'In the Picture', Vincent van Gogh en anderen in het Van Gogh Museum

22 februari 2020
Je kunt er ook in doorschieten en dan is er sprake van een ziektebeeld, namelijk (chronische) 'Selfitis'. Met die term wordt de obsessieve drang tot het maken van (liefst perfecte) selfies aangeduid. Vincent van Gogh maakte er - zover bekend - vijfendertig. Dat is te zeggen? Er zijn 35 tekeningen en schilderijen bewaard gebleven waarop hij zichzelf te kijk zette.

In het Van Gogh Museum is sinds 21 februari de tentoonstelling 'In the Picture' te bewonderen en de vertoning "vertelt verhalen over identiteit en imago, in 77 portretten van en door kunstenaars". Ik stond eerder deze week oog in oog met Vincent van Gogh (meerdere keren zelfs), met Gustave Courbet, Thérèse Schwartze, Edvard Munch, Francis Bacon en anderen.
Hieronder volgt een celebrity smoelenboek. Kijk en lees je mee?



1. Vincent van Gogh, 'Zelfportret met verbonden oor', 1889. @The Samuel Courtauld Trust, The Courtauld Gallery, Londen. 2. Vincent van Gogh, Zelfportret, 18873. Vincent van Gogh, Zelfportret met grijze vilthoed, 1887.
We gaan eerst even terug in de tijd om de geschiedenis van het kunstenaarsportret (= een portret van én door een kunstenaar) te duiden. Een genre dat al eeuwenlang, vanaf de Egyptische en Griekse oudheid, onderdeel is van de beeldende kunst. Maar waren kunstenaars - beeldhouwers en schilders - in de Middeleeuwen nog 'gewone' ambachtslieden, vanaf de vroege Renaissance (15de eeuw) kregen ze steeds meer aanzien.
Vanaf die tijd werden zij gewaardeerd en bewonderd om hun creatieve kwaliteiten en van daaruit ontstond er ook interesse in het kunstenaarschap an sich. Ze kregen heuse fangirls en -boys.
Net als nu (bij Facebook en Instagram), wilde de volgers weten met wie - met welke 'influencers' - ze van doen hadden. Mensen raakten geïnteresseerd in het werk, maar ook het leven én het uiterlijk van de artiest. Vandaar dat die kunstenaars, als visitekaartje én als proeve van hun bekwaamheid portretten van zichzelf gingen maken. En hebbes: daarmee was het zelfportret als zelfstandige categorie geboren.

do-it-yourselfie

Het was ook niet ongebruikelijk dat de kunstenaar zichzelf een plekje gunde in zijn eigen werkstuk. Beroemd is het huwelijksportret dat Jan van Eyck maakte van het echtpaar Arnolfini (1434), met daarin het zelfportret van de schilder. Zijn gedaante is te bespeuren in de spiegel aan de wand, alsof hij getuige was bij het huwelijk*. Rembrandt verwerkte zijn zelfportret - als ware het een signatuur, in enkele vroege historiestukken. Architect Pierre Cuypers liet rond 1885 zijn beeltenis aanbrengen - hij voerde het niet zelf uit - aan de buitenkant van het door hem ontworpen Rijksmuseum.

kunstenaarsportret

"In de loop van de 19de eeuw wordt het portret als genre steeds populairder. Daarbij is er een groeiende interesse in de kunstenaar als creatief genie", met als gevolg dat het zogenaamde 'kunstenaarsportret' een enorme hit werd.






1. (Links) Thérèse Schwartze, Portret van Lizzy Ansingh, 1902 en (rechts) Anton Mauve, Zelfportret, ca. 1884-1888. 2. Jan Verkade, Zelfportret, 1891-1894. 3. Thérèse Schwartze, Zelfportret met palet, 1888. 4. John Singer Sargent, Carolus-Duran, 1879. 5. (Links) Paula Modersohn-Becker, Zelfportret met barnstenen ketting, ca. 1905 en (rechts) Helene Schjerfbeck, Zelfportret zwarte achtergrond, 1915. 6. Emily (Milly) Childers, Zelfportret, 1889.
En dat is precies het moment dat wij instappen: in het Van Gogh Museum geven de 77 portretten "een veelzijdig beeld van de rijkdom aan zelfportretten en portretten die kunstenaars van elkaar maakten" in de periode van 1850 tot 1920. Maar er is ook werk van recentere datum. 

zien en gezien worden

De motieven om een zelfportret te maken lopen uiteen. Soms werd of wordt zo'n kunstenaarsportret in opdracht gemaakt, soms dient het als studiemateriaal, is het aanleiding tot zelfonderzoek, -expressie en reflectie of dient het als middel om te experimenteren met verschillende stijlen. Zo ontstond er een aantal 'kunstenaarstypen'. Denk aan de bohémienne artiest of juist de societyschilder.
En niet onbelangrijk: jezelf als onderwerp nemen is wel zo goedkoop en je hebt altijd een plooibaar en gewillig model voorhanden. Als teken van hun vriendschap maakten kunstenaars vaak ook portretten van elkaar.

(selfie)psychologie van de koude grond

Daarnaast is een zelfportret een momentopname én een eerste indruk waarmee wij (dit geldt heden ten dage ook voor de doorsnee do-it-your-selfie) de toeschouwer willen tonen hoe wij ons zelf zien, en bovendien en belangrijker, hoe wij gezien willen worden. En wanneer het een eerlijke voorstelling van zaken geeft (dus niet de duck face van het 'cultuurproletariaat'), dan toont het een glimp; een spoor van iemands innerlijk. Van zijn of haar ziel. Het kunnen hele moedige en eerlijke verbeeldingen zijn van de psyche van de geportretteerde. De verbeelder geeft openheid van zaken.

En wie kent hem niet: rode baard, groene ogen, hoge jukbeenderen, vaak serieus en in sommige gevallen een verwilderde blik. Dus niet voor niks geprogrammeerd in het Van Gogh Museum: heel vaak toonde Vincent van Gogh zich heel weerloos en gevoelig op het doek






1. Camille Pissarro, Portret van Cézanne, 1874. 2. John Russell, Vincent van Gogh, 1886. 3. Zaaloverzicht. 4. Mina Carlson-Bredberg, Zelfportret, 1899. 5. Vincent van Gogh, Zelfportret als schilder, 1997-1888. 6. Chaïm Soutine, Zelfportret, ca. 1918. 
'Stralend' middelpunt (niet zo kies gekozen woord in dit verband) is 'Zelfportret met verbonden oor' uit 1889 (en al enige tijd te leen van The Courtauld Gallery in Londen). "Dit iconische schilderij met een verband om zijn hoofd, toont een kwetsbare en tegelijk krachtige kunstenaar: hij had het moeilijk en tóch bleef hij schilderen. Het canvas vertelt iets over de identiteit, het imago, de zelfbeschouwing en het lijden van de kunstenaar."
Ook te zien is het recentelijk daadwerkelijk aan Van Gogh toegeschreven 'Zelfportret' (ook) uit 1889 en eigendom van het Nasjonalmuseet in Oslo. De kunstenaar maakte het toen hij herstelde van een zware psychose. Op dat moment nog net niet over 'de rand gevallen'.

lijden voor én door de kunst

Iedereen herkent Vincent van Gogh in één oogopslag en dat is dan gebaseerd op het beeld dat de schilder van zichzelf gaf. Door de vele openhartige brieven die hij schreef én door zijn zelfportretten. Want er is maar één foto van de getroebleerde, maar geniale kunstenaar. Het Van Gogh Museum bezit een portretfoto van Vincent op 19-jarige leeftijd (dus uit 1873). Het is een opname van een jongeman in een net pak met een, door zijn gefronste wenkbrauwen, serieuze aanblik.

grote namen en nieuwe gezichten

Veel kunstenaars raakten geïnspireerd door Van Goghs zelfportretten. Vandaar ook dat er plaats is ingeruimd voor penseel-artiesten die hun waardering hebben laten blijken door zelf aan de slag te gaan met het kunstenaarsportret. Je ziet bijvoorbeeld werk van de Iers-Britse Francis Bacon en 'onze' Emo Verkerk, die de enige foto van Vincent als thema nam voor zijn doek genaamd 'Vincent als filiaalmanager (2015). En hoera! In de tentoonstelling ook dertien gezichten van of door vrouwen, waaronder Charley Toorop en Thérèse Schwartze.

En waarom dan niet het thema doorgetrokken? In het trappenhuis hangen 66 fotoportretten van leerlingen van Amsterdamse scholen: een project in samenwerking met kunstenaar Maarten Bel. Loop ook even door naar de bovenste etage - naar het prentenkabinet - want daar vind je allerhande kunstenaarsportretten op papier.






1. Vincent van Gogh, Zelfportret met strohoed, 1887. 2. Jean-Léon Gérôme, Werken in marmer, of De kunstenaar die Tanagra beeldhouwt, 1890. 3. Zaaloverzicht. 4. Francis Bacon, Studie voor 'Portret van Van Gogh IV', 1957. 5. Rainer Fetting, Van Gogh, 1980. 6. Francis Bacon, Eerbetoon aan Van Gogh, 1960. 
En tot slot: voor de kunstenaars gold (en geldt) dat als je stiekem hoopt onsterfelijk te worden, dan is een zelfportret daarvoor natuurlijk een uitstekend middel.

Vandaar een paar selfie-tips! (1) Fotografeer jezelf nooit recht van voren. Dat maakt je gezicht plat; (2) Zorg dat je je smartphone een beetje boven je hoofd houdt; (3) Zorg voor voldoende licht; (4) Doe je kin een heel klein beetje omlaag (maar pas op voor de onderkin); (5) Zet je flits uit; (6) No duck face (dat is zóóó het vorige decennium...) en tot slot (7) Adem in, en daarna vooral ook  weer uit. (**)


-X-


KIJKWIJZER

  • In the Picture is te zien tot en met 24 mei 2020
  • er is een handzame catalogus te koop met informatieve bijdrage en alle portretten van de deelnemende kunstenaars (€ 24,95)
  • er is een audiotour beschikbaar (€ 5,-), naast het Nederlands, in nog 10 talen
  • dan de web.app met 70 korte biografieën: https://itp.vangogh.nl/
  • op drie zondagen (23/2, 5/4 en 3/5) kun je (drie verschillende) lezingen bijwonen
  • voor alle activiteiten rondom de tentoonstelling verwijs ik naar:  https://www.vangoghmuseum.nl/nl/plan-je-bezoek
  • want LET OP! Tickets voor het Van Gogh Museum (ook voor personen met een Museumkaart) zijn alleen online te bestellen: tickets.vangoghmuseum.nl


1. Emo Verkerk, Vincent als filiaalmanager, 2015. 2. Ook aandacht voor de films waarin Vincent van Gogh de 'hoofdrol' speelde. Hier het affiche voor 'Lust for Life' (Franse editie), 1955 (met de recent overleden acteur Kirk Douglas in de rol van Van Gogh). 3. Guillaume Bruère, 12.09.2019 (No. 1-9), 2019.
Tekst en alle (iPhone)foto's: @miriamvandermeer | www.agreylady.nl, behalve de eerste (zie bijschrift).
Bronnen: cultuurwijzer*, het blog van Else Kramer**

Caravaggio-Bernini. Barok in Rome in het Rijksmuseum Amsterdam

15 februari 2020
Laat dat maar aan de Italianen over. Meesters in het met veel bombarie uiten van gloedvolle emoties (en ja, ik weet het: heel politiek incorrect, want een kwalijk cliché). Ma bene... 
Dat temperamentvolle behoort tot affetti: het woord voor een heel scala aan gevoelens. En in de vroege barok - eerste helft zeventiende eeuw - was het al niet anders: nergens lag de gevoelstemperatuur zo hoog als in Rome en omstreken, met als grote roergangers de "briljante schilder Caravaggio en de geniale beeldhouwer Bernini".

Deze bijzondere begaafdheden (briljant en geniaal) van de genoemde kunstenaars zijn sinds 14 februari te bewonderen in de tentoonstelling 'Caravaggio-Bernini. Barok in Rome' in het Rijksmuseum in de hoofdstad.
Ik ben helemaal om en geef me over.
Nu jij nog...!



1. Bernini, Medusa, Rome, 1638–1640, Rome, @ Musei Capitolini, Palazzo dei Conservatori. 2. Caravaggio, 'Narcissus', ca. 1600. 3. Giuliano Finelli, 'Kardinaal Scipione Borghese', 1632. 
Even een lesje Italiaans, want leidraad voor de nieuwe stroming onder toonaangevende kunstenaars aan het begin van de 17e eeuw was het weergeven van emoties of affetti. We doen er een paar, dus zeg mij maar na: meraviglia, vivezza, moto, scherzo, terribilità en - natuurlijk - amore...*
We zijn dus in Italië, want daar is het begonnen. De Eeuwige Stad - Rome - was indertijd creatief gezien de hotspot en place to be. Een "internationale snelkookpan vol nieuwe artistieke ideeën en initiatieven. Dit bruisende klimaat bleek de voedingsbodem voor een nieuwe stijl, die pas veel later de barok zou worden genoemd."
* achtereenvolgend: verwondering; levendigheid; beweging; scherts; afschuw en liefde.

hoge gevoelstemperatuur

Maar laat ik bij het begin beginnen. De tentoonstelling in het Rijksmuseum handelt over de barok in Rome met in de hoofdrol schilder Caravaggio, 1571-1610, voluit Michelangelo Merisi da Caravaggio (dus 'uit Caravaggio' en zijn geboorteplaats werd - en niet ongebruikelijk - zijn 'artiestennaam') en de beeldhouwer Gian Lorenzo Bernini, 1598-1680, aangevuld met enkele kunstzinnige kornuiten.
Ik citeer vanaf de website van het Rijksmuseum om je in te leiden in deze materie, want waarom moeilijk doen? "Zij (Caravaggio en Bernini) introduceerden een nieuwe kunsttaal, waarbij niet langer elegantie de norm was, maar het oproepen van emoties. Theatrale kunst met drama, dynamiek en bravura. Een kunst waarbij schilder- en beeldhouwkunst en architectuur innig samenwerkten. Een revolutie in de westerse kunst, die in Rome begon en in heel Europa zijn sporen naliet."

Goed. Tot zover en nu pak ik het weer over. Want dan moet je weten dat deze vernieuwende, vroege (Italiaanse) barok - ruwweg tussen 1600 en 1640 - grotendeels aan de Noordelijke Nederlanden voorbij ging. De kunststroming was hier in ieder geval veel minder weelderig, uitbundig en flamboyant. 'Wij' waren immers protestants: ingetogen en sober. De puriteins-calvinistische doe-maar-gewoon-dan-doe-je-al-gek-genoeg-mentaliteit. Van die dingen. Zo anders dan in het Katholieke zuiden.






1. Caravaggio, 'Maffeo Barberini', ca. 1596-1597. 2. Toegeschreven aan Domenico Zampieri (Domenichino), 'Giovanni Battista Agucchi', ca. 1604 of ca. 1615. 3. Bernini, 'Kardinaal Armand-Jean du Plessis, duc de Richelieu', 1640-1641. 4. Zaaloverzicht 5. Bernini, 'Thomas Baker', ca. 1637-1638. 6. Caravaggio, 'Fra Antonio Martelli als ridder in de orde van Malta', ca. 1607-1608.
Rond 1600 kreeg de schavuit Caravaggio (en dat schrijf ik niet voor niks: hij had een behoorlijk slechte reputatie als een opvliegende vechtersbaas) in Rome enorm succes met zijn realistische schilderijen. Hij verbloemde niets: ook voor het 'lelijke' was plaats. Want zijn heiligen hebben ook rimpels; hun kleren kunnen gescheurd zijn, we zien zichtbare aderen en spieren, de voeten soms vies en nagels met een rouwrandje. Hij plukte zijn modellen - boeren, burgers en buitenlui - gewoonweg van de kasseien. Geen edele trekken, maar volkse tronies (en soms die van zichzelf).

opvliegende vechtersbaas

Ook het licht-donkercontrast (clair-obscur) was tot dan toe niet zo dramatisch als op de doeken van Caravaggio. Er valt veel (of alleen) licht op dat wat hij het belangrijkste element in de afbeelding vond. Je ziet ook theatrale lichtbundels waaruit Bijbelse figuren opdoemen.
Feit is, dat alle kunst toentertijd nog geheel in het teken stond van de verspreiding van het (Rooms) Katholieke geloof. Kunst moest de Kerk dienen en de religieuze thema’s waren een uitgelezen manier om de Bijbelverhalen - als in een toneeluitvoering, maar dan op doek of gehouwen in steen - aan de goegemeente over te brengen. De massa was immers ongeletterd.

Hoe realistischer (vivacità = levensecht, bewegelijk) hoe beter en dat was het nieuwe. Des te meer dramatiek in de verbeelding, hoe meer het grauwe gepeupel onder de indruk zou zijn. Een indringende blik, een draaiing van het hoofd, een geopende mond alsof de geportretteerde op het punt staat ons iets te vertellen of iets uit te schreeuwen. Het bloed spuit eruit en geen gruwel wordt vermeden. Bloed, zweet én tranen om de toeschouwer angst aan te jagen.
En dat alles ter meerdere eer en glorie van de godsvruchtig- en godsvrezendheid. De emotionele overrompeling van de meute werd in de vroege, Zuidelijke barok op waarde geschat en door de Kerk verregaand gepromoot en dat effect op de toeschouwer werd wel terribilità (= schrik) genoemd.

bloed, zweet en tranen

Caravaggio's kunst kreeg veel volgelingen (de zgn. Caravaggisti), waarvan er ook enkele te zien zijn in de tentoonstelling. Hij werd niet oud: slechts 38 jaar en doodsoorzaak was waarschijnlijk malaria of een griepvirus.






1. Annibale Carracci, 'Venus en Adonis',  ca. 1600-1625. 2. Francois du Quesnoy, 'Rondinini-faun', ca. 1630-1635. 3. Carlo Saraceni, 'Het martelaarschap van Sint-Cecilia', ca. 1610. 4. Alessandro Algardi, 'Jonge sater met het toneelmasker van Selenius', 1628.. 5. Orazio Gentileschi, 'Het offer van Isaak', ca. 1612. 6. Francesco Mochi, 'Paard in volle draf', ca. 1616-1617 en op de achtergrond Ludovico Carracci, 'Sint-Sebastiaan in de Cloaca Maxima geworpen', 1612.
Een paar jaar na de dood van Caravaggio (in 1610) kreeg Bernini* - naast beeldhouwer ook architect, tekenaar en schilder - grote bekendheid met een aantal dramatische en levensechte beelden. Hij slaagde erin om in het marmer op zeer overtuigende manier de suggestie van huid, vlees, haarlokken en draperieën te houwen. Onder zijn handen vertoonde het marmer zich soms haast doorzichtig.
Als je inzoomt, dan zie je hoe gedetailleerd en levensecht zijn 3D-masterpieces zijn. Een net niet helemaal dichtgeknoopte wambuis; een schalkse blik of knipoog; gespannen, knijpende vingers in een dijbeen. Prachtig opengewerkte haarlokken die speels voor de ogen van de kopstukken hangen en kunstig opengewerkte kanten kragen (uiterst riskant maakte met een, toen nogal 'primitieve' steenboor).
In Rome zijn heel veel beelden van Bernini 'in het wild' te bewonderen. Ik noem er een paar. Midden op Piazza Barberini staat een fontein van Bernini’s hand, de Triton-fontein; de ronde vierdubbele zuilengang op het Sint-Pietersplein (volgens de kunstenaar "de moederlijke armen van de kerk") - met 284 zuilen en 88 pijlers - werd ontworpen door Bernini; (in ieder geval) twee van de tien engelen aan weerszijden van de Ponte Sant’Angelo, oftewel de Engelenbrug zijn van Bernini’s hand. De vierstromen-fontein (Fontana dei quattro fiumi) op de Piazza Navona werd gebeiteld door Bernini...

tableau vivant en strike a pose

Om moti (= beweging; dynamiek) op overtuigende manier over te kunnen brengen, hadden veel barok-kunstenaars banden met toneel(gezelschappen) en speelden zij soms zelf scenes na. Zij gingen theatraal doe-het-zelven om bepaalde poses uit te proberen en ze maakten soms ook props, rekwisieten, die als voorbeeld dienden voor afbeelding op een schilderij of beeld.
(Een van de zaalteksten:) "Bernini ging zelfs zo ver dat hij - om een gepijnigd gezicht te kunnen weergeven - zichzelf in een spiegel bestudeerde, terwijl hij zich brandde aan gloeiende kolen."

hoogtepunt(en)

Basta! Een tentoonstelling van de bovenste plank! Meer dan zeventig meesterwerken van Caravaggio, Bernini en hun tijdgenoten kunnen in het Rijksmuseum onderworpen worden aan een grondige bestudering. Want dat raad ik je aan: alle reden om de kijktijd te nemen en in te zoomen op alle geweldige details in en aan de getoonde kunstwerken.
Veel lof ook voor de mannen van Formafantasma: het Italiaanse vormgeversduo dat het ontwerp voor de tentoonstelling maakte. Rustig, modern en smaakvol met mooie doorkijkjes en zichtlijnen. Want ja, een dergelijke expositie vormgeven is een vak apart. Het kan een vertoning maken of breken. Ik heb slechts één 'maar' en dat zijn de in de zalen geplaatste bankjes. Die hebben niet zoveel om het lijf...






1. Frits Scholten, samensteller van de expositie, wordt tijdens de persvoorbeschouwing geïnterviewd. 2. Caravaggio, 'Jongen gebeten door een hagedis', ca. 1597-1598. 3. model: Francois du Quesnoy, 'Plato en Aristoteles', voor 1635. 4. Carlo Saraceni, 'Judith met het hoofd van Holofernes', ca. 1610. 5. Zaaloverzicht. 6. Orazio Gentileschi, 'Judith en haar dienstmeid met het hoofd van Holofernes', ca. 1608-1609. 
Nou, het lijkt mij duidelijk: dit is een blockbuster-tentoonstelling met een hoge vermaakswaarde. En het aardige is, dat er allerlei activiteiten rondom de vertoning zijn geprogrammeerd (hieronder een opsomming).

Dus hoort, zegt het voort en subito naar het Rijksmuseum!


-X-


KIJKWIJZER
  • De expositie in de Philipsvleugel is te zien tot en met 7 juni 2020;
  • Er is een catalogus te koop met afbeeldingen van alle kunstwerken voor € 39,95 (maar eerlijkheidshalve moet gezegd dat die nogal kunsthistorisch-vaktechnisch van aard is. Niet iets voor op je nachtkastje...);
  • Er is een interessante podcast beschikbaar bij de expositie;
  • Dagelijks organiseert het Rijks rondleidingen. (Voor € 5 per persoon, excl. toegang). Van maandag t/m vrijdag om 14.30 uur en zaterdag en zondag om 11.00 en 14.00 uur;
  • De audiotour (te huur voor € 5 of gratis via de Rijks-apps) voert je langs 35 meesterwerken;
  • Er is een 'Italo Disco'; avondopenstellingen met een Italiaans tintje; muziekuitvoeringen; lezingen en een klassiek concert in de eregalerij. Meer informatie vind je op https://www.rijksmuseum.nl/nl/caravaggio-bernini
  • Algemene bezoekersinformatie vind je op https://www.rijksmuseum.nl/nl/bezoekersinformatie

Heb je een opmerking? Een vraag misschien? Laat dan gerust een reactie achter! (Dat kan onder dit weblog ↓ ).



1. Louis Finson, 'De extase van Maria Magdalena (naar Caravaggio) 1613. 2. Zaaloverzicht. 3. Artemisia Gentileschi, 'De extase van Maria Magdalena', ca. 1620-1625 of ca. 1630-1635. 
Tekst en alle (iPhone) foto's: @MiriamvanderMeer | www.agreylady.nl, behalve de 1e foto. 

Eddy Posthuma de Boer in Fotomuseum Den Haag | KUNSTFLITS

11 februari 2020
Voor babyboomers is het jeugdsentiment, voor iedereen jonger een tijdsbeeld. Nostalgie to the max en daarnaast zijn de foto's van Eddy Posthuma de Boer - want over hem heb ik het - exemplarisch voor 's mans maatschappelijke betrokkenheid. Het zijn indringende reportages over het echte leven. “Ik ben op zoek naar de wereld zoals zij werkelijk is”, aldus de fotograaf op leeftijd (1931).

"Fotomuseum Den Haag presenteert een grote tentoonstelling van deze levende legende waarbij de nadruk ligt op de jaren vijftig, zestig en zeventig", lees ik bij binnenkomst in de grote zaal. Hier een (kort) verslag van een expositie van zijn humanistische beeldwerk met een flinke dosis humor.
Kijk je mee?



1. Hoge nood, 1955. 2. Happy End autorijschool, Hasebroekstraat 29, Amsterdam, 1958. 3. De winkel is normaal geopend. Alle foto's: @ Eddy Posthuma de Boer.
Eddy Posthuma de Boer maakte in zijn lange carrière een groot aantal fotoboeken, waaronder eentje met de titel 'Buurtwinkels' en dit naslagwerk is representatief voor zijn handelswijze. In dit geval staat het vol met zwart-wit foto's van plaatselijke winkelpuien: het is een beeld van de Mokumse middenstand van de jaren zeventig. Heel grappig en ook te zien in de expositie in Fotomuseum Den Haag. Auto- en motorrijschool 'Happy End', boekhandel 'Ontwikkeling begint bij de Jeugd' of 'De kousenredder' aan de Palmdwarsstraat, waar dames de ladders in hun nylonkousen konden laten ophalen.

vraag niet hoe het kan, maar profiteer ervan...

Met veel liefde en oog voor detail maakte (of maakt, moet ik zeggen, want nog steeds actief) Posthuma de Boer - naast zijn journalistieke fotografie en 'paparazzi' beelden van celebs - 'verzamelingen'. Het zijn bundelingen van alle opmerkelijke, amusante zaken die hij op straat zag tijdens zijn omzwervingen. Object trouvés noemt het museum deze kleine collecties. Door de veelheid en het combineren van de beelden wordt het bijzonder.
In het boekje 'In 't Nest met de Rest' uit 1965 (en een korte film van Johan van der Keuken uit hetzelfde jaar) zie je een aantal van die selecties. Zo is er een sortering met namen op woonhuizen, zoals 'ons genoegen' en 'ons trio en de rest'. Winkels die zichzelf bij de royals scharen: zoals 'de pittenkoning' en 'de vleeswarenkoning'; een serie met 'paleizen' van dezelfde orde (accordeonpaleis; gordijnenpaleis; kaas- en vispaleis) en ook 'paradijzen' ('smulparadijs', 'schoenenparadijs'). Heel vermakelijk om die zo achter en naast elkaar te zien.

toen was geluk nog heel gewoon

"Uit het oeuvre van Eddy Posthuma de Boer spreekt een grote liefde voor de mens en een drang om de gedeelde menselijke ervaring vast te leggen. Geen enkel aspect van het leven laat hij daarbij onaangeraakt: hij zoomt in op drama, maar toont ook veel humor."
Posthuma de Boer is een straatfotograaf pur sang, zoals ook Ed van der Elsken en Dolf Toussaint dat waren. Ook hij behoort tot "de generatie van het existentialisme die hun individuele visie op de wereld centraal in hun werk stelde en niet meer geloofde in de mythe van de vooruitgang", volgens de website van het fotomuseum. 







1. Noord-Ierland, 1969. 2. Zaaloverzicht. 3. Melkboerenfiets, 1958. 4. Zaaloverzicht. 5. Atelier Couleur "voor moeilijke gevallen", 1974. 6. Remco Campert, 1967. 7. H. Ottevanger, Dierenarts.
Blijkbaar zit er aan het ontwapenend optimistisch werk van Posthuma de Boer ook een rafelrandje. Niet per se te zien in de expositie, maar onvermijdelijk als je in een loopbaan van ruim vijftig jaar en met reportages vanuit meer dan tachtig landen het menselijk bestaan vastlegt. Geen enkel aspect van het leven heeft hij ongemoeid gelaten en wat hij zag kán niet altijd even mooi zijn geweest. 


-X-


KIJKWIJZER
  • de expositie is te zien tot en met 26 april
  • tijdsbesteding: 1 tot 1½ uur
  • heel goed te combineren met een bezoek aan het naastgelegen Kunstmuseum, alwaar momenteel Breitner vs Israels veel bezoekers trekt
  • En voor de (klein)kinderen? Mwah? Niet echt, maar die kun je wellicht meelokken met een toezegging voor een bezoek aan Museon (ook in dezelfde straat)
  • Kijk voor je de deur achter je dicht trekt even op de website voor bezoekersinformatie https://www.fotomuseumdenhaag.nl/nl/plan-je-bezoek

Heb je een opmerking? Een vraag misschien? Laat dan gerust een reactie achter! (Dat kan onder dit weblog ↓ ). 



1. (Links) Aardmoeder, El Hierro, Spanje, 1982 en (rechts) De eerste foto van God (gedicht van Cees Nooteboom), El Hierro, Spanje, 1982. 2. Plate service vlug en goed, 1969. 3. Zaaloverzicht.
Tekst en alle (iPhone) foto's van de tentoonstelling: MiriamvanderMeer | www.agreylady.nl
Foto's: @EddyPosthumadeBoer

Auto Post Signature

Auto Post  Signature