille' plaatste zij deze "in een associatieve dialoog met eigen motieven." Titaud, geïntrigeerd door de 'verborgen schatten' die ze vond, combineert zwart- wit foto’s en kleurenafdrukken in verschillende formaten. De kunstenaar 'ziet' overal stillevens, zowel binnen- als buitenshuis. Zij fotografeert verstilde interieurs en ook in haar werk in de natuur zoekt zij het detail.
Naast de tentoonstelling in het kader van 'Artist Meets Archive' is er ook de presentatie 'Géographies des limites humaine' te bewonderen. Roselyne Titaud. 'Die Hummer-Quadrille' van 4 mei t/m 21 juli in het Photografische Sammlung/ Stiftung Kultur. 






1. t/m 3. 'Coeln - Cathedral of Light' van Ola Kolehmainen in Kaune Contemporary. 4. t/m 7. Roselyne Titaud. 'Die Hummer-Quadrille' in het Photografische Sammlung/ Stiftung Kultur.
De conclusie? Voor de die hard fotografie-liefhebber is er slechts één ding: spoorslags afreizen naar Keulen voor het Photoszene Festival Köln. Een fotografie-parcours om U tegen te zeggen.
Vanuit Utrecht - ook een Domstad - is Keulen (met de ICE) in 2 á 2½ uur te bereiken. Wie met de auto gaat en/of in het (zuid)oosten van het land woont, die is er helemaal in een vloek en een zucht....


-X-


En als je dan toch in Keulen bent....! 
Uiteraard nam ik de gelegenheid te baat om nog wat verder te kijken (dan mijn neus lang is) en (nogmaals) Museum Ludwig aan een grondig onderzoek te onderwerpen.
Dat verslag hou je van mij tegoed.

Uw (ietwat verschrikt kijkende) razende reporter bij de vertoning van Ola Kolehmainen.
Tekst en (iPhone)foto's: ©MiriamvanderMeer | www.agreylady.nl, tenzij anders vermeld.

Auto Post Signature

Auto Post  Signature