Fashion Statements in het Amsterdam Museum: van hoepelrok tot street wear

20 april 2019
Wat wil jij uitdragen? Ben je een gedurfd type of hou je je liever op de vlakte? Ik heb het over je kleding, hé. Kies jij dan voor een krachtig fashion statement'* of loop je liever in onopvallend en gedekt? Ben jij een grijze muis of juist een paradijsvogel? Casual of überchique? Confectie of (haute) couture?
* kleding die je draagt ​​om aandacht te trekken en andere mensen te laten zien wie je bent.

In 'Fashion Statements, Mode en identiteit, toen en nu' in het Amsterdam Museum zetten zes succesvolle hedendaagse designers hun creaties naast én tegenover 75 kostuums en schoenen uit de achttiende en negentiende eeuw. Alle zes reflecteren zij op die historische collectie met een eigen thema. "Het is een dialoog tussen het heden en verleden; een uitwisseling van statements."
Loop je met me mee langs baljurken en huisjaponnen, korsetten, (gala)kostuums en crinolines, sneakers, muiltjes, street wear en (nog meer) high fashion?



1. het campagne-beeld van de tentoonstelling ©AmsterdamMuseum. 2. Bas Kosters, (twee van de drie) 'Slashed Fabrics three piece with dog on wheels: Collectie Permanent State of Confusion, 2015. 3. Vraaggesprek tijdens de perspreview. Op de foto drie van de zes deelnemers, vlnr Karim Adduchi, Bas Kosters en Ninamounah, met (uiterst rechts) gastcurator Marian Duff.
In het oorspronkelijk uit de Middeleeuwen stammende, voormalige Burgerweeshuis, ingeklemd tussen de Kalverstraat en de Nieuwezijds Voorburgwal, zie je een baljurk uit 1895 gemaakt van fluweel en struisvogelveren met een onwaarschijnlijk smalle wespentaille. De omvang op buikhoogte van deze deftige baljurk - ooit gedragen door Marie van Someren Brand-Zoethout, echtgenote van de eerste conservator van het Stedelijk Museum - is slechts 54 centimeter. En ter vergelijk: na meting op mijn eigen lijf op navel-hoogte, blijk ik bijna dubbel zoveel centimeters te meten, terwijl mijn BMI in orde is bevonden. (Okay, een beetje buikvet, dat wel...).

shape your body

Ook interessant: een zwangerschapskorset, ergens te dateren tussen 1890-1910 (en dat is nog maar ruim 100 jaar geleden!). Dit martel-werktuig (mijn woorden) - want al die keurslijven werden onmenselijk strak aangetrokken, met bovenstaand effect -  is te zien in dát deel van de expositie dat de toepasselijke naam 'Shape your body' mee kreeg.
Het thema hier is het (ver)vormen van het lichaam, want het vrouwelijk lichaam is - zoals gezegd - door de eeuwen heen in de meest onnatuurlijke vormen geforceerd. "Met hulpstukken als paniers, crinolines, onderrokken en korsetten werd het silhouet van de vrouw aangepast aan het op dat moment heersende vrouwbeeld", aldus de zaaltekst. Hier staan een aantal korsetten en (crinoline-) onderrokken opgesteld (dat zijn van die kooivormige, hoepelrok-constructies), die gecombineerd worden met drie ontwerpen van de jonge Ninamounah.

weg met het keurslijf

De in 2017 aan de Gerrit Rietveld Academie afgestudeerde Nederlandse ontwerper reflecteert op die vervormingen met haar "collecties met thema's zoals seks en fetsjisme, die schuren tegen de grens van wat wij comfortabel vinden", aldus de glossy Elle.
Ninamounah toont de lichaamsvormen die de maatschappij heeft onderdrukt. "Het lichaam is (lijkt) nooit goed genoeg." In de tentoonstelling zie je uit haar meest recente collectie: 'Evolve around me', drie ensembles van haar hand. En kijk bij één van die - schijnbaar heel draagbare 'mantelpakken' ook eens naar de achterkant. Die blijkt dan toch minder draagbaar dan op het eerste gezicht lijkt.

 




1. De baljurk van Marie van Someren Brand-Zoethout met wespentaille2. en 3. 'Shape your body': korsetten en hoepel-onderrokken én de ensembles van Ninamounah met ondeugend detail.  4. Een onderonsje: Bas Kosters, Tatyana van Walsem en museumdirecteur Judikje Kiers. 5. Allerlei japonnen in 'More is More' en 6. De moderne creaties van Marga Weimans.
Je bent wat je draagt en what you see is what you get. Kleding helpt om uiting te geven aan jouw identiteit. Wat je draagt kan je stemming beïnvloeden én het zegt iets over de manier waarop je naar de wereld kijkt. Maar naast de persoonlijke keuzes die je maakt met je outfit, is kleding ook onderdeel van een bredere boodschap.
"Het weerspiegelt de modetrends, die weer te maken hebben met sociale, culturele en politieke ontwikkelingen. Elke tijd heeft immers zijn eigen silhouet. Slank in de Empire (tot het begin van de 19de eeuw), in de Biedermeier (1815-1848) waren een laag decolleté, een hoge taille en pofmouwen heel erg modisch en daarna moest het vooral 'More is more': ronde of brede hoepel-rokken, rond 1860 op z'n hoogtepunt. Soms zelfs zo breed dat de dame in kwestie alleen zijdelings door de deur kon. Dergelijke jurken werden (worden) 'robe à la française' genoemd.

het op je heupen hebben...

De soms excentrieke stijl van ontwerper Marga Weimans sluit goed aan bij de betekenis van het silhouet in de mode: met haar designs onderzoekt ze het begrip 'volume'. In de expo staan drie jurken uit haar 'Debut'-collectie te pronken, waaronder een 'kamervullende'. Deze is gemaakt van allerlei materialen uit de bouwmarkt en die - net als de historische robes - in vorm wordt gehouden door een koepelconstructie van metaal. "Met de pracht van haar jurken spreekt Weimans ook kritiek uit op de geschiedenis van de slavernij, die met textiel en daardoor ook met mode (denk aan de katoenpluk op de plantages, red.) is verweven" (lees ik in het 'leenboekje').

Ook Karim Adduchi heeft iets met 'omvang'. In 'Hips don't lie' zien wij zijn interpretatie van de robe à la française van de 21ste eeuw (uit zijn collectie 'She knows why the caged bird sings, 2015).
Zijn jurken zijn groot met veel textiel, maar voelen toch licht aan. Sterk, maar fragiel: een dualiteit die de ontwerper ziet bij vrouwen. Met het gebruik van traditioneel Berbers en Marokkaans handwerk, gaat Adduchi terug naar zijn roots."






1. Zaaloverzicht. 2. Bas Kosters, deel van 'Pastel Prince' (Coll. Permanent State of Confusion, 2015). 3. Drie historische japonnen. 4. Bas Kosters, deel van 'Dutch flag anti suit' (2015). 5. Drie robe à la française en 6. 'Hips don't lie' met twee (van de drie) interpretaties van Karim Adduchi
(Ik zal een beetje tempo moeten maken, want zo schiet het niet op...).
En voortbordurend (hoe toepasselijk) op het thema 'Prints in fashion & Embroidered bodies' zie je in de expo prachtig versierde, lees geborduurde japonnen en herenvesten (sommigen zo kwetsbaar, dat ze maar een beperkte periode geëxposeerd kunnen worden). Ook hergebruik en verstellen komt in dit deel aan de orde en als er iemand is die, én gek is op hergebruik, texturen, opsmuk en felle kleuren en daarnaast niet terugdeinst voor een printenmix van-heb-ik-jouw-daar, dan is het Bas Kosters. Voor menigeen ietwat over de top, maar altijd vrolijkmakend zie je zijn creaties in een mooi, knallend rood decor. (Ik ben fan!)

niet voor grijze muizen

Goed: nog twee te gaan. Wij meanderen door naar de zaal met 'Shades of black', waar het duo achter Art Comes First hun fascinatie voor zwart tentoonspreiden. "Voor Art Comes First is 'black' veel meer dan een kleur. Het staat voor liefde voor alles wat zwart is: black culture, black music, black love. Sam Lambert en Shaka Maidoh heroveren zwart."
Zwarte kleding dragen was ooit alleen weggelegd voor de elite, de upper class én rouwenden: nu is zwart een statement. Black is beautiful! Punk, gothic, artistiek, rebels en/of activistisch.

sneakerfreaks en stoute schoenen om aan te trekken

Tenslotte gaat het bij 'Not made for walking' om schoenen(fetish) door de eeuwen heen. Collector's items, geborduurde muilen, sneakers, aftrappertjes, (lak)schoenen voor op je Paasbest en je eigen schoenenverzameling in de inloopkast.
De mannen van PATTA - straattaal voor '(sport)schoen' - zijn er groot en beroemd mee geworden. Sinds 2004 zijn founders Edson Sabajo en Guillaume Schmidt een begrip onder sneakerfreaks.
In "Fashion Statement' worden drie van hun sneakers (Patta x KangaROOS, Patta x NIKE en Patta x Fila) breed uitgemeten naast schoentjes en (enkel-)laarsjes die eigenlijk te mooi zijn om te dragen (en daarom soms alleen voor in huis).





1. Zaaloverzicht. 2. Zaaloverzicht met ontwerpen van Art Comes First. 3. Witte japonnen 'á l'antique' (geïnspireerd op Griekse en Romeinse beelden). 4. en 5. Schoenen, muiltjes en sneakers van PATTA in 'Not made for walking'. 
Chapeau! voor (gastcurator en oprichter van MAFB*) Marian Duff, Judith van Amelsvoort (als conservator van het Amsterdam Museum) en (ook petje af) voor tentoonstellingsontwerper Tatyana van Walsem die - ondanks (of misschien wel mede door) de uitgesproken en soms felle kleuren van het decor - een mooi, rustig beeld wist te creëren.

talk of the town

Ik zag in het Amsterdam Museum een overzichtelijke expositie, waarin alle creaties volledig tot hun recht komen.
Inclusief en divers. En zo hoort het ook.


-X- 


Het mag duidelijk zijn: hoort, zegt het voort!
Deze expositie-van-de-bovenste-plank kunt je bezoeken t/m 8 september. Kijk even op de website voor bezoekersinformatie.

* Stichting Music And Fashion Battle (MAFB) is een in 2008 opgerichte community voor beginnende en jonge mode- en kunstvormgevers. Zij interesseert een jonge, cultureel diverse generatie voor modevormgeving door scouting, coaching en ontwikkeling. Deze verbindt zij met mode- en kunstprofessionals (bron AFK).



Tekst en alle (iPhone)foto's: ©MiriamvanderMeer | www.agreylady.nl, tenzij anders vermeld.

World Press Photo 2019 in De Nieuwe Kerk in Amsterdam

16 april 2019
Exclusief voor iedereen! Sinds 13 april zie je in De Nieuwe Kerk in Amsterdam de wereldpremière van World Press Photo 2019, oftewel de internationale persfotowedstrijd. Zoals altijd hangt de Koninklijke kerk vol met alle, ruim 150 bekroonde foto's en video’s én - dit jaar voor het eerst - ook met 'the story of the year'. De Nederlands/Zweedse fotograaf Pieter ten Hoopen won afgelopen donderdag de prijs in deze nieuwe categorie met zijn serie 'The Migrant Caravan': een fotoreportage over de grootste migrantenkaravaan in de recente geschiedenis: een 'volksverhuizing' van zo'n 7000 personen, waaronder ten minste 2300 kleine kinderen, die naar Amerika probeerden te vluchten.

Hieronder volgt mijn selectie van hoogtepunten van de 62ste editie van World Press Photo. Ik maakte deze impressie in het zonovergoten en al zo'n 500 jaar oude, geweldig mooie Godshuis op de Dam.



1ste foto: Yanela Sanchez huilt terwijl haar moeder wordt gefouilleerd aan de Amerikaans-Mexicaanse grens | John Moore / Getty Images.
Wat een entourage! De Nieuwe Kerk - en die naam is een gotspe, want het gebouw stamt al uit het begin van de vijftiende eeuw - heeft een magische uitstraling. Neem dat prachtig vergulde koorhek uit circa 1650 en de uit eikenhouten gestoken preekstoel uit 1649-1664. Kijk vooral ook eens omhoog: de glas-in-lood-ramen dateren uit verschillende tijden en sommige zijn aangebracht ter (na-)gedachtenis aan een specifieke gebeurtenis.
Zo zie je het Kronings- of Inhuldigingsraam van glazenier Otto Mengelberg uit 1898, geplaatst ter gelegenheid van de inhuldiging van koningin Wilhelmina. Dan zijn er de gedenkramen uit 1938 ontworpen door Van Konijnenburg en Nicolas naar aanleiding van haar veertigjarig regeringsjubileum; het Bevrijdingsraam uit 1995 van Toon Verhoef én het in 2005 geplaatste glas-in-lood-raam 'Een tuin van glas' (2005) van de hedendaagse kunstenaar Marc Mulders, dat het zilveren regeringsjubileum van voormalig koningin Beatrix memoreert (bron: Wikipedia).

internationaal fotoconcours: breaking news...

Goed, dat voor wat betreft die uitgelezen ambiance. Over tot de orde van de dag en dat is de World Press Photo, editie 2019. Naar aanleiding van de voorgaande versies van deze prestigieuze fotoprijs zijn er heel veel winnende foto's iconisch geworden. Neem die van het blote 'napalm-meisje' uit 1972, gefotografeerd tijdens de Vietnam-oorlog of dat beeld gemaakt in 1989 van de 'tank man' op het Plein van de Hemelse Vrede in Peking.
In de Nieuwe Kerk is een 'eregalerij' ingericht, waar alle winnende foto's breed wordt uitgemeten én er is een kleine selectie van foto's (soms ook gesigneerd) onder de noemer 'World Press Photo Iconic Originals'. Ik heb op die vertoningen slechts een vluchtige blik geworpen, want - hoewel altijd beeldbepalend voor dat specifieke jaar én vaak perfect van compositie en heel kunstzinnig in scherpte|diepte - word ik van die confronterende foto's niet vrolijk. 
Maar ja, wie wel?







Wat velen niet weten, is dat de internationale fotoprijs een Nederlandse oorsprong heeft. (En het nu volgende citaat plukte ik simpelweg van de website). "In 1955 organiseerde een groep Nederlandse fotografen een internationale wedstrijd om hun werk aan een wereldwijd publiek te (kunnen) laten zien. Sindsdien is het concours uitgegroeid tot 's werelds meest prestigieuze fotocompetitie en reist de tentoonstelling met alle winnende foto's en video's de wereld rond om daarmee miljoenen mensen te bereiken."
En zo is het maar net, want de start van deze reizende expositie is altijd in de Nieuwe Kerk en vervolgens doet de fotogalerij zo'n honderd steden aan (waaronder Zutphen en Groningen) in 45 verschillende landen. De kalender van de tentoonstelling vind je hier.

verhalenvertellers: verrassend, uniek, relevant en memorabel

Al zes decennia werkt de onafhankelijke en non-profit World Press Photo Foundation (WPPF) vanuit een kantoor in Amsterdam. De jury - die dit jaar onder leiding stond van Whitney Johnson, vice president bij National Geographic (USA) - maakte een selectie* van de meest indringende, bijzondere en kwalitatief hoogwaardige beelden uit de visuele journalistiek van het afgelopen jaar (in dit geval dus 2018). Inmiddels is het een respectabele en toonaangevende prijs, want fotografen uit de hele wereld hopen op erkenning van hun werk in de categorieën Milieu, Hedendaagse kwesties, Algemeen nieuws, Lange-termijn-projecten, Natuur, Portretten, Sport en 'Hard nieuws' (in het Engels: spot news) en bij al deze categorieën wordt er onderscheid gemaakt tussen 'enkele foto's' en 'series'.
En hoewel de meeste foto's in de expositie indringend en confronterend zijn, kreeg de laatstgenoemde groep, 'hard nieuws' die naam - spijtig genoeg - niet voor niks.
* voor deze 2019-versie waren er 78.801 inzendingen.

ramptoerisme versus komkommernieuws

De makers van de 14 prijswinnende foto's kregen ieder een bedrag van € 10.000 op hun bankrekening bijgeschreven. De bijbehorende oorkonde werd donderdagavond 11 april tijdens een groots opgezet gala in de Westergasfabriek (volgens het NRC "als een soort oefening voor een live, Oscar-achtig tv-evenement in de nabije toekomst"), uitgereikt door prins Constantijn, sinds 2008 beschermheer van de WPPF.







In voorbereiding op mijn bezoek aan de Nieuwe Kerk googelde ik wat op "World Press Photo" en aanverwante zaken en daarbij viel mijn oog op deze uitspraak: "fotojournalistiek is een van de meest oprechte vormen van communicatie."
Foto's liegen niet, toch? Hoewel? Deelnemende fotografen zijn verplicht de ethische code te accepteren en alle winnende foto's worden geverifieerd. "Zo kan men erop vertrouwen dat de foto's situaties weergeven waarvan de fotograaf ook echt getuige is geweest."
De beelden van World Press Photo zijn over het algemeen spectaculair en hebben een enorme nieuwswaarde. Het NRC kopte bijvoorbeeld: "migratie naar de VS domineert bij winnaars World Press Photo". Dus, het lot van migranten (al dan niet legaal), oorlog en geweld én de klimaatverandering en de zeespiegelstijging zijn (ook dit jaar weer) hot topics.

"pas op, nu volgen schokkende beelden..."

Als ik de foto's in de categorie 'spot news' bekijk, dan ga ik snakken naar komkommernieuws. Wat een ellende in de wereld (...) en die narigheid levert nu eenmaal fascinerende, maar meestal ook schokkende beelden op.
De foto's zijn heel nauwkeurig (1), eerlijk (2) en boeiend qua inzicht op onze wereld (3), want dat zijn de criteria waarop de jury de persfoto's beoordeelt. Maar ik kan niet altijd lang (genoeg) naar die afbeeldingen kijken. Noem me een watje (een 'nieuwsmijder' desnoods) - I don't care - ik hoef niet per se een stomp in de maag. Ik kijk dan toch liever naar de foto's in andere categorieën zoals Natuur, Portretten en Sport.



1. De allereerste winnende World Press Photo was deze sportfoto van de Deense fotograaf Mogens van Haven in 1955.
Wat je er ook van vindt, sinds afgelopen zaterdag zijn de ruim 150 prijswinnende foto's te zien in de jaarlijkse expositie in De Nieuwe Kerk in Amsterdam. En die kerk is sowieso de moeite waard om eens van binnen te bekijken. Zeker als de zon via die prachtige glas-in-lood-ramen naar binnen schijnt.


-X-



Wat een prachtige ambiance voor de soms/vaak/meestal harde, in een enkel geval ontroerende, maar altijd nieuwswaardige beeltenissen van World Press Photo 2019. Te zien tot en met zondag 7 juli 2019, dus go, go, go!



Tekst en alle (iPhone)foto's: ©MiriamvanderMeer | www.agreylady.nl, tenzij anders vermeld.

Stedelijk Museum: Maria Lassnig met 'Ways of Being' én 'Hybride Sculptuur'

8 april 2019
De titel van de tentoonstelling is nogal filosofisch, want 'Ways of Being' kun je letterlijk vertalen als 'manieren van Zijn'. In dit geval is het háár manier van zijn, want de Oostenrijkse kunstenaar Maria Lassnig (1919-2014) - die wel wordt beschouwd als een van de belangrijkste kunstenaars van de twintigste eeuw - maakte naam met haar 'body awareness'-stukken. Schilderwerken in het teken van lichaamsbewustzijn. De mindfulness 'bodyscan' avant la lettre...

Ter gelegenheid van de honderdste geboortedag van de kunstenaar, is er in het Stedelijke Museum in Amsterdam - en voor het eerst in Nederland - een overzichtstentoonstelling van haar werk te zien. De expositie bevat zo'n 250, soms niet eerder vertoonde schilderijen (waaronder haar laatste 'Zelfportret met penseel'*). Daarnaast zijn er tekeningen, notitieboekjes met schetsen en een groot deel van haar (animatie-)films en beeldhouwwerken te zien.
* ik gebruik voor de duidelijkheid de naar het Nederlands vertaalde titels van de kunstwerken. 

Let's go...




1. 'Amerikaans stilleven met telefoon', 1971-1972. 2. Zaaloverzicht. 3. 'Zelfportret met penseel', 2010-2013.
In Nederland relatief onbekend: internationaal wordt Maria Lassnig wel degelijk op waarde geschat. Het is de vierde of vijfde tentoonstelling (daar wil ik vanaf wezen) over belangwekkende, maar in de kunstgeschiedenis stelselmatig ondergewaardeerde vrouwelijke kunstenaars waar in het Stedelijk aandacht aan wordt besteed. Óf in de vergetelheid geraakt óf in de schaduw gebleven van hun mannelijke beroepsgenoten (ik schreef er laatst nog over in mijn blog over Yayoi Kusama): het is toch vooral ''Art His story" die hoofdzakelijk 'dead white male artists' belicht. "Het is nog steeds duidelijk 'zijn' verhaal dat de kunstgeschiedenis bepaalt", aldus ook Karin Haanappel die (in 2012) de uitkomsten van haar studie naar en over vrouwelijke kunstenaars door de eeuwen heen publiceerde.

art his-story en art her-story

"In de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw kwam er met name vanuit de feministische hoek grote kritiek op deze manier van wetenschap bedrijven. Er werd gezocht naar vrouwelijke kunstenaars en ze werden gevonden. In 1971 onderzocht (de Amerikaanse kunsthistorica, red.) Linda Nochlin het volgende vraagstuk: 'why have there been no great women artists'. Met de nadruk op 'great' (grote), want inmiddels waren er wel honderden vrouwelijke kunstenaars teruggevonden. Maar geen van hen stond op gelijk hoogte met 'de grote mannen'. Talent alleen is dus niet genoeg. Volgens Nochlin heeft dit vooral te maken met de eeuwenlange uitsluiting van vrouwen van het kunstonderwijs en het in stand houden van de heersende beeldvorming en machtsverhoudingen in de kunst" (tot zover het citaat).

typisch vrouwelijke beeldtaal

Langzamerhand komt daar dus verandering in. Steeds vaker wordt er een grotere rol opgeëist voor en door de andere helft van de wereldbevolking. Musea richten zich meer dan ooit op het aandeel van vrouwen in hun collectie en proberen het mannelijke bastion te beslechten. Vrouwen krijgen steeds meer en steeds vaker een voet tussen de deur. Sterker nog, vrouwen maken een inhaalslag. En dan wat mij betreft hopelijk niet verongelijkt, maar trots en vooral rechtzetten wat scheef is gegroeid.






1. 'Zelfportret met augurkenpot', 1971. 2. Links 'Gele hand' en rechts 'Twee wijzen van zijn (dubbelportret)', beiden 2000. 3. 'Dame met hersenen', ca. 1990-1999. 4. 'Amerikaans stilleven met telefoon', 1971-1972. 5. 'Jij of ik', 2005. 6. 'Iris staand', 1972-1973. 
En binnen die tendens komt het Stedelijk Museum in Amsterdam nu met een grote vertoning van het werk van de in Oostenrijk geboren Maria Lassnig (1919-2014). Gedurende haar lange carrière maakte ze veelvuldig psychologisch expressieve 'selfies': de eerste in 1942 en haar laatste, 'Zelfportret met penseel' voltooide zij in 2013. Een jaar later overleed de kunstenaar op 95-jarige leeftijd.

Maria Lassnig werkte vaak met pastel-achtige tinten: zacht turquoise, groenen, roze en geel en zij maakte niets mooier dan het is. Met name haar Körperbewusstseinsbilder (body awareness paintings) baren (en baarden) opzien. Lassnig beeldde zichzelf af op portretten waarin zij de gevoelsmatige gewaarwordingen en gevoelens van haar lichaam verwerkte. Zij schilderde niet per se wat ze zag, maar bracht de 'innerlijke ervaring' van haar lichaam in beeld.
En dat levert vreemde portretten op met soms vervormde of overdreven kenmerken. Je ziet delen van haar lichaam die zij op dat moment écht voelde. Vandaar ook dat Lassnig zichzelf meestal kaal afbeeldde: haar is immers iets wat je van binnenuit niet kunt voelen. Ik vergelijk het gemakshalve maar met de zogenaamde 'bodyscan' in de mindfulness-theorie: alle sensaties die je voelt in je lichaam worden geobserveerd.  De vaak naakte zelfportretten werden niet geboren uit ijdelheid. De kunstenaar had wel degelijk moeite met het feit dat haar lichaam in 'verval raakte', maar "het is wat het is" en dat is ook een uitgangspunt van mindfulness. 

Painting is life

Maria Lassnig, een feministische en geëngageerde kunstenaar (ook thema's als geweld, oorlog en de bedreigde natuur hadden haar belangstelling) met een carrière van meer dan 50 jaar, kreeg pas internationale aandacht en grotere bekendheid toen ze ver in de zestig was. Want één ding is zeker: haar schilderijen met het vrouwelijk lichaam als artistiek experiment werden niet altijd en overal in dank afgenomen. Tussen 1968 en 1980 woonde ze in New York (na haar opleiding in Wenen en een verblijf in Parijs) en daar ging ze - noodgedwongen - realistischer en meer figuratief werken en vooral animatiefilms maken, omdat haar schilderijen slecht werden begrepen. De körperbewusstseinsbilder werden als té vreemd en morbide beschouwd.






1. 'Re-laties VII (Lotslijnen)' en 'Lotslijnen/re-laties VIII', beiden 1994. 2. 'Kop', 'Gynaecologie' en 'Zelfportret als dier', 1963. 3. 'Woman Power', 1979. 4. 'Zelfportret met paraplu', 1971. 5. 'Raketbasis: missiles I en II', 1989. 6. 'Zelfportret met staf', 1971. 
Naast de grote overzichtstentoonstelling met het indrukwekkende werk van Maria Lassnig zie je in het Stedelijk Museum in de hoofdstad momenteel ook 'Hybride Sculptuur'.
Het Stedelijk Museum Amsterdam laat op basis van de eigen collectie zien "hoezeer de beeldhouwkunst veranderd is sinds 1990. De tentoonstelling bestaat uit vierentwintig, veelal monumentale werken van twintig kunstenaars. De titel Hybride sculptuur verwijst naar het feit dat bijna geen van de werken eruit ziet als een beeldhouwwerk in de klassieke zin: de kunstenaars werken op het snijvlak van sculptuur en schilderkunst, performance, videokunst en design. Een aantal van de werken is nog niet eerder getoond in het Stedelijk", aldus het perscommuniqué.

De vertoning begint met het makkelijk te behappen en toegankelijke werk van Jeff Koons. Met het van gekleurd glas geblazen 'Mound of Flowers' uit 1991 én met heel veel van zijn andere werk, komt Koons "tegemoet aan de wensen van het publiek, zonder ironie en zonder de populaire smaak in twijfel te trekken."
Grappig is, dat je op de achtergrond een blow up ziet van het andere werk van Jeff Koons dat in bezit is van het Stedelijk, namelijk 'Ushering in Banality' uit 1988 (en te zien in de vaste collectie-selectie van Stedelijk Base). Kunstenaar Louise Lawler fotografeerde (voor een expo in 1995) twee sculpturen uit de vaste collectie: naast 'Ushering in Banality' zie je ook een ander iconisch kunstwerk, namelijk het beeldhouwwerk van Donald Judd, genaamd 'Untitled' (1989).

Een paar zalen verderop zie je het laatste sculptuur in de expositie: 'Arboath Smokie' (2016) van de talentvolle Nederlandse Magali Reus (in 2015 won ze de Prix de Rome). Dit werk maakt de cowboy of het paardenmeisje in ons wakker, want wat we zien is (wat mij betreft, onmiskenbaar) een zadel op een soort buizenconstructie.
Met al deze installaties, van de eerste tot en met de laatste zaal, toont het Stedelijk dat hedendaagse sculpturisten de beeldhouwkunst "met een enorme vrijheid tegemoet treden en voortdurend de grenzen van het medium aftasten en oprekken."





1. Jeff Koons, 'Mound of Flowers', 1991 en op de achtergrond de blow up van Louise Lawler, (produced en purchased, 'Adjusted to fit', 1995/2010. 2. Rob Birza, 'My Fuckin' Kangaroo is Damn Right! (and So is My Pelican)', 1993. 3. Marc Bijl, 'Suicide Machine', 2003. 4. Tobias Rehberger met (één van de drie) 'Männer verlieren Frauen, Frauen verlieren Männer, Menschen verlieren das Leben', 2002. 5. Magali Reus, Arbroath Smokie', 2016. 

Je kunt in het Stedelijk Museum nog tot en met 11 augustus terecht voor het intrigerende werk van Maria Lassnig. En als je er toch bent....
Tot de 19de van diezelfde maand kun je ook een kijkje nemen bij "Pinball Wizard. Over deze expositie met de kunst van Jacqueline de Jong maakt ik al eerder een blogpost (die zie je hier). Voor 'Hybride Sculptuur' heb je nog wat langer de tijd, namelijk tot 13 januari 2020.


-X-


Het Stedelijk Museum: (ook) altijd een goed idee!



Tekst en alle (iPhone)foto's ©MiriamvanderMeer | www.agreylady.nl

Auto Post Signature

Auto Post  Signature