Openbaar kunstbezit in IAMsterdam: een straatbeeldjournaal #1 (#keepuptheart)

28 maart 2020
Mijn stadssafari van vorige week krijgt een vervolg. Aangezien de culturele instellingen nog wel een tijdje gesloten zullen zijn, maakte ik een straatbeeldjournaal vanuit IAMsterdam. En neem het gerust heel letterlijk, dat straatBEELD. Hieronder krijg je een potje 'urban culture' voorgeschoteld en dat kan dan van alles zijn, want ik vat het begrip heel breed op. Alle kunst in de openbare ruimte én andere opmerkelijkheden.

Op zoek naar hoogstandjes en aandachttrekkers op heterdaad betrapt.
Komt dat zien!



1. Zuidoost: Pascale Tayou, (deel van) 'Tayouken Piss', 2009. 2. West: vorstbescherming. 3. Nieuw-west: Andre Volten, 'Constructie met I-balken', 1968.
Al kuierend door de hoofdstad hou ik mij uiteraard aan alle afgesproken voorzorgmaatregelen: ik ga in m'n uppie en houd de 'comfort zone' van 1½ meter aan. In een reuzenslalom omzeil ik alle, al te opdringerige bumperklevers en tegenliggers en kies veel afstand en nul nabijheid. Je wilt nu immers niemand tegen het lijf lopen.
Barre, bange tijden.

big city you're so pretty

Hoe dan ook (...) voor liefhebbers van urban culture - grootstedelijke cultuur - is Amsterdam (net zoals veel metropolen) een eldorado. Een wereldstad - zo ook Mokum - is door de bank genomen voorloper op allerlei vlak en wat ons interesseert is het avant-gardisme in het creatieve domein. In hotspot-Amsterdam kom je aan al je kunstgerelateerde trekken en voor wat betreft straatkunst is het nog gratis ook. Wat wil je nog meer? Mijn bedoeling is om je een inkijkje te geven in de beeldende rijkdom van de stad.

get lost

Bewoners van Amsterdam - zoals ik, delen de publieke ruimte jaarlijks met honderdduizenden bezoekers (in 'normale' tijden, wel te verstaan) en die ruimte is meer dan de zogenaamde highlights: meer dan de musea, de grachtengordel (Werelderfgoed), de coffee-, ijs- en Nutella-shops en het Red Light District.
Die plekken hebben enorm veel publiek en dat in tegenstelling tot straatkunst. Terwijl het eerste de beste levende standbeeld zijn succes af kan meten aan het aantal kijkers en (dientengevolge) aan de hoeveelheid munten die belangstellenden achterlaten (het schijnt heel lucratief te zijn), hebben kunstwerken in de openbare ruimte geen meetbaar effect op passanten. Je kunt hooguit van een reactie spreken als een straatkunstwerk ten prooi valt aan een stelletje vandalen. Kortom: het is niet duidelijk wat openbare kunst doet in de omgeving en welke 'beleving' het teweeg brengt bij het publiek.






4. 'Boegbeeld', Leonie Mijnlieff, 2011. 5. Amsterdam dankt zijn Canadezen, Jan de Baat, 1980. 6. Zuidoost: straatkunst op een trap. 7. Noord: straatkunst van Zed1. 8. Zuidoost: 'City Cells', Karin van Dam, 2015. 9. Rembrandtpark West: Rob Streefel, 'Twee cirkels, 45 graden gedraaid', 1983. 
Alle objecten, sculpturen en andersoortige opsmuk die geplaatst zijn ter verfraaiing van de leefomgeving met als doel om de werkgelegenheid (?) te stimuleren, het cultureel toerisme aan te moedigen (gevalletje city branding), de saamhorigheid en sociale verbondenheid (in beleidstermen: cohesie) te bevorderen, de identiteit én het bewustzijn van de plaatselijke cultuur en geschiedenis te versterken (hé, hé..), is volgens het (kunst-theoretisch) boekje straatkunst.

straatbeeld

De publieke kunst moet dus een 'hoger doel' dienen. Het moet de mensen op die bepaalde plek en door de jaren heen iets doen. En daarmee hebben we al twee heikele discussie-punten te pakken, want wat is verfraaien en wat is 'iets doen'? Het moet 'iets doen'? Oh jee.

Kunst op de 'neutrale', vaak witte muren van het museum hoeft geen rekening te houden met invloeden van buitenaf. Het publiek komt door de bank genomen in alle rust en met een voor een museum 'gepaste' houding en instelling kijken. Soms/vaak/meestal - en hopelijk - onder de indruk. De belangstellenden komen op eigen initiatief naar een tentoonstelling om daar betoverd, ontroerd, geschokt of in verwarring gebracht te worden. Zij hebben daar vrij voor gekozen. 

Pay attention please. Opgelet!

Maar dan het grote publiek; de willekeurige passant in de straat, in het park of op het plein. That's different cook*. Elke kunst is nu eenmaal niet voor iedereen. Maar 'iedereen' is wel de doelgroep van de openbare ruimte. Buitenkunst moet kunnen 'communiceren om verstaan en begrepen' te worden in de concurrentie met de stortvloed aan andere zintuiglijke prikkels en informatie in het stadse gewoel. En ga daar maar eens aanstaan.
Iedereen heeft een mening. De straat is een plek waar wie dan ook, wat dan ook over mag zeggen. Er zijn er genoeg die zich groen en geel ergeren aan bepaalde kunstzinnige toevoegingen in het straatbeeld.
* "as we say in the Netherlands" volgens Louis van Gaal in 2014 tegen de Britse pers.






10. West: 'Droombeeld', Constantinus (Cephas) Stauthamer (1899-1983) uit 1965. 11. Zuidoost: Jikke van Loon, monument voor activist/verzetsstrijder Anton de Kom, 2005. 12. Zuidoost: straatmeubilair bij metrostation Kraaiennest. Ook straatkunst? 12. Zuidoost: Ewerdt Hilgemann, 'Ruimtestructuur', 1969.
Ik (persoonlijk...) ben altijd en overal liefhebber van elke creatieve uiting in het openbare domein. Vind ik alles even mooi? Nee, zeker niet. Maar ik apprecieer alle positief bedoelde pogingen om willekeurige voorbijgangers te raken; te emotioneren. Leuk toch dat mensen boodschappen - hoe klein ook - met de buitenwereld willen delen? (Vandaar ook mijn enthousiasme voor het werk van Streetart Frankey: zie mijn vorige blogpost).

En ik hanteer een ruime opvatting. Ook alle beelden, monumenten, fonteinpartijen en dergelijke, ooit geplaatst ter meerdere eer en glorie van koning, keizer of admiraal (soms zeer onterecht in de kijker gezet), doen wat mij betreft mee. Die standbeelden vertellen immers de geschiedenis van ongeveer alles.
Hetzelfde geldt voor "illegaal of op eigen initiatief gedeelde kunstzinnig bedoelde uiting en creatieve verluchtiging van straat en buurt" (als definitie van graffiti en streetart), mag van mij straatkunst worden genoemd.

openluchtmuseum

Met Amsterdam als openluchtmuseum kun je je lol op. Om de haverklap kom je wel iets tegen, want de stad staat er vol mee. Sinds het begin van de vorige eeuw heeft Amsterdam een grote collectie buitenkunstwerken opgebouwd. De sculpturen zijn onder meer tot stand gekomen door opdrachten van gemeentelijke diensten, stadsdelen en woningbouwcorporaties en allemaal terug te vinden in een database genaamd Amsterdam Kunstwacht. Regelmatig raadpleeg ik dit gegevensbestand, want vaak plaats ik foto's van die buitenwerken op mijn Instagram-account en dan wil ik juist informeren. Ook buitenbeeldinbeeld biedt meestal wel soelaas. Heel handig.





13. West: nog een Andre Volten, 'Balkenbrij', 1968. 14. Straatbeeld Nieuw-Zuid. 15. Zuidoost: tegelwand bij een parkeerterrein. 16. In het 'Hildo Krop-jaar': 'Jonas in de Walvis', 1935. 17. West: Carel Visser, '2 U's naar buiten/2 U's naar binnen'.
In dit blogbericht zie je een wilde greep uit mijn archief stadsfoto's gemaakt tijdens dwaalsafari's én recent gemaakte opnamen in stadsdeel West en Zuidoost. Allemaal beelden van beelden die mij opvielen.
En of het dan kunst is...?


-X-


#staysafe!


#straatpsycholoog: #agreylady met #straatfotografie op #instagram.
Tekst en (iPhone)foto's: @miriamvandermeer | www.agreylady.nl

Stadssafari door Amsterdam: Streetart Frankey en ander opmerkelijkheden (#keepuptheart)

21 maart 2020
Alle scholen, musea, bioscopen en bibliotheken dicht, culturele evenementen en sportieve activiteiten afgelast, de horeca op slot en de meeste winkels met gesloten deuren.
Wat moeten we doen? Comakijken voor de buis of op Netflix? Duizend stukjes leggen? Thuis-fitnessen onder de bezielende leiding van Olga Commandeur van 'Nederland in Beweging'? Een workout in het park of in de vrije natuur?
In het kader van #keepuptheart en #welatenonsnietkisten ging ik - zolang het nog mag, helemaal-alleen-in-mijn-eentje en uiteraard op gepaste afstand - op stadssafari in IAMsterdam op zoek naar Streetart Frankey.

Struinen, kuieren of stiefelen om het broodnodig luchtje te scheppen: mijn enige sportieve lichaamsbeweging bestaat momenteel uit wandelen. En wat kom ik dan zoal tegen?
Kijk je mee?



1. @Streetart Frankey. 2. Straatbeeld Palmgracht. 3. Een van de vijf sculpturen genaamd 'De Stam' (2015) van Atelier van Lieshout in het Frederik Hendrikplantsoen. 
Een onwerkelijke situatie. Het is bizar hoe een sluipmoordenaar als het Corona-virus, of Covid-19, ons leven zo lam kan leggen. Terwijl we dachten het allemaal goed voor elkaar te hebben. Zo zie je maar: het leven is slechts ten dele maakbaar.

het bijzondere in het alledaagse

Ik laat mij niet kisten 😏 (en hopelijk jij ook niet!). Voor het broodnodige verzetje en voordat alle muren op mij afkomen, ga ik de straat op. Doel: zoeken naar beelden die stuk voor stuk passen in de categorie 'je gaat het pas zien, als je het door hebt*'. Uiteraard zolang dat kan en mag, helemaal-alleen-in-mijn-eentje én de comfort zone van 1½ meter respecterend. En daarbij is het motto: vooral uit je doppen kijken en dat doe je het beste lopend.
Cruijffiaanse uitdrukking.

Ik stiefel met beide benen op de grond - ik ben niet zo'n fietser - door Mokum, met als groot voordeel dat ik veel meer oog hebt voor waar ik loopt. En chauvinist van het zuiverste water (maar dat zijn haast alle Mokumers: een bijzonder ergerlijke eigenschap), vind ik Amsterdam - zeker in de lente - heel mooi. Mijn ervaring is dat als je goed om je heen kijkt, je de opmerkelijkste dingen ziet. Oogstrelend stadsleven. Soms een grappige, dan wel vertederende aanblik. Bedoelde, ook wel spontane gekkigheid.

humor en positiviteit

Neem het werk van Streetart Frankey. "Pseudoniem van Frank de Ruwe (1977): een Nederlandse kunstenaar die met relatief kleine en vaak onopvallende kunstwerken, het straatbeeld positief wil beïnvloeden," lees ik op de online encyclopedie.
Deze straatkunstenaar (én reclamemaker bij Natwerk) heeft een eigen rubriek in de weekendbijlage van Het Parool. Wekelijks is er een door hem bedachte en ludieke 'ingreep' te bewonderen.




4. Straatbeeld en zeer toepasselijk bij mijn laatste blog over de invloed van social media op kunst. 5. en 6. Twee van de vijf sculpturen genaamd 'De Stam' (2015) van Atelier van Lieshout in het Frederik Hendrikplantsoen. 7. De boomzager (1982), anoniem, Leidse bosje, Amsterdam. Foto: Jo JakemanCC by 2.0.
Naar verluidt werd de straatartiest geïnspireerd door 'het Boomzagertje' (1989) dat tot vorig jaar te zien was in het Leidsebosje (zie foto 7 ↑). Het sculptuur is een van de werken van een kunstenaar die anoniem wil blijven*.
meer over het charmante beeldje - zou het zagertje slagen in zijn missie, dan valt hij uit de boom - en de onbekende kunstenaar is te lezen in dit artikel in het Parool.

In een interview uit 2018 in Marketing Tribune zegt Streetart Frankey dat het zijn bedoeling is om mensen - inclusief zichzelf - vrolijk te maken. "Als ik ergens loop of fiets, zie ik altijd wel dingen in de stad waarvan ik denk: "Heej, dat lijkt net een…" Nou, dan maak ik dat soms. Gewoon voor de leuk. Als ik dan later weer een keer langs zo’n plek kom en het object staat er nog, dan wordt ik er in ieder geval altijd zelf vrolijk van."
Bewonderenswaardig, want in eerste instantie 'liefdewerk oud papier', met als enig doel om de stad een beetje blijmoediger te maken. Cadeautjes voor iedereen, die daarmee verrassend op het verkeerde been worden gezet. 

guerrillakunst 

Het liefste wil je natuurlijk een van Frankey's creatieve ingrepen op onverwachte plekken, dus in the wild tegenkomen (zoals zijn Mondriaan-interpretatie op een verkeersbord bij mij om de hoek: zie foto 8 ↓). Dat kan niet altijd, want zijn interventies worden nogal eens door mannetjes van de Gemeente verwijderd (waarom in hemelsnaam...?) of 'gewoon' gejat en dan ben je aangewezen op zijn wekelijkse bijdrage in het magazine van dagblad Het Parool.

Maar het kan ook anders. Sinds 23 februari hangen er twaalf foto's van zijn olijke werk in het ietwat ongure, achenebbisj voetgangerstunneltje 'Tussen de Bogen' in het centrum van Amsterdam. Tenminste? Dat is even afwachten, want al eerder werden er negen stuks gestolen. Je reinste kunstroof. Zonder pardon van de muur gerukt en een aantal daarvan (ongetwijfeld) voor veel geld, op Marktplaats aangeboden (sneue gasten die dat doen, maar dat terzijde).  De kunstenaar heeft daar zelf overigens geen moeite mee: "Da’s kicken toch, dat iemand daar handel in ziet."






8. Mondriaan-geïnspireerd verkeersbord op de J.P. Heijestraat. 9. Het bewuste spoortunneltje. 10. t/m 14. Foto's van Streetart Frankey's interventies in het openluchtmuseum.  
Ik had mij voor deze stadssafari tot doel gesteld om Frankey's openluchtmuseum te gaan bezoeken en tot mijn vreugde hingen ze er allemaal: twaalf foto's in het spoortunneltje tussen de (volkse) Haarlemmer Houttuinen en het (historische) Bickerseiland.
Zijn ze niet leuk? Om vrolijk van te worden en een beetje verstrooiing in deze barre tijden kan geen kwaad.

Meer Streetart Frankey? Kijk naar deze beeldreportage in Het Parool en natuurlijk op zijn eigen website: www.frankey.com/work.

mopperige stappenteller

En dan ga ik weer op mijn schreden terug. Weer lopend, want mijn stappenteller is sinds de lock down heel ontevreden aan het morren. (Je hoort het veel: tot twaalf uur in je pyjama/joggingpak rond blijven lopen. Opmaken - scheren voor de heren - en (leuk) aankleden? Voor wie, wat of waarom?)

Goed! (Niet goed...?). Weer terug richt Amsterdam West (De Baarsjes), alwaar ik residentie houd. En dan stuit ik op andere openluchtkunst. Kunst in de openbare ruimte. In het treinviaduct bij het Haarlemmerplein.
Daar hangt een hele rij (installatie) foto's en die serie blijkt even later 'Giotto op het Haarlemmerplein' te heten. Een project van kunstenaar Jan Theun van Rees. Die hangen er al sinds 2013 en dat heb ik nooit geweten. Gevalletje 'oud nieuws', maar ja, als je daar verder niets te zoeken hebt (zoals ik).
De foto's werden in 2011 gemaakt om de lelijke bouwomheining die om het te renoveren Haarlemmerplein stonden, te verdoezelen. Van Rees "fotografeerde verschillende woningen en bedrijven in onverwachte combinaties. De foto’s zijn een ontdekkingsreis langs vreemde, markante en verborgen plekken aan het Haarlemmerplein", aldus de informatieve stoeptegel in het plaveisel (zie ook Amsterdam.kunstwacht).






1. t/m 3. Streetart Frankey in openluchtmuseum 'Onder de Bogen'. 4. t/m 6. 'Giotto op het Haarlemmerplein. 
Behoor je net als ik (momenteel) tot de categorie: geen b.b.h.h. ('bezigheden buitenshuis hebbende'*), dan raad ik aan om erop uit te trekken. Geef je ogen de kost en je benen een wagen. Zolang het kan.
In stad en land - en op gepaste afstand - "de paden op en lanen in" (Tra-ta-ta-ta bom, bom....)
De afkorting werd gebruikt in contactadvertenties en in advertenties voor het verhuren van een kamer.


-X-


#staysafe!


De paden op, de lanen in, vooruit met flinke pas
Met stralend oog en blijde zin
En goed gevulde tas
De Zonne lacht ons vrolijk toe
Ons groet der vooglenzang
En wij worden vast niet moe
Al wand’len w’uren lang
Tra-ta-ta-ta bom, bom, tra-ta-ta-ta bom, bom
Al wand’len w’uren lang

Marcheren is gezond voor ‘t bloed
Verruimd wordt d’enge borst
‘t Versterkt de spier van been en voet
‘t Wekt eetlust op en dorst
Daarom vooruit en in de maat
Zo netjes als ‘t maar kan
Nu ‘t eensgezind en ordlijk gaat
Heeft elk plezier er van
Tra-ta-ta-ta bom, bom, tra-ta-ta-ta bom, bom
Heeft elk plezier er van

(Marschliedje: L. de Rop/R. Hol, 1957).

Foto: @Streetartfrankey
Tekst en (iPhone)foto's: @miriamvdmeer | www.agreylady.nl (tenzij anders vermeld: zie bijschriften).

'Beeldmacht' in het Frans Hals Museum: Kunst van kritiek in tijden van TikTok

13 maart 2020
Instagrammable kunst: hoe kwalijk is dat? Nog niet zo heel lang geleden (wat zal het zijn: vijftien, twintig jaar?) werd er nauwelijks gefotografeerd in musea (het was ook vaak verboden): tegenwoordig krijg je bij een bezoek aan een tentoonstelling een hashtag bijgeleverd. Het maken, maar vooral het delen van foto's op de socials wordt door (bijna) elk museum toegejuicht.
En ja, ik heb boter op mijn hoofd: ook ik zwicht voor de verleiding van het maken van snapshots van lekker smoelende kunst. Daarnaast ben ik (bijna) altijd te porren voor een #selfiesouvenir (zie foto 13).

In het Frans Hals Museum zie je 'Beeldmacht': de eerste uit een serie van drie, genaamd 'Kunst van Kritiek in tijden van TikTok*'.
* Voor de Boomers onder ons (zoals ik): TikTok is voor kinderen en tieners de nieuwe SnapChat of Instagram). 




1. Gina Beavers, Mona Lisa Nail, 2015, The Hott Collection, New York, foto: Jeff McLane. 2. Gina Beavers, Painter Lips, 2019. 3. Zaaloverzicht.
In 2019 was het de Japanse Yayoi Kusama die het hoogste scoorde op #InstaArt. Vanwege haar negentigste verjaardag en de buzz die daardoor ontstond (of werd gecreëerd), bleek de #polkadotprinces de populairste kunstenaar op het sociale platform Instagram. #YayoiKusama was trending, zoals dat dan heet. En niet zo gek, want haar kunstwerken zijn laagdrempelig en lijken lekker ongecompliceerd (lijken, want niets is minder waar als je haar levensverhaal kent, maar dat terzijde).

Vóór de digitale fotografie was de boodschap: dit is wat ik heb gezien. Nu zegt het: ik was er; ik maakte het mee. Je kunt je terecht afvragen of het nemen en delen van foto's in musea de ervaring vermindert of juist vergroot? Ik ben daar nog niet helemaal uit. Wat vind jij?

sharing is caring...

Dagelijks worden er 100 miljoen kiekjes op Instagram geplaatst. In hoeverre zou die foto-tsunami van invloed zijn op beeldende kunst, vraag je je dan af. "Hoe verhoudt de kunstwereld, vanouds toch hét domein van het beeld, zich tot de online platforms?"
Waar tot voor kort alleen een select gezelschap van ingewijden inzage had, zijn tegenwoordig complete museumcollecties digitaal beschikbaar. "De gebruikers worden aangemoedigd om de inhoud naar hartenlust te liken en sharen. Enerzijds kun je dit zien als een vorm van democratisering, aan de andere kant kan het betekenen dat musea verworden tot louter 'content farms' of datahotels in dienst van de social media." En tot zover een citaat uit de zaaltekst bij de expositie in Haarlem.

I came, I saw and I selfied 

De discussie is al een tijdje gaande: het werkt immers naar twee kanten. Hoe meer een tentoonstelling leeft op social media, hoe meer bezoekers ze trekt. In hoeverre maken musea (vanuit strategisch oogpunt) hun exposities instagramproof, stimuleren zij om foto's te maken en vooral ook te delen op de socials en programmeren ze alleen maar (of zoveel mogelijk) publieksvriendelijke, hapklare kunst. De kritiek is, dat een nadruk op toegankelijke tentoonstellingen en bezoekersaantallen, de musea van binnenuit zal gaan uithollen.




4. Flame, Amazon, 2018. 5. Flame, Slideshow, 2016. 6. Gina Beavers, (vlnr) Surreal, Need Money en We are not dating abstraction, alle drie 2019. 7. Sylvie Fleury, (links) Compact Pêche en (rechts) Compact Limpide, beiden 2018. 
En wat betekent dat voor de 'zichtbaarheid' van minder likeable kunstuitingen? Hoe zit het met goede kunst, maar die minder esthetisch of visueel aantrekkelijk is? Die niet zo lekker oogt.
In het eerste deel van 'Beeldmacht' in het Frans Hals Museum hebben de gepresenteerde werken de veranderde rol en functie van kunst in het nieuwe tijdperk - dat van de social media - als thema.

van kunst op Instagram naar instagrambare kunst

Goed voorbeeld is het werk van de Griekse kunstenaar Gina Beavers (1978). Hoe aantrekkelijk wil je het hebben? (Zie de foto's 1, 2 en 6). Met schuim en verf 'beeldhouwt' de kunstenaar - er zit flink wat diepte in haar werk - de indrukken die zij krijgt van beelden op (met name) Instagram. Vooral posts van beauty-influencers hebben haar onverdeelde interesse: haar 'opdringerige, hunkerende' kunstwerken gaan over het meest intieme en kwetsbare: ons lichaam. En daarmee ook over wat wij er voor doen om het 'perfect' te houden. Voor sommigen, met geen ander doel om daarmee zoveel mogelijk likes te krijgen.

In de installatie 'Slideshow 2016' van het kunstenaarsduo FLAME (bestaande uit Manuel Gnam, Duitsland 1982 en Taslima Ahmed, GB 1982) bekritiseert het artiestenstelletje de functie 'diavoorstelling' van de MacBook Pro. Blijkbaar kun je met zo'n Apple laptop heel snel een reeks kunstwerken bekijken, die 'voor het gemak' allemaal op hetzelfde formaat worden getoond (dat consumeert prettiger, denkt men). "Op die manier wordt het werk van Fernand Léger in het midden van de installatie even groot weergegeven als de monumentale Rothko aan de rechterkant, terwijl de Léger in werkelijkheid veel kleiner is." (aldus de zaaltekst). En daarmee vervormt het Apple-systeem een essentieel aspect van deze kunstwerken, namelijk hun grootte of schaal (zie foto 5).






8. 'Poor in World' van Heji Shin, 2012. 9. Zaaloverzicht met 10. het werk van Betty Tomkins, hier 'Woman Words (Raphael #5), 2018. 11. Sarah Lucas, Self Portrait with Fried Eggs', 1996. 12. Tenant of culture, Works and Days, 2018. 13. #memyselfandi bij het werk van Marlon Mullen, beiden 'Untitled', (l.) 2016 en (r.) 2017.
Op de 1e en 2e verdieping van de - aan de Grote Markt gelegen locatie Hal van het Frans Hals Museum zie je deel twee van de tentoonstelling en die is genaamd 'B.V. Kunst'. Het waarom wordt uitgelegd in de zaaltekst: 'kunst omwille van de kunst' is een verouderd begrip. "Kunst en ideeën zijn marktgoederen geworden en zijn deel gaan uitmaken van een grotere visuele economie."

Exemplarisch voor dat thema is het werk van de Zuid-Koreaan Heji Shin (1976 en zie foto 8). De compositiefoto 'Poor in World' toont een naakt à la het schilderij 'L'origine du Monde' van Gustave Courbet (uit 1866). Je weet wel: dat doek met het vrije zicht op een flink behaard vrouwelijk geslachtsorgaan. Heji Shin combineert dat beeld met een foto van een filiaal van de Deutsche Bank: één van de belangrijkste sponsoren in de kunstwereld, maar tegelijkertijd al jaren betrokken bij en verwikkeld in allerlei onverkwikkelijke financiële transacties. "Dit werk visualiseert onverbloemd het verband tussen kunst, geld en seks."

institutionele kritiek

De vertoning 'Beeldmacht. Kunst van kritiek in tijden van Tiktok' met het werk van 20 hedendaagse kunstenaars is (zoals gezegd) de eerste van drie exposities waarin het museum aandacht besteedt aan de kritische kunstpraktijk. ‘Institutionele kritiek’ is een kunstbeweging die tot bloei kwam in de late jaren ’60 en opnieuw in de jaren ’90 en - volgens het Haarlemse kunsthuis - nu weer helemaal actueel. "De stroming neemt de rol en werking van machthebbende kunstinstituten onder de loep, zoals musea, galeries en kunstbeurzen."

Loop daarom vooral ook door naar zaal 6 op de mooie zolder (2e verdieping). Daar zie je een uitermate verhelderende tijdlijn van deze beweging in tien kunstwerken. Uiteraard (zou ik willen zeggen) startende met Marcel Duchamp's urinoir ('Fountain', 1917). "Met zijn 'readymade' legde Duchamp de basis voor latere kunstenaars om vragen te stellen bij wat kunst zou kunnen zijn..."



14. Sarah Lucas, I just love blokes (single Urinal), 2002. 15. Bruno Zhu, A Maior. 16. De tijdlijn in 10 kunstwerken.
'Beeldmacht' is een mooie, tot nadenken-stemmende vertoning. 
Maak jij foto's van in de smaak (op)vallende kunstwerken?
En #artselfies?


-X-


KIJKWIJZER

Het museum is in ieder geval tot dinsdag 28 april gesloten. Dit in verband met de door de regering afgekondigde maatregelen met betrekking tot het coronavirus.

  • "Beeldmacht, Kunst in tijden van TikTok' is te zien tot en met 24 mei. 
  • neem bij de balie de (gratis) hand out mee voor de broodnodige verdieping;
  • trek er zo'n uur, anderhalf uur voor uit (tenzij je de videokunst wil uitzitten: dan ben je wat langer onder de pannen);
  • Deel 2 en deel 3 van deze drieluik zijn geprogrammeerd voor (resp.) 7/11/20 t/m 28/2/21 (in Hal) en van 28/11/20 t/m 14/03/21 (in Hof);
  • Onderdeel van de tentoonstelling is een publieksprogramma in samenwerking met de Gerrit Rietveld Akademie Amsterdam en het Goethe-Institut Niederlande.
  • Kijk op de website voor bezoekersinformatie en de agenda.
Fijne combi: museumbezoek en een patatje mét toe....
Tekst en alle (iPhone)foto's: @MiriamvanderMeer | www.agreylady.nl (behalve de 1e foto: zie bijschrift).

Auto Post Signature

Auto Post  Signature