Lang leve Rembrandt: 575 'gewone mensen' in het Rijksmuseum

15 juli 2019
Rembrandt is niet dood: hij leeft!
Zondagsschilders, borduursterren, navolgers van Bob Ross, autodidacten en full pro's, plakkers, kleiers en wevers, (digitale) beeldvormers, schilders op nummers, dozijnwerkers (1) en zelfs een marqueteur. Pakweg 700 crea-Bea's - de jongste kunstenaar is vier, de oudste in de 90 - kunnen zich sinds 15 juli wereldberoemd wanen. (In heel Nederland, dan hé) want vanaf die dag staat of hangt hun kunstwerk in de Philipsvleugel van het Rijksmuseum. En die eeuwige roem hebben ze te danken aan de zomer-tentoonstelling Lang Leve Rembrandt. Voor velen een 'dream come true'.

In het Rijksmuseum zie je een (maxi) playbackshow en ik mocht naar de premiere.
Hieronder volgt een verslag van 's lands grootste talentenjacht.



Zoek de verschillen: 1. Kris Dekens. 2. Mees Klous. 3. Concept Tjarda van Vugt, fotografie Marleen Kuipers (vrijwillige politie, eenheid Amsterdam). 
Het zal (of beter: kán) je niet zijn ontgaan: dit jaar wordt er door het hele land aandacht besteed aan de 350e sterfdag van 'onze' Rembrandt van Rijn. (En over vier van die evenementen maakte ik een blogpost*). Een overkill dreigt, maar het is onmiskenbaar dat de meester van het realisme een grote invloed heeft gehad op de kunstgeschiedenis en daar mogen wij dus best wel (...) trots op zijn.
Zo ook het museum op de kop van het Amsterdamse Museumplein: die programmeerde een drietal tentoonstellingen met Rembrandt in de hoofdrol (vanaf 11 oktober volgt nog 'Rembrandt-Velázquez, Nederlandse en Spaanse Meesters') en daarnaast werkte het - zij het zijdelings - mee aan het succesvolle 'Project Rembrandt'.
'Rembrandt Privé in het Stadsarchief Amsterdam', 'Rembrandt's Social Network' in Museum Het Rembrandthuis', 'In het Rijksmuseum: 'Alle Rembrandts' (plus één)', 'Inspired by Rembrandt' in Museum het Rembrandthuis'.

Project Rembrandt

Eind januari startte bij de NTR een televisieprogramma waarin Annechien Steenhuizen in acht afleveringen op zoek ging naar de meest getalenteerde amateur-kunstschilder van Nederland. In een afvalrace volgens dezelfde formule als 'Heel Holland Bakt', kregen de kandidaten de gelegenheid zich het oude ambacht van figuratief kunstschilder meester te maken. De producten van hun noeste arbeid werden beoordeeld door een jury, waar - naast kunstenaar Lita Cabellut - ook Pieter Roelofs, hoofd schilder- en beeldhouwkunst bij het Rijksmuseum* deel van uitmaakte. De format bleek een groot succes: wekelijks werd er door maar liefst 1½ miljoen kijkers afgestemd op NPO1 en dat schijnt een ongekend hoog aantal te zijn voor een kunstprogramma op tv.
en gespecialiseerd in 17de-eeuwse Nederlandse schilderkunst.

talent in de kijker

Winnaar van het eerste seizoen (want ja, er komt een tweede serie) werd student kunstgeschiedenis Sebas Groot (21) en zijn werk is lange tijd te zien geweest in het Atrium van het Rijksmuseum (en nu ook in Lang Leve Rembrandt) en met name dat laatste is het hoogst doel voor menig (amateur) kunstenaar. Zelf ook een keer in het Rijksmuseum hangen. Want wat een eer! (Volgens Wikipedia staat het Rijks op nummer 25 van meest bezochte musea in de wereld, dus dat zegt wel wat over de populariteit van het 'kunstpaleis').
"Wij krijgen heel vaak verzoeken van mensen die zeggen 'ik heb zo iets moois gemaakt, of mijn kleinkind, neef etc. Mag dat niet eens een keer naast de Nachtwacht hangen'? Nou, dat kan dus niet", aldus de al eerder aangehaalde Pieter Roelofs in een vraaggesprek bij Pauw.






1. Daniel Nabavi, 'From my view'. 2. Pip Verheijen, 'Licht en Lijn'. 3. Paul Toxopeus, 'Rembrickdt'. 4. (links) Calder van Andel, 'Conus Ceramicos' en (rechts) Irma Frijlink, 'Schelpje' (vilt). 5. Anca Blok, 'Oude Man'. 6. Fem Snoek, 'Fem's Nachtwacht'. 
Toch is er sinds dit jaar een eind gekomen aan deze opstelling, want het Rijks besloot "het museum beschikbaar te stellen aan het publiek" (aldus Roelofs, die tevens 'voorzitter' is van de jury van de onderhavige uitstalling). Nou ja? De Philipsvleugel wel te verstaan: een zijbeuk van het gebouwen-complex vernoemd naar de sponsor, waar het museum jaarlijks meerdere expo's uit de eigen collectie en met (inter)nationale bruiklenen programmeert. En nu dus de plaats waar zeshonderdvijfenzeventig kunststukjes van - tot nu toe - anoniem gebleven amateurs én profs hangen en staan.

zoek de verschillen

Begin dit jaar luidde de uitnodiging als volgt: ben je kunstenaar of 'gewoon' creatief en droom je ervan om jouw werk eens te laten zien in het Rijksmuseum? Maak dan een kunstwerk dat is geïnspireerd op de Hollandse Meester en stuur dat in.
Nou, dat hebben ze geweten! Zo'n 8500 goedbedoelende knutselaars en gepassioneerde kunstenaars (in spe) gaven gehoor aan de oproep en meldden zich bij de (virtuele) artiesteningang. En zeker niet alleen uit Nederland. Er kwamen inzendingen uit 95 verschillende landen (waaronder Brazilië (7 stuks), Canada (15), Iran (9), Azerbeidzjan (1), Armenië (6), Japan (9), Portugal (2) en België (114). En daarmee is wederom aangetoond dat 'onze' Rembrandt van Rijn een goed voorbeeld is van 'werelderfgoed'.

575 kunstwerken, 575 verhalen

"De kunstwerken vertellen elk hun eigen verhaal, soms vrolijk, dan weer ontroerend. Geïnspireerd door Rembrandt portretteerde een groot aantal kunstenaars hun geliefde, hun kind, hun vader of moeder, een vriend of zichzelf. Een groot aantal inzenders koos voor Lang Leve Rembrandt een bestaand schilderij of bekende ets van Rembrandt als bron van inspiratie. Sommigen maakten een directe kopie, anderen varieerden in stijl, medium en techniek of werkten conceptueel. Met 96 verschillende versies van de Nachtwacht, 253 kinderkunstwerken en 132 kopieën van zelfportretten van Rembrandt wordt de ongekende creativiteit van alle kunstenaars in de tentoonstelling duidelijk zichtbaar" (uit het persbericht).






1. Finn Hovius, 'Fortnite Nachtwacht'. 2. Sophie Bursac, 'Koning van de selfies'. 3. het Joodse Bruidje, 299. Ruby Norine Verkuylen, 300. Michelle Mirrer, 301. Josephine van der Goes, 302. Sanne van Dijk. 4. Anita Manshanden, 'Getekend door het leven'. 5. Theo Horneman, 'Ik schilder ook wat ik hoor'. 6. Tom van Eijk, 'Bronze Rembrandt'.
Maar hoe maak je een keuze uit ruime 8300 onderling niet of nauwelijks te vergelijken inzendingen. De 7-koppige jury* had het er maar druk mee. Als 3 van de beoordelaars een kunstwerk aanvinkte, dan maakte die betreffende kunstenmaker een goede kans ook daadwerkelijk uitverkoren te worden. In De Volkskrant (van 11 juli) lees je 'the making of'. Een interessant artikel dat een goed inkijkje geeft in het 'hoe en waarom'.
*Jury: Stephanie Afrifa, presentator en curator; Annemies Broekgaarden, hoofd publiek & educatie Rijksmuseum; Irma de Bruijne, hoofd ateliers Rijksmuseum; Lita Cabellut, kunstenares; Hans Rooseboom, conservator fotografie Rijksmuseum; Pieter Roelofs, hoofd schilder- en beeldhouwkunst Rijksmuseum; Mats Suurenbroek, scholier (14 jaar) en fervent tekenaar.

scheppingsdrang, passie en drive

Wat kun je zoal verwachten? Nou, een ratjetoe aan van alles wat. Tekeningen, alberduurtjes (2), film, strips, een grauwtje (3), hellebaarden, borduurwerken, gebootsten (4), foto’s, installaties, cartonnen (5), een Lego-portret en zelfs een met een varia aan houtsoorten ingelegd tafeltje. Verrassend veel moderne interpretaties van de 17de eeuwse thematiek. Veel 'echo's' van zijn werk; licht en donker-contrasten en kleurgebruik; zijn realiteitszin en 'no nonsense'-benadering.

Rembrandt eigen gemaakt

In de kunstwerken duiken mobieltjes op, hoodies, windmolens en The Beatles. Mevrouw Greet de Vlaming werkte 10 jaar aan haar Smyrna-versie van de Nachtwacht (en maar tellen...), de leerlingen van groep 5 van een basisschool in Ransdorp tekenden allemaal dezelfde toren (die ook door Rembrandt werd vastgelegd) en de huisvlijt van Bennie Joling kreeg nummer 1. 
En dat allemaal kriskras boven en naast elkaar en zonder aanzien des persoons in een zogenaamde 'salon- of gallery hanging' (zo leer ik uit het stuk in de Volkskrant). De Engelse benaming voor een Franse manier om kunst te presenteren en daterend uit de 17e eeuw. Heel democratisch, zonder "elitaire hiërarchie".

Tot slot nog even wat feiten & cijfers: er waren 8.390 inzendingen afkomstig uit 95 landen. De 575 kunstwerken zijn gemaakt door in totaal 693 mensen(kinderen). Het tentoonstellings- en grafische ontwerp was in de kundige handen van Irma Boom. En neem van mij aan (en dat blijkt ook uit het artikel in de Volkskrant): de exercitie 'Lang Leve Rembrandt' was een ongelofelijk ingewikkelde onderneming. Met militaire precisie werd een enorme logistieke operatie uitgevoerd. Petje af voor de mensen 'achter de schermen' bij het Rijksmuseum.






1. Maarten Koopman, still uit de video "Het Joodse Bruidje'. 2. Tatjana Faber, 'Drie Windmolens'. 3. Greet de Vlaming bij haar 'De Nachtwacht'. 4. Impressie. 5. Kunstklas van OBS De Distelvlinder, Culemborg, 'Zo zien wij!'. 6. Diederick Kraaijeveld, 'Rembrandt'. 
Heb je zelf aspiraties om een nieuwe Rembrandt te worden of wil je je vergapen aan 'gewone mensen' die hopen op eeuwige roem? Ga dan vooral kijken naar Lang Leve Rembrandt en dat kan tot en met 15 september aanstaande. Ik beloof je een heel genoeglijke vertoning van een soepzooitje aan Rembrandt wannabees....!


-X-


Have a nice day!

"Kan een doodeerlijke schilder toch een afzetter zijn en is een tronie alleen iets voor boeven? Welke kleur wordt er bedoeld met smalt en wat is een vispenseel?" Naar aanleiding van het Rembrandtjaar 2019 bracht het Instituut voor de Nederlandse Taal een (online) gelegenheids­woordenboekje uit met schilderstermen uit de 17e eeuw.
(1) Dozijnwerker: kunstenaar of ambachtsman die geen unieke stukken maakt, maar vooral seriewerk aflevert. (2) Alberduurtje: benaming voor een mooi schilderijtje of voor een mooie kleine prent; vervolgens ook voor alles wat in zijn soort een kunststukje of een juweeltje is en in schoonheid uitstijgt boven de rest. (3) Grauw of grauwtje: (kleine) schildering, uitgevoerd in verschillende tinten grijs; grisaille. (4) Bootsen: geschilderde, getekende of gebeeldhouwde figuur. Vandaar: bootsen, schetsen, afbeelden. (5) Carton: een op stevig papier of op karton getekend ontwerp voor een schilderij, beeldhouwwerk.


Op nr. 1: Bernard Jolink, "Mijn Rembrandt'. 
Tekst en alle (iPhone)foto's: ©MiriamvanderMeer | www.agreylady.nl

Jaume Plensa in Museum Beelden aan Zee

9 juli 2019
Do not touch, caress! Niet aanraken, streel! Liefkoos. Met deze boodschap begint in de grote zaal van Museum Beelden aan Zee de tentoonstelling met sculpturen van Jaume Plensa. En nu weet ik niet of je deze slogan letterlijk mag nemen (dociel als ik ben, hield ik de handen op de rug), maar de 'kinderkopjes' van de Spaanse beeldhouwer nodigen inderdaad uit om te aaien. Aan de achterkant van het harde gesteente ruw en onbewerkt, op de beeldzijde zo'n glad, hyper-gepolijst meisjesgezicht. De verleiding is dan erg groot. Dat wil je toch beroeren?

Ik maakte een rondgang langs de beelden in de betonnen 'duinkathedraal' op Scheveningen en maakte daarvan proces verbaal. Lees je mee?



1. Room with a view! In de zeezaal, Jaume Plensa met 'Laguna', 2018, muranoglas. 2. en 3. Entree van het museum.
Van belangstelling, via hobby, naar passie: zo vergaat het de particuliere kunstverzamelaar. Niet dat ik uit ervaring spreek (als chronisch armoedzaaier). Nee, deze wijsheid lees ik in een artikel over de ontstaansgeschiedenis van Museum Beelden aan Zee (BaZ), want zo is het de oprichters vergaan. Precies 25 jaar geleden werd het Scheveningse kunsthuis, gespecialiseerd in sculpturen uit de periode van ná de 2e Wereldoorlog, opgericht voor verzamelpaar Theo (1927-2005) en Lida (1922) Scholten*.
Theo Scholten was bij leven topman van SHV en later bij Robeco, hoogleraar financieringsvraagstukken aan de Erasmusuniversiteit én lid van diverse bestuursorganen van m.n. culturele instellingen, zoals Köller-Müller, Boijmans Van Beuningen en Vereniging Rembrandt.

Het begon met hun eigen verzameling van meer dan 750 beelden: aanvankelijk met uitsluitend herkenbare mensfiguren (dus figuratief) en later - naarmate hun smaak zich ontwikkelde - ook abstracte sculpturale werken. Inmiddels is het museum autoriteit voor wat betreft moderne en hedendaagse (inter)nationale beeldhouwkunst (want het huisvest ook het onderzoekscentrum Sculptuur Instituut).

verzonken museumbunker

En dan dat onderkomen! In de aanhef noemde ik het gebouw al een 'duinkathedraal', want wát een geweldig ingenieus concept heeft Wim Quist (Amsterdam, 1930) afgeleverd. Sorry, voor mijn ietwat lyrische en opgewonden toon, maar ik zag zelden zo'n sterk staaltje ontwerp-rijkdom. Zeker gezien de uitdagingen waarvoor de architect zich geplaatst zag.
De museum'bunker' loopt onderdoor het in 1827 gebouwde, neo-classicistische 'Paviljoen van Wied', dat Koning Willem I liet bouwen voor zijn echtgenote. "Bij de bouw van het museum eiste de gemeente Den Haag dat het op het duin niet zichtbaar zou zijn en het is dan ook geheel ondergronds gebouwd, met terrassen op het duin, die ook vanaf het strand of de boulevard niet zichtbaar zijn. Toch is er veel lichtinval in het museum, door het vele glaswerk in het dak. Vanuit de zogenaamde 'zeezaal' is er zicht op de zee, waarbij er niets te zien is van de boulevard, de pier en de andere drukte op het strand van Scheveningen."

ze mogen me hier opsluiten

Tot zover Wikipedia en écht: in dit museum mogen ze me opsluiten! Een prachtig gebouw. Met (momenteel) een mooi overzicht van het beeldwerk van Jaume Plensa; een fijne museumwinkel, dus boeken bij de hand (met o.m. een uitstekend assortiment boeken over beeldhouwkunst én fijne design-hebbedingen); een museum-cafetaria ter bevrediging van honger, dorst en de lekkere trek en een aantal terrassen en patio's mét mooie buitenkunst, waar ik mezelf zou kunnen luchten. Pal aan het strand en dat word je alleen gewaar in de zeezaal (a room with a view) én door de krijsende meeuwen. Top. Komt helemaal in orde...






1. Mario Martinelli, 'Dubbelportret Theo en Lida Scholten', 2000 (staaldraad). 2. Paviljoen van Wied, waar het museum onderdoor loopt. 3. Jaume Plensa, Detail van 'Double Roots'. 4. en 5. Jaume Plensa op het Scheveningse duin: 'Carlota', 2018 en 'Mar', 2016 (beiden gietijzer). 6. Jaume Plensa, (uit mijn archief:) 'Love', 2017 in Leeuwarden. 
En dan de kunst. Sinds 22 juni zie je een mooie vertoning van de werken van Jaume Plensa (Barcelona, 1955). (Volgens het Ster & Cultuur-spotje dat op dit moment te zien is op televisie, spreek je zijn voornaam uit als "Tjoumee". Nou, doen we dát!).
En wat was jouw eerste Plensa-moment? Mijn premiere - de eerste keer dat ik een beeld van de kunstenaar zag - was op het Stationsplein in Leeuwarden toen ik de stad bezocht voor de Escher-expo in het Fries Museum. De mistfontein* 'Love' - geplaatst wegens Leeuwarden-Fryslân Culturele Hoofdstad (zie de foto hierboven) - bestaat uit twee 7 meter hoge, witte sculpturen van een jongen- en een meisjes-toet. Uit hun verband getrokken, want ze zijn wel erg langgerekt. Het gelaat naar elkaar toe gedraaid, maar hun ogen zijn gesloten. De gezichtsuitdrukking van de jongelingen is stil en sereen en dat zijn allemaal karakteristieken die typerend zijn in Plensa's werk.
* het beeld hoort in een mist van waterdamp te staan, maar tijdens mijn bezoek was het (net als nu) dusdanig droog weer, dat het mechaniek was uitgezet. Vandaar geen nevel.

in gedachten verzonken

Dat meditatieve is bij de 'tronies' van Plensa repeterend. Daarnaast zijn de beelden over het algemeen meisjesgezichten. In de (zonovergoten) grote zaal van het museum staan zeven van deze bakvis-hoofden*. Met hun dromerige, trance-achtige, in zichzelf gekeerde blik zien ze er kwetsbaar uit, maar het materiaal - het keiharde basalt - veronderstelt juist kracht. Buiten op het duin staan twee (4.5 meter hoge) gietijzeren exemplaren en verspreid door het museum staan 'Maria', die werd gebeeldhouwd uit het bijna transparante albast, twee 'Duna' versies van (de ene wit en de andere van zwart) muranoglas en is er nog een duo, genaamd 'Laguna', die ook van muranoglas zijn gegoten. 
 "Beeldhouwkunst is een ambachtelijk vak. (...) Dat materiële is een belangrijk aspect van Plensa's werk", aldus Jan Teeuwisse, directeur van Museum BaZ.
* Sanna en Rui Rui (2013), Anna B en Lou (2014), Laura Asia, Julia en Wilsis (2017).   

"Voor kinderen is de toekomst een droom vol beloftes" 

Maar waarom altijd jonge vrouwen aan het begin van hun puberteit, denk ik dan? (En ik ben vast niet de enige). "Omdat", antwoordt Plensa op deze vraag: "het leven nog geen sporen op hun gezicht heeft achtergelaten."






Alles Jaume Plensa: 1. en 2. Impressie van de grote zaal met de 7 meisjeshoofden. 3. en 4. 'The Heart of Rivers' (2016). 5. 'The Sound of Words I en II', 2017. 6. Detail (uitsnede) van 'Continents XIII', 2004. 
(Maar) er is meer. Naast de tieners in beeldvorm, zie je in Museum BaZ ook opengewerkte, RVS mensfiguren met de namen 'The Sound of Words I en II én Double Roots (alle drie uit 2017). In de eerste twee (de pendanten 'het geluid van woorden'), hangen klepels in de vorm van letters. De schrifttekens komen uit verschillende talen: Chinees, Arabisch, Grieks en door een zuchtje wind óf door de beroering van toeschouwers die de gevlochten sculpturen mogen binnengaan, klinken de beelden als een klok. Plensa verbeeldt hiermee zijn droom "van de mens die, waar hij ook vandaan komt, positief contact wil maken met de ander."

"Ik hou van gongs en cimbalen", zegt Plensa. "De vibratie van het materiaal drukt de vibratie van het denken uit. Dat is voor mij sculptuur in zijn meest zuivere vorm."
Diepzinnig.

"Kunst draait om ervaren. Niet alleen met je ogen, maar vooral ook met je hart."

Dan is er ook nog de installatie 'The Heart of Rivers' (2016): zeven zittende bronzen mannen op een aarden heuveltje, die ieder voor zich een boom omarmen. (En dat maakt de installatie een mooi voorbeeld van het new age-verschijnsel 'knuffelen met bomen').
Het cijfer zeven is sowieso heel belangrijk voor de beeldhouwer: in zijn visie staat het geluksgetal voor de voltooiing, perfectie en het goddelijke. De figuren, afgietsels van Jaume Plensa's eigen lijf, zijn bedekt met letters. Woorden, want taal, literatuur en vooral poëzie zijn ook terugkerende elementen in zijn kunst. In dit geval staan er namen van rivieren op de beelden.

In het kabinet van het museum - een betonnen gewelf als de moderne versie van een Gotische kerk - hangen metershoge bewerkte houtskool-tekeningen van mensen ten voeten uit. Plensa gebruikt het tekenen als zijn manier om zijn ideeën uit te drukken. "Zijn tekeningen raken tegelijkertijd aan het driedimensionale van de beeldhouwkunst, omdat de ruimte zo'n belangrijke plaats inneemt in het voortdurende spelen met transparantie dat in zijn beelden eveneens naar voren treedt."

Cryptisch, deze quote. Maar goed, de kunstwerken van Plensa zijn immens, dichterlijk en meditatief met een heel toegankelijke beeldtaal (en laat de verklaring van de symboliek dan maar zitten. Die bedenk ik er zelf wel bij...).


  
  


Jaume Plensa: 1. en 2. Twee maal 'Duna', de witte uit 2018 en de zwarte uit 2015. 3. Jaume Plensa, 'Double Roots', 2017. Vervolgens drie foto's van de diverse terrassen met werk uit de vaste collectie van het museum: 4. Angus Taylor, 'Disclosing Decay', 2008. 5. Arthur Spronken, 'Monument Koninklijk Gezin', 1994-1996. 6. Maja van Hall, 'Twee koppen samen', 1982-1983.
De oprichters van het fraaie museum kochten in de tachtiger jaren al werk van de toen nog jonge en volstrekt onbekende kunstenaar Jaume Plensa. Hun wens om ooit nog eens een solo-expositie aan de Catalaan te wijden, is nu - bij het 25-jarige bestaan van het museum - in vervulling gegaan. Het jubileum wordt in stijl gevierd met dit Nederlandse debuut.

Tot en met 22 september in Museum Beelden aan Zee in Scheveningen. Kijk je even op de website voor bezoekersinformatie


-X-


Alle aangehaalde uitspraken zijn citaten uit de tentoonstellingscatalogus. En over dit boekwerk zou ik één ding willen zeggen: voor mij iets teveel kunst-theoretische vaagtaal. En dat doet mij dan weer denken aan de gezellige zomerhit van Kenny B: "Praat Nederlands met me. Even Nederlandse met me."


1. een #artselfie voor de menselijke maat :-) en 2. Museum Beelden aan Zee.
Tekst en alle (iPhone)foto's: ©MiriamvanderMeer | www.agreylady.nl (en een anonieme, maar bereidwillige museumvrijwilliger voor de #artselfie).

12 x Erwin Olaf in het Rijksmuseum in Amsterdam

3 juli 2019
Op 2 juli was het dan zover: Erwin Olaf 60 jaar en ter verhoging van de feestvreugde én klap op de vuurpijl werd hij ook nog eens geridderd! Tijdens een intiem feestje ter gelegenheid van de expositie '12 x Erwin Olaf ' in het Rijksmuseum kreeg de top-fotograaf de medaille behorende bij de Orde van de Nederlandse Leeuw opgespeld door Burgemeester Femke Halsema.
Toch was het in vergelijking met de eerder dit jaar gehouden dubbel-expositie in Den Haag*, die gepaard ging met uitbundige festiviteiten en veel media-aandacht een bescheiden opening. (Zie hier mijn verslag vanuit het Haagse!)
Erwin Olaf is (een beetje) moe en dus op de dag na zijn 60ste verjaardag is het hoogste tijd voor contemplatie. Tijd om de balans op te maken.
*de expo in het Gemeentemuseum én het Fotomuseum was de best bezochte foto-tentoonstelling ooit.

Afgelopen woensdag toog ik naar het Rijksmuseum en bekeek de expositie van elf foto's en een video van Olaf, die in een intieme hommage het 'gesprek' aangaan met de schilderkunst van enkele (Nederlandse) maestro's.
Klein maar fijn. Kijk je mee?



1. Erwin Olaf, (uitsnede) 'Hope - Portrait 5', 2005. Aankoop dankzij de deelnemers van de BankGiro Loterij, ©Rijksmuseum. 2. Zaaloverzicht. 3. Johannes Verspronck, 'Portret van een meisje in het blauw', 1641.
Heb je de documentaire 'The Legacy' gezien? Mooi, hé? Maar mocht je deze nu hebben gemist, dan raad ik je aan de docufilm alsnog te gaan bekijken. In de registratie toont regisseur Michiel van Erp (zelf ook niet een van de minsten) de kwetsbare kant van de glossy-fotograaf.
Met name in de tachtiger en negentiger jaren werkte Erwin Olaf Springveld (Hilversum, 2 juli 1959) heel uitgesproken en provocerend; 'boos', zoals hij het zelf noemt. Doelbewust uit op effect en het provoceren. Hij choqueerde zijn toeschouwers met vaak controversiële, soms homo-erotische en ondubbelzinnige SM-foto's. Hardcore. Zelfportretten met erecties. Zijn vaak sterk geënsceneerde en nietsverhullende beelden betitelde hij als 'bewust onecht'. Later in zijn carrière wordt zijn werk verstild en intiemer.
Nu, voor Michiel van Erp's filmcamera, is hij weifelend. Wikkend en wegend.

shock photography

Ik vond het een heel ontroerend document, waarin we een gevoelige en openhartige Erwin Olaf zien. Hij gaat zichtbaar gebukt onder een slopend longemfyseem. Al jaren geleden gediagnosticeerd en steeds meer en vaker zijn tol eisend. Een progressieve ziekte die hem belemmert in wat hij het liefst doet: werken. Maar dat zal niet langer gaan. Niet op de manier waarop hij al veertig jaar zijn vak uitoefent. Erwin Olaf zal het rustiger aan moeten gaan doen.

"als ik de gewone wereld wil zien, dan kijk ik wel uit het raam...."

Vooruitlopend op die nieuwe fase in zijn (wel of niet werkzame) leven, droeg de fotograaf medio vorig jaar 500 afdrukken, portfolio's, video's, magazines, boeken en posters - dus een belangrijk deel van zijn oeuvre - over aan het Rijksmuseum. Het grootste deel betrof een schenking en daarnaast werden 60 foto's en 3 video's voor € 200.000 aangekocht*.
En door die (gedeeltelijke) donatie én de acceptatie daarvan door 's lands meest toonaangevende museum, kun je stellen dat Olaf een plaats heeft verdiend in de kunstgeschiedenis. Is zijn werk officieel Nederlands erfgoed. ("Oh jee...!", zegt de doorgaands zeer bescheiden Olaf in de bij de expositie uitgebrachte podcast. "Ontzettend fijn!").
* mede mogelijk gemaakt door een bijdrage van de BankGiroLoterij.





1. Hendrick Goltzius, 'Stervende Adonis', 1609. 2. Zaaloverzicht3. George Breitner, "Meisje in witte kimono', 1894. 4. Erwin Olaf, (detail uit) 'Grief, Barbara', 2007. 5. Jan Steen, 'Het Toilet', ca. 1665-1660.
In het Parool (van mei vorig jaar) kun je lezen dat de Amsterdamse fotograaf bewust koos voor het Rijksmuseum en niet voor het - misschien iets meer voor de handliggende - Stedelijk Museum. "Ik had graag een keer in het Stedelijk geëxposeerd en ik vind het onbegrijpelijk dat ik de afgelopen veertig jaar nooit door hen ben uitgenodigd," Schenken was dus geen optie. "Aan een instituut dat mij nooit heeft gevolgd, waarmee ik geen band heb opgebouwd?" En ik verbeeld mij een ietwat verongelijkte blik in de ogen van Olaf.

Goed. En nu - als vervolg op die overdracht van zijn kerncollectie - presenteert het Rijksmuseum '12 x Erwin Olaf'. Het is immers niet de bedoeling dat zijn werk voor honderd jaar in een geklimatiseerde archiefkast verdwijnt. Nee, er is wel degelijk ruimte voor (nog) een (jubileum-)tentoonstelling. En ook dat is uitzonderlijk, want het Rijks ("zo'n nationaal instituut") maakt zelden of nooit een expositie met een nog levende kunstenaar. "Maar heel af en toe!" (...) "Ik sprong een gat in de lucht, bij wijze van spreken...."
Het is een vertoning geworden waarin "Olaf zijn foto's een dialoog laat aangaan met de Nederlandse schilderkunst en waarin zijn werk voor het eerst te zien is naast dat van zijn voorbeelden", aldus het Rijksmuseum in het persbericht. Je ziet Rembrandt, Breitner, Jan Steen.

artistieke roots 

"Hier liggen mijn artistieke roots, de wortels van mijn kunstenaarschap", zegt Olaf in het eerder aangehaalde persbulletin. "Ik laaf mij graag aan allerlei soorten schilderkunst." Want Olaf blijkt wel degelijk geïnspireerd te zijn door dát wat hij als jongeling voor het eerst zag, tijdens een schoolreisje naar het museum. "Iedereen liep op De Nachtwacht af, ik was wat meer gegrepen door het kleinere werk." Vooral het zelfportret van Rembrandt maakte indruk. "Het belangrijkste deel van het portret, het gezicht, blijft in de schaduw. En dat heeft mij altijd geïntrigeerd."





1. Erwin Olaf, 'Dusk, Portrait 1', 2009. 2. Jan Jansz Mostaert, 'Portret van een Afrikaanse man', ca. 1525-1530. 3. Zaaloverzicht. 4. Rembrandt van Rijn, 'Zelfportret', 1628. 5. Erwin Olaf, 'Ladies Hats, Hennie', 1985.
Erwin Olaf heeft samen met de directeur van het Rijksmuseum, elf foto's en één video-installatie geselecteerd die worden getoond in combinatie met elf schilderijen en een prent uit de collectie van het Rijksmuseum. Ieder voor zich kopstukken.
"Het is een gesamtkunstwerk van Taco Dibbits en mezelf". De combinaties mochten niet te obvious zijn. Niet té vanzelfsprekend. "Hij (Dibbits) heeft wat meer doorgedacht, zal'k maar zeggen..." (...) "Sommige dingen sloegen dood, bij andere kwam het allemaal bij elkaar."
Het bleek een puzzelen naar de verbindende elementen. Als een amourette tussen twee zielsverwanten, maar die wel heel erg verschillen van aard. 

een signatuur: niet fake, tuttig of nepperig

Iedere kunstenaar staat immers voor dezelfde uitdagingen en werkt met dezelfde middelen: zaken als (huid)expressie en mimiek, licht en donker, kleur en ruimte, textuur. Maar de oogopslag is het belangrijkste, vindt Olaf. De focus op die priemende blik. "Als fotograaf kun je wachten tot de juiste uitdrukking langskomt, maar als schilder moet je dat moment zelf creëren. Zoals Verspronck* heeft gedaan met een puntje verf. Met een klein kwastje, precies op de juiste plek dát neer te zetten, waardoor je de juiste expressie krijgt." (...) Want wat is het verschil tussen die verdrietige blik, een ontwapenende blik, een onzekere blik, een liefdevolle blik, een zachte- of een harde blik? Dat zijn nano-millimeters..."
* 'Portret van een meisje in het blauw', 1641.

mix & match to the max

Het moesten verrassende koppelingen worden en dat is uitstekend gelukt. Met vlag en wimpel. Een mix & match to the max! Zoals bij de Rembrandt-ets 'Naakte vrouw' en de foto 'La Penseuse' (Squares) uit 1987 van Olaf. "In de prent én de foto gaat het om de weergave van de huid. In het zwart-wit van de gravure en de foto komt die goed tot uitdrukking. Erwin koos, net als Rembrandt, bewust voor een niet-perfect lichaam. De huid van zijn model is voor een kunstenaar veel interessanter dan die van een jong, mooi, perfect geproportioneerd lichaam dat nog niet in verval is en dat nog geen leven achter de rug heeft."






1. Jean-Etienne Liotard, 'Hollands meisje aan het ontbijt',  ca.1956. 2. Erwin Olaf, 'Hope, The Kitchen', 2005. 3. Gerard ter Borch II, 'Galante conversatie, bekend als 'De vaderlijke vermaning', ca. 1654. 4. Erwin Olaf, 'Keyhole 3', 2012. 5. Erwin Olaf, 'Squares, La Penseuse', 1987. 6. Rembrandt van Rijn, 'Naakte vrouw, gezeten op een verhoging', 1629 - 1633.
In dit verslag haal ik Erwin Olaf verschillende keren aan en die citaten komen uit de podcast, waarin Janine Abbring de jarige fotograaf interviewt over zijn kunstzinnige loopbaan in het algemeen en over deze Rijks-tentoonstelling in het bijzonder.
(Ook) een aanrader!

Één puntje: van mij hadden de 'pendanten' wel wat dichter bij elkaar mogen hangen. Maar dat is heel persoonlijk, hé! En sorry voor de niet al te beste kwaliteit van de foto's (de expo is stemmig, maar daardoor vrij donker).

'12 x Erwin Olaf' is te zien tot en met 22 september.


-X- 


Over een week of twee krijg je weer een verslag vanuit het Amsterdamse Rijksmuseum. Meer dan 8.000 mensen uit 95 landen gaven begin dit jaar gehoor aan de oproep een zelfgemaakt kunstwerk geïnspireerd op Rembrandt in te sturen. Vanaf 15 juli (de verjaardag van de Hollandse Meester) zullen 563 inzendingen worden getoond. 'Lang Leve Rembrandt'!
Nou, dat belooft wat!

Wordt vervolgd...

Leuk bedacht: in de lift en namens de vrienden van het Rijksmuseum. :-)
Tekst en alle (iPhone)foto's: ©MiriamvanderMeer | www.agreylady.nl, tenzij anders vermeld.

Auto Post Signature

Auto Post  Signature