Museum More: dwars kijken naar modern realistische kunst

12 juni 2019
Toegankelijk, daarover kunnen we het wel eens zijn. Schilderijen voor "de kleine man die hongert naar begrijpelijke kunst*." Ik heb het over het modern realisme en dat is een kunstuiting waarbij de uitbeelding of afschildering de werkelijkheid herkenbaar weergeeft en dat is precies waar Museum More in het Gelderse Gorssel in is gespecialiseerd. Iedereen begrijpt realistische of figuratieve kunst en daardoor heeft More - een afkorting van MOdern REalisme - een lage drempel.
* aldus Carel Willink, die met deze uitspraak zijn eigen schilderkunst omschreef.

Verleden week nam ik achtereenvolgens de tram, de trein en een streekbus en bezocht ik dit Gelderse kunsthuis. Over de mooie tijdelijke expositie 'Painting Perception' van de Brit Euan Uglow maakte ik al eerder een verslag. Vandaag volgt een beschrijving van de semi-permanente vertoning van de vaste collectie én het "eenvoudige" werk van Christiaan Kuitwaard.

Ik ging 'dwars kijken' en wat dat opleverde, zie je hier....


1. Philip Akkerman, 'Zonder Titel', zes zelfportretten uit de periode 1989 t/m 2002. 2. Arnout Killian, 'Beheaded mannequin', 2004. 3. Pyke Koch, 'Zelfportret', 1936.
Ik begin met een bekentenis en: PAS OP, nu volgt een mening! Ik ben niet zo van het magisch realisme. Let wel: ik heb het over het magische, hé. Dat genre is heel populair, ik weet het, maar ik hou er niet van. Ook niet van fantasy boeken en films: die zijn ook niet aan mij besteed. Niks geen waanvoorstellingen en sprookjesachtige dromen en visioenen. Geen 'In de Ban van de Ring' en 'Harry Potter', dus ook geen schilderijen van Carel Willink, de voorman van het betoverende.

natuurgetrouwe nabootsing

Een kwestie van smaak en daarover gaan we (hier) niet twisten. Maar dat was wel de reden waarom ik niet eerder, het in juni 2015 geopende More, museum voor modern realisme bezocht, vooringenomen als ik was. Slecht geïnformeerd ook, want ik dacht dat het hele museum vol zou hangen met die geheimzinnige, soms/vaak/meestal onbestemde en beklemmende hoog geglansde fijnschilderijen. Maar niets is minder waar. Niet in Gorssel, althans, want voor het complete werk en leven van Carel Willink moet je naar het filiaal in Kasteel Ruurlo.

In de dorpskern van Gorssel staat het ietwat uit z'n krachten gegroeide museum (want aan het voormalige stadhuis zit een enorme nieuwbouw geplakt. Mooi, maar wel buiten-proportioneel groot in dit dorp halverwege Deventer en Zutphen), maar met een prachtige collectie figuratieve kunst.
Het museum is het particuliere eigendom van de voormalige chemie-bons Hans Melchers (Melchemie) en de collectie bestaat voor een groot deel uit de overgenomen bankroete boedel van de DSB Bank kunst-collectie van Dirk Scheringa. Miljardair* Melchers kocht in 2012 zo'n 1.000 stuks uitsluitend Nederlandse figuratieve kunstwerken, met - ja - de nadruk op het werk van magisch realist Willink. De 'kavel' kostte Melchers plusminus € 16.000.000,00.
* (nummer 5 op de Quote-500-lijst van 2018 met een slordige 2,3 miljard euri) 
Maar hoe dan ook, een eyeopener. Het museum mag er zijn.






1. Carel Willink, 'De zilveren bruiloft', 1924. 2. Edgar Fernhout, 'Portret van Charley Toorop', 1932. 3 Jan Wittenberg, 'Amaryllis', 1931. 4. Jan van Tongeren, links 'Stilleven met oranje-rode accenten', 1973 en rechts, 'Stilleven tegen rose fond', 1976. 5. Carel Willink, 'De zeppelin', 1933. 6. Jan Beutener, 'Rijp', 2005.  
Goed, dus geen magisch realisme voor mij. Maar het ene realisme is het andere niet, zo blijkt maar al te goed uit de vaste collectie van Museum More. Het modern realisme kent een heel spectrum van diverse uitingsvormen, zo wordt me duidelijk. Wel allemaal 'kunst naar waarneming' in de traditie van ambachtelijkheid en technische perfectie en dat is van alle eeuwen. Het nabootsen van de zichtbare werkelijkheid, dat - ondanks allerlei avant-gardistische en nieuwerwetse stromingen, altijd heeft bestaan.

Maar niet altijd en vogue, deze figuratieve stijl. De laatste eeuw ging de populariteit als een golfbeweging heen en weer. Aan het begin van de 20e eeuw waren er kunstenaars die - ondanks de vooruitstrevende trend, terugkeerden naar het traditionele, figuratieve werk. Na de tweede Wereldoorlog raakte het weer uit de mode. Er werd op neergekeken, want de abstractie, dát was Je-Van-Het: CoBrA en het abstract expressionisme kregen toen alle aandacht.
Juist door de toegankelijkheid van het neo-figuratieve - het genre spreekt immers ook het "ongeoefende oog" aan - werd de stroming door de kunst-snobs terzijde geschoven als niet relevant. De ambachtelijkheid van de vaak fijn geschilderde doeken werd door heel veel mensen omarmd, maar door de elitaire kunst-incrowd verguisd: "wel knap geschilderd hoor, maar (daardoor) niet interessant." Toch en/of desondanks bleek al snel na de opening in 2015 Museum More een groot succes. Een "collectie van nationaal belang" lees ik ergens op het wereldwijde web.

100 jaar modern realisme in Nederland

"Met de semi-permanente tentoonstelling 'Dwars Kijken' presenteert Museum MORE een dwarsdoorsnede van de eigen kunstcollectie. Ruim 100 werken van 44 verschillende kunstenaars geven een gevarieerd en eigenzinnig beeld van precies één eeuw modern realisme in Nederland", aldus het museum op hun website.
In de nieuwbouw* van het museum zie je werken van 'oude rotten' zoals (de al eerder genoemde) Carel Willink, maar ook Pyke Koch, Jan Mankes en Charley Toorop. Wat recenter: Jan van Tongeren, Rein Draijer, Co Westerik en invloedrijke hedendaagse artiesten zoals Pat Andrea, Philip Akkerman en Marlene Dumas. En volgens mij geeft juist een dergelijke variëteit een prachtig overzicht van 100 jaar - min of meer - natuurgetrouwe nabootsing in Nederland.
ontworpen door architect Hans van Heeswijk, die eerder verantwoordelijk was voor de verbouwing van het Mauritshuis in Den Haag en de Hermitage in Amsterdam.





 
1. Frans Stuurman, 'Remiseterrein', 2007. 2. Zaaloverzicht met het werk van Co Westerik. 3. Annemarie Busschers, 'Chicken pox', 2005. 4. Kiki Lamers, 'Mouth Open on Sofa', 2001. 5. Zaaloverzicht met frontaal het sculptuur 'M.T. met pistool', 2012 van Thom Puckey. 6. Pat Andrea, 'Lichtval 2', 2003. 
Ik besluit dit relaas met je te attenderen op de "werkjes" van Christiaan Kuitwaard (1965, Sneek). Naast de expositie 'Painting Perception' van de Britse kunstenaar Euan Uglow (t/m 1 september aanstaande), kun je in Museum More namelijk tegelijkertijd ook de smaakvolle en tijdelijke vertoning van '128 White Box Paintings' tot je nemen.

"Ontroerende schoonheid, teer en streng. De bedrieglijk eenvoudige stillevens van Christiaan Kuitwaard lijken de ultieme stilte te vangen. Telkens opnieuw." Deze lovende tekst op de website van More dekt de lading, want de kleine canvassen van de Friese kunstenaar zijn als een studie naar terughoudendheid en heel strak gepresenteerd. Ook ik was bijzonder gecharmeerd van de grote serie doekjes van 20 x 28 centimeter met daarop totaal onbelangrijke en random objecten. Een kop-en-schotel (meerdere), een tube, verschillende flessen en glazen, takjes. Okay, ook een schedel en een dood vogeltje, dus ook weer niet zó willekeurig.

Al vijf jaar maakt Kuitwaard wekelijks een white box painting: een geschilderd stilleven van een wit geschilderd voorwerp in een open, witte kist. Hij schildert naar directe waarneming, als een oefening in kijken, kijken en nog eens kijken. Zonder voorstudie, ondertekening of foto en merendeels zonder optische hulpmiddelen. Hij wil grip krijgen op licht en donker, schaduw, ruimte en vorm.
Op Art Forever (een online platform voor kunst en kunstenaars) kun je een 6½ minuten durend Vimeo-filmpje bekijken waarin de kunstenaar hoogstpersoonlijk het hoe, wat en waarom van zijn witte-dozen-project uitlegt.
Inmiddels heeft de kunstenaar er zo'n 400 geproduceerd, waarvan er (dus) 128 te zien zijn in Museum More. Om precies te zijn, de nummers 264 tot en met 391. 't Is maar dat je het weet.






Geen onderschriften, want de schilderijtjes hebben een nummer en that's it.
De infrastructuur in Nederland laat hier en daar toch nog wel wat te wensen over, want het is een hele onderneming om vanuit de Randstad (in mijn geval Amsterdam) met het openbaar vervoer een bezoek te brengen aan Museum More in Gorssel. (Op een zondag is het helemaal een crime, want dan gaat de streekbus vanuit Deventer slechts één keer per uur. Voor de doorgewinterde fietsers onder ons zou een OV-huurfiets een optie kunnen zijn). En vergeet het maar dat je dan op dezelfde dag ook de locatie in Ruurlo zou kunt vereren met een bezoek. Dat is al helemaal een mission impossible.

Maar áls je er dan bent (en dan heb ik het over de vestiging in Gorssel), dan héb je ook wat. Een overzichtelijk kunstfestijn met een representatieve schets van een centennial figuratieve kunst. 


- X-


Zoals gewoonlijk raad ik je aan eerst even de website van Museum More te bekijken voor de broodnodige bezoekersinformatie (zoals de openingstijden). Je wilt niet voor niks komen...

Hieronder: Axel van der Kraan en Helena van der Kraan, 'Omkijkende man', 1978. 



Bronnen: diverse pagina's van Wikipedia, Museum More.
Tekst en alle (iPhone)foto's: ©MiriamvanderMeer | www.agreylady.nl.

'Inspired by Rembrandt' in Museum het Rembrandthuis

9 juni 2019
"Wie trad in Rembrandts voetsporen?" Met deze vraag kopt Museum Het Rembrandthuis in een persbericht naar aanleiding van de tentoonstelling 'Inspired by Rembrandt'. Het antwoord op deze retorische vraag is natuurlijk: wie niet? Onze nationale trots en grootmeester van het naturalisme was een inspiratiebron en wegbereider voor zowat alle kunstenaars na hem. En ook bij leven was hij een dusdanig groot schildersgenie, dat hij wel heel veel navolging móest krijgen.

In het als museum dienstdoende voormalige woonhuis, kunsthandel en schildersatelier van Rembrandt van Rijn (Leiden, 1606 – Amsterdam, 1669) zie je sinds 7 juni een greep uit de eigen collectie kunst op papier. Prenten van adepten van Rembrandt - zowel die uit zijn eigen tijd, als die van kunstenaars van nu. En alles daar tussenin.

Kijk je mee naar een 'soort van' Rembrandt playbackshow?



1. Pablo Picasso, Rembrandt en de drie vrouwenhoofden, 1934, ets, staat II(2), 139 x 208 mm., Museum Het Rembrandthuis, Amsterdam. 2. Zaaloverzicht. 3. #peoplelookingatart...
Onderverdeeld in acht thema's toont het Rembrandthuis aan de Jodenbreestraat sinds van de week een selectie van de - in ruim honderd jaar door het museum verzamelde kunst. Let wel: het assortiment is vooral grafisch van aard. In totaal zo'n 4.000 stuks en de collectie is groeiende. Sterker nog, het museum gaat hamsteren, want het is van plan in de toekomst vaker combinaties te gaan maken met 'oud & nieuw'. Vaker dan nu het geval is, wil het kunsthuis spannende koppelingen gaan vertonen van de Meester uit de Gouden Eeuw met de 19-, 20- en 21ste eeuwse kunst uit eigen collectie. 'Inspired by Rembrandt, 100 jaar verzamelen door het Rembrandthuis' is een voorproefje op dat voornemen. Ik zeg: strak plan!

ken je klassiekers

En het valt nogal mee met die Rembrandt-moeheid. Ik verwachtte een overkill met de elf exposities in dit 350ste sterfjaar van de Grote Meester en vreesde doodgegooid te worden met alles wat maar enigszins aan Rembrandt refereert. Toch blijkt de spreiding, zowel door het land áls door het jaar heen, dusdanig, dat het allemaal aardig te behappen is.

meesterlijke realist

Goed. Het was niet per se Rembrandts etstechniek dat uniek was. Nee, vooral zijn kijk op de wereld; zijn naturalisme werd in de mondiale art scene bewonderd. Niet de klassieke oudheid was voor Rembrandt richtinggevend: hij was beroemd om zijn 'vulgaire', banale werkelijkheidszin. Vooral die Hollandse nuchterheid, dat "doe maar gewoon", bleek een lichtend voorbeeld voor andere artiesten.
"De meeste kunstenaars lijken vooral geïnteresseerd te zijn geweest in de typische artistieke kwesties waarmee Rembrandt zich bezighield: de expressiviteit in zijn lijn, de weergave van schaduw, het zoeken naar een diep zwarte toon en natuurlijk de compromisloze weergave van de werkelijkheid, waaronder zaken waar nog steeds een taboe op rust, zoals verwrongen gezichten, oude lichamen, diepe rimpels en mensen die plassen in het openbaar". Tot zover de verduidelijking van het museum.






1. Rembrandt, 'De tweede 'oosterse' kop', ca. 1635. 2. Zaaloverzicht. 3. Gérard de Palézieux, 'Kanaal op de Lagune', 1988. 4. Willem den Ouden, 'Varikse uiterwaarden', 1980. 5. Lou Strik, De overwinnaar II', 1962. 6. Zaaloverzicht, 'Wat is er verzameld?'
Voor deze tentoonstelling gewijd aan Rembrandts volgelingen, werden de kunstwerken gegroepeerd in acht "prikkelende" thema's (en gemarkeerd met een eigen kleur). En inderdaad, een paar van die topics spreken ook mij in het bijzonder aan. Neem 'Koppen', oftewel tronies. Ik leerde en passant nog een interessant feitje: je spreekt van een portret als het model bekend is; een naam heeft. Bij een anoniem hoofd spreek je van 'kop' of - in het Nederlands uit de Gouden Eeuw, 'tronie'. Het waren vaak studies waarin een karakter of type werd neergezet.

kopstukken

De inleiding tot de acht thema's is telkens een ets van Rembrandt en voor 'Koppen' werd gekozen voor 'De tweede 'oosterse' kop' (uit ca. 1635). In eerste instantie waren het (jeugdvriend) Jan Lievens en (leerling) Ferdinand Bol die in navolging van Rembrandt tronies gingen maken. Ook van de Italiaanse kunstenaar Baldassare Castiglione hangt er werk, gevolgd door Picasso in de vorige eeuw en nog wat recenter, van Glenn Brown. Met name het werk van deze laatste is indrukwekkend. De basis voor 'Half-Life (after Rembrandt) 1-6' uit 2016 vormen vier tronie-etsen van Rembrandt, die Brown dusdanig bewerkte dat er een wirwar van lijnen ontstond, waarin je smoelwerk kunt ontwaren. Zes stuks. Mooi.

uit het leven gegrepen

Ook 'Rauw' is zo'n onderwerp dat mijn nieuwsgierigheid prikkelt, want (niets menselijks is mij vreemd) wie wil niet verrast of misschien zelfs wel geshockeerd worden door de rafelrandjes; het echte leven, de naakte waarheid? "Rembrandt liet zijn naaktmodellen zien zoals ze waren. Niet geïdealiseerd, dus zonder bevallige pose of strakgetrokken huid. Dit in tegenstelling tot vrijwel al zijn tijdgenoten."
En ook de verleden jaar overleden kunstenaar Aat Veldhoen (Amsterdam, 1934-2018) had de reputatie te werken 'naar het leven'. Onbeschaamd, ongekuist en onverbloemd. Nietsverhullende blote vrouwen en vrijende stellen domineerden zijn oeuvre en dus zeker niet alleen 'modellenwerk'. Nee, hij verbeeldde bejaarde vrouwen, dikke, dunne, zwangere en barende vrouwen, vrouwen met baby's, een meisje met het syndroom van Down.






1. Zaaloverzicht. 2. Horst Janssen, 'Uit: Hanno's Tod', 1972. 3. Aat Veldhoen, 'Paring', 1962. 4. Epco Runia, hoofd collectie Museum het Rembrandthuis. 5. Aat Veldhoen, 'Mevrouw Vlek, naakt', 1964, lithogrfie, 290 x 480 mm., Museum Het Rembrandthuis, Amsterdam. 6. Zaaloverzicht.
En hoe toevallig (of juist niet...): Museum Het Rembrandthuis blijkt een grote verzameling te bezitten en een speciale band te hebben met de Amsterdamse kunstschilder en graficus. "Ter gelegenheid van Veldhoens zeventigste verjaardag in 2004 exposeerde Museum Het Rembrandthuis een verzameling van zijn werk", lees ik op Wikipedia. Vandaar en zodoende zie je flink wat prentwerk van Veldhoen met (onder andere) het exemplarische portret van 'Mevrouw Vlek, naakt' (1964), de vrouw van de groenteman.
Ook kunstenaar Marlene Dumas liet zich inspireren door de schilder-maestro en dat wordt wel heel erg duidelijk bij haar litho "Plassende Vrouw'* (1996). "Rembrandt had dit onderwerp al geëtst, maar Dumas maakt duidelijk dat dit onderwerp nog steeds niet helemaal 'taboevrij' is", aldus Epco Runia, hoofd Collectie Museum Het Rembrandthuis en samensteller van de vertoning.
* Op de print staat geschreven: 'waterende vrouw'.

ambacht in beeld

De thema's 'Koppen' en 'Rauw' spreken erg tot de verbeelding, maar er is (zoals gezegd) meer. In 'Leven' zie je de alledaagsheid van dát wat Rembrandt tot zijn onderwerp maakte en die 'intimiteit' vond alom navolging. In 'Natuur', Zwart', 'Leegte' en 'de Lijn' komen de wat meer kunstzinnig-technische aspecten aan bod, zoals de vlakverdeling en compositie, lichte en donkere tonen, zwart|wit contrast ("het alles-absorberende zwart"), het lijnenspel en 'de kunst van het weglaten'. Van die dingen...

Selfie-koning

Tot slot nog even iets over 'Zelf' (en dan zijn we rond). Het thema 'Zelf' duidt op de 80 selfies van Rembrandt en hoe kunstenaars dat ná hem hebben aangepakt. Niet misselijk, die 80 stuks! En daarom weten we van geen enkele kunstenaar zóveel over zijn uiterlijk als dat van Rembrandt (behalve dan van Heleen van Royen).
Hij maakte zelfportretten in al zijn levensfasen (zowel schilderijen, etsen en tekeningen): zijn eerste beeltenis als jongeling en een laatste, op 63-jarige leeftijd. Het genre is heel interessant.  De kunstenaar kijkt noodgedwongen in de spiegel, is heel geconcentreerd en gefocust en kijk dus meestal met een serieuze blik, maar als toeschouwer lijkt het alsof hij je direct aankijkt (niet dus) óf dat hij mijmerend naar het oneindige staart.






1. Rembrandt, Naakte vrouw, zittend op een heuveltje, ca. 1631, ets, staat II(2), 177 x 160 mm., Museum Het Rembrandthuis, Amsterdam. 2. Zaaloverzicht. 3. Helene Dumas, 'Plassende vrouw', 1996. Museum Het Rembrandthuis, Amsterdam. 4. Horst Janssen, 'Laokoön 1, 2, 3 en 7', 1986. 5. Boven: Jan de Beus, 'Jaël de Beus', 1996 en onder: Samuel Jessurun de Mesquita, 'Joodse bruidje, naar Rembrandt', 1922. 6. Charles Donker, Meidoornstruiken in de sneeuw in Groningen, ca. 1985, ets, 324 x 367 mm., Museum Het Rembrandthuis, Amsterdam. 
Altijd een opgave (of moet ik zeggen, een uitdaging): etsen, prenten en foto's (welke kunst dan ook) achter spiegelend glas fotograferen. Soms helpt het om het werk schuin te benaderen, maar meestal is het resultaat teleurstellend. Vandaar dat je ook een aantal door het museum ter beschikking gestelde persbeelden ziet. Dank daarvoor.


-X-


'Inspired by Rembrandt' is te zien tot en met 1 september, maar kijk - voordat je van huis gaat, eerst even op de website van Museum Het Rembrandthuis voor bezoekersinformatie.

En dan nog even dit. Wil je meer lezen over Rembrandt van Rijn in dit jublileumjaar?
'Rembrandt's Social Network' in Museum Het Rembrandthuis

Glenn Brown, Half-life (naar Rembrandt) 2, 2016, ets, 750 x 560 mm., Museum Het Rembrandthuis, Amsterdam. 
Tekst en (iPhone)foto's ©MiriamvanderMeer | www.agreylady.nl, tenzij anders vermeld.

Euan Uglow in Museum More met 'Painting Perception'

4 juni 2019
Wel eens van gehoord? Van Euan Uglow? (Spreek uit: Juhan Juglo). Ik ook niet, hoor. Tot een week of wat geleden. Toen zag ik een campagneposter met de aankondiging voor de expositie 'Painting Perception'. Op dat affiche ter promotie van de tentoonstelling in Museum More zag ik een afbeelding van een van zijn olieverfschilderijen en ik was op slag verliefd.

Sinds 26 mei jl. vertoont het museum voor modern-realistisch kunst in het Achterhoekse Gorssel een selectie van 60 naakten, portretten, stillevens en landschappen én tekeningen van de Britse kunstenaar Euan Uglow. "Een uniek inzicht in zijn obsessieve zoektocht naar absolute perceptie", lees je op de website.
Ik vind het 'gewoon' heel mooi.

Komt dat zien!



1. Detail uit 'Root Five Nude', 1974-1975. 2. Zaaloverzicht. 3. 'Imperial War Museum', 1964. 
Zoals je kunt zien, heb ik de eerste foto van dit bericht moeten 'verminken'. Ik heb namelijk de tepels van het model op het schilderij 'Root Five Nude'* 'geblurd', alleen maar omdat ik de afbeelding anders niet zou kunnen plaatsen. Facebook en Instagram verwijderen rücksichtslos posts waarop borsten te zien zijn, ook als ze 'handgemaakt', oftewel geschilderd zijn. Dat lot ondergaat alleen de vrouwelijke borstpartij, want een mannentorso komt wel langs de blootpolitie van deze social media-platforms (bij mijn verslag van de expo 'Naakt of Bloot' in Museum Jan Cunen liep ik daar ook al tegenaan). Hypocriet. Maar goed, 't is niet anders.
Hieronder zie je het schilderij breeduit en ongeschonden (foto 6). 

50 tinten vleeskleur

En dat terwijl de onderhavige kunstenaar juist zulke prachtige naakten heeft geschilderd. De Britse kunstenaar Euan Uglow (1932 - 2000, Londen, GB) was een meester in het verbeelden van het vrouwelijke lijf. In 50 tinten vleeskleur. Nou, ja? In zijn oeuvre geen donkere mensen. Wel alle nuances van (licht-)beige, -oranje en -roze. Want alle mensen zijn anders, maar per persoon heeft een lichaam op verschillende plekken ook weer verschillende kleurschakeringen. Er zijn tal van variaties en diverse invloeden en die hebben niet alleen te maken met schaduwen en highlights (variaties in value), maar ook met de intensiteit (variaties in chroma) en de kleur zelf (hue).

Wat mij zo ontroert in de naakten van Uglow, is de herkenbaarheid van die kleurnuances en ton-sur-tons. Veel van de door de kunstenaar geschilderde blote vrouwen hebben donkerder benen en armen en zo ziet het er bij mij ook uit. De ledematen zijn veel meer en veel vaker blootgesteld aan zonlicht en dus roze/rood/bruin, terwijl de romp (nog) een melkkleur heeft. Het contrast kan enorm zijn. Heel typerend voor 'witte' mensen.
Er doemt bij mij gelijk ook een beeld op van (vaak Engelse) in-witte badgasten, op (vaak Spaanse) zonovergoten stranden: na één dag - onbeschermd - op die Costa's hebben ze een kleur als die van een gekookte kreeft. Au!

Goed. Dat zijn zo wat van mijn gedachten en associaties bij de mooie vleeskleuren van Uglow. You get my drift, dus laten we het over kunst gaan hebben... :-)






1. 'Miss Benge', 1961. 2. 'Gyroscope Nude', 1967. 3. 'Skull', 1994-1997. 4. 'The Diagonal', 1971-1977. 5. 'Watermelon in Marocco', 1963. 6.  'Root Five Nude', 1974-1975.
Even terug naar de titel van de expositie: Painting Perception, want perceptie; oftewel waarneming blijkt cruciaal in de kunst van Uglow. "Hij voerde het schilderen naar de waarneming, dat eind jaren dertig was herontdekt door de leden van de Euston Road School in Londen, tot een nieuw en ongekend hoogtepunt", aldus een citaat van het museum. De expo (...) "is een uniek inzicht in Uglow's obsessieve zoektocht naar absolute perceptie". En let op! Hier ben je geneigd om niet 'perceptie' te lezen, maar 'perfectie' en met die verspreking is meteen een ander wezenlijk onderdeel van de kunst van Uglow blootgelegd.

perceptie én perfectie 

Want een perfectionist was het. "Ooit vroeg hij een model te poseren als de piramide van Gizeh." Een ander model: Georgia, en te zien op het doek dat hij schilderde in de periode 1968-1973, werd gevraagd haar haar af te knippen, want hij wilde een kapsel met een perfecte horizontale lijn.
Dus ook dat woord 'obsessief' blijkt treffend gekozen. Uit al zijn schilderijen, maar misschien nog wel het meest uit zijn tekeningen, blijkt dat Uglow dwangmatig op zoek was naar de verhoudingen. Absoluut geen schilderijen vanuit de losse pols. "Weer iemand anders schilderde hij vanaf een in hoogte verstelbare zitplaats, zodat hij alle lichaamsdelen exact recht van voren kon weergeven. Zonder optische verkortingen." Hij was dus niet per se op zoek naar de juiste verhoudingen en precies dát maakt zijn werk ook zo intrigerend en bijzonder.
Dit klinkt allemaal wat cryptisch, dus ik ga het je uitleggen. Tenminste? Een poging ondernemen...

meten is weten 

Als je goed kijkt, zie je op de schilderijen van Uglow allerlei markeringen. Je ziet streepjes, kruisjes en lijntjes (hieronder zie je een detail van het schilderij 'The Diagonal' waarop je kunt zien wat ik bedoel), want de kunstenaar benaderde zijn onderwerp heel mathematisch. Zijn beeldtaal; de manier waarop hij zijn boodschap over wilde brengen, was gebaseerd op "de esthetiek van geometrische verhoudingen, waarvan de rechthoek de uitingsvorm is."






1. 'The Diagonal' (detail), 1971-1977. 2. 'Yellow Pear', 1990. 3. Zaaloverzicht met 'Nude from twelve regular positions from the eye', 1967. 4. 'Passionate Proportion', 1964. 5. 'Ali', 1995-1997. 6. 'Propeller', 1994-1995.
Uitgaande van de geometrie in de werkelijkheid, dwong Uglow gedurende zijn schilderscarrière de werkelijkheid steeds vaker naar de geometrie. Hij maakte opstellingen in zijn atelier (set ups) met strepen op de vloer en muur en (lood-)lijnen vanaf het plafond, waardoor hij dát wat hij zag (het 3-dimensionale) kon overbrengen naar het onder handen zijnde (2-dimensionale) doek. Zoiets als de werking van het overzetten (en vergroten) van een afbeelding door middel van ruitjespapier. Ook het perspectief is van invloed op deze manier van werken. Allerlei wis- en natuurkundige principes spelen hierbij een rol (die overigens mijn pet te boven gaan. Dat dan wel. :-/ ).

timmermansoog

Hoe krijg je - dát wat je voor je ziet en waar je verrukt over bent, zodanig op het doek, dat je ook daar - op dat platte vlak - die verrukking ervaart? Dat was Uglow's uitdaging en mijns inziens is hij daar uitstekend in geslaagd. Zijn methode was nauwgezet, waarbij heel wat metingen en correcties nodig waren om beelden te creëren die zeker niet (hyper-)realistisch zijn. "Want in naturalisme was hij niet geïnteresseerd."
Het meetproces was heel arbeidsintensief en tijdrovend. Uglow grapte daarover, dat het model verloofd was toen hij begon met het portret; dat hij haar nog steeds schilderde wanneer ze ging trouwen en dat hij het doek pas voltooide als zij aan het gescheiden was. Zijn kunstwerken zijn ambachtelijk en heel stilistisch. Sculpturaal haast, met mooie, maar vooral verrassende uitsneden. Opvallend is dat Uglow geen enkele moeite deed om zijn hulplijnen te verdoezelen. De toeschouwers is deelgenoot van het denk- en maakproces van de kunstenaar.
Je ziet weinig uitdrukkingen op de gezichten: daar was Uglow niet zo in geïnteresseerd. Dus vaak van terzijde, en profil of afgewend en in een enkele geval zelfs niet uitgewerkt.






1. 'Nude with Green Background', 1964-1965. 2. 'The Quarry, Pignano' (achter spiegelend glas), 1979-1970., 3. Palm Tree', 1971. 4. The Lightest Painting on Earth', 1989-1993. 5. Impresie. 6. 'Study after Rembrandt's Margaretha de Geer', ca. 1966. 
Uglow hield niet van de schijnwerpers: hij bleef verre van de art scene en wordt daarom ook wel een artists' artist genoemd. Geprezen door vakgenoten die hem bewonderden vanwege "zijn gestructureerde schilderijen vol gecontroleerde en daarom krachtige emotie."

kunstenaarskunstenaar

En wat fijn dat we in Museum More kennis kunnen maken met het mooie werk van Euan Uglow. Te zien t/m 1 september aanstaande.
Maar er is meer te zien in het Achterhoekse museum: een prachtige vaste collectie en een kleine presentatie met het werk van Christiaan Kuitwaard.
Wordt vervolgd!


-X-


Hierboven zie je Uglow's 'Study after Rembrandt's Margaretha de Geer' (ca. 1966) en dat is dan weer een mooi bruggetje naar mijn volgende verslag. Aankomende vrijdag, 7 juli opent in Museum het Rembrandthuis de expositie 'Inspired by Rembrandt'.
So stay tuned!


De bij de tentoonstelling uitgegeven catalogus wordt door mij hogelijk aanbevolen. Veel interessante en vooral goed leesbare informatie over de kunstenaar én zijn werkwijze. En natuurlijk afbeeldingen van zijn geweldige schilderijen. Te koop in de museumwinkel. 
Tekst en alle (iPhone)foto's ©MiriamvanderMeer | www.agreylady.nl

Auto Post Signature

Auto Post  Signature