Museum Ludwig in Keulen: Pablo Picasso in de hoofdrol

8 mei 2019
Vandaag hou ik op deze plek een warm pleidooi voor een (museum)tripje naar Keulen. Afgelopen week was ik er voor de tweede keer en die ervaring heeft mij doen besluiten om de stad schaamteloos in de promotie te gooien. Voor iedereen met een greintje kunstzinnigheid: óp naar Keulen en haar rijke culturele erfgoed. In dit weblog leg ik uit waarom.

Het mooie Museum Ludwig is wat mij betreft de belangrijkste reden (met stip op nummer 1), want dit grote museum pal aan de Rijn en ingeklemd tussen de beroemde Dom en het Hauptbahnhof, richt zich op beeldende kunst uit de 20e en 21e eeuw. Het is een van de toonaangevende kunstmusea van Duitsland en (sorry voor mijn dweperigheid) ik ben een fan girl.
(Dus) niet langer gedraald, let's go!




1. Pablo Picasso, 'Nu couché á l'oiseau', 1968. 2. Sonja Delauney, 'Rhythme Couleur', 1968. 3. Henri Laurens, 'L'Adieu', 1940-1941. 4. Oskar Kokoschka, 'Dresden, Neustadt III', 1921. Alle vier eigen collectie Museum Ludwig. 
Een paar maanden geleden bezocht ik Keulen voor de eerste keer (in het kader van Cologne Fine Art) en - uiteraard zou ik willen zeggen - maakte ik van de gelegenheid gebruik om ook Museum Ludwig te bezoeken. Zodoende maakte ik kennis met de indrukwekkende collectie werken van nagenoeg alle belangrijke kunstenaars van de laatste - pak weg - honderdtwintig jaar.
Het museum dankt zijn bestaan aan een enorme schenking van kunstconnaisseurs en serieus verzamelpaar Peter en Irene Ludwig. De genereuze donatie bestond uit hun volledige collectie Amerikaanse Pop Art (de grootste buiten de Verenigde Staten); een substantiële hoeveelheid kunst van de Russische avant-garde uit de jaren '20;  schilderkunst van het Duitse expressionisme (via de schenking van de Haubrich collectie) en daarnaast nog een assortiment Pablo Picasso's waar je U tegen zegt. 

mooie kopstukken

Over die gulle gift én de oprichting in 1986 van het, naar de weldoeners vernoemde museum, maakte ik al eerder een weblog, waarin ik ook de grote collectie Pop Art aan bod liet komen (dat relaas lees je hier). Vandaag richt ik mij op die andere stromingen waarin het museum grossiert.

De routing in het museum is heel logisch, want waar mogelijk doorloop je in chronologische volgorde - van boven naar beneden - de diverse stijlperioden en krijg je mooie kopstukken daarvan voorgeschoteld. (Dus) startend op de tweede verdieping zie je de 'oudste' werken: Russische avant-garde, Constructivisme,  (Duits) Expressionisme, Kubisme, Bauhaus, Abstracte kunst, Dada en Surrealisme én is er aandacht voor Entartete Kunst. Ook zie je hier een mooie vertoning van een deel van de eigen Picasso's en werken van Ferdinand Léger. 
Tip! Bij mooi weer zijn de deuren naar de twee dakterrassen geopend en vanaf die plekken heb je een machtig uitzicht op de imposante kathedraal. 





1. Max Ernst, 'Birth of Comedy', 1947. 2. Een sculptuur van Germaine Richier, 'Le griffu', 1952 en het schilderij van Francis Bacon, 'Painting 1946, Second Version', 1971. 3. Piet Mondriaan, 'Tableau I', 1921. 4. Zaaloverzicht met uitzicht op de Rijn. 5. Salvador Dali, 'La Gare de Perpignan', 1965. 6. Kees van Dongen, ''Portret van Ana', 1906-1911.  
Goed. Naast die Pop Art (die ik dus al eerder behandelde), was ook de kunst van Pablo Picasso favoriet bij chocoladefabrikant Peter Ludwig (1925-1996) en zijn echtgenote Irene, die net als hij in Mainz kunstgeschiedenis studeerde. Die belangstelling voor de Spaanse kunstenaar stamt al uit de jaren vijftig en hoe serieus die interesse was, mag blijken uit het feit dat Ludwig het werk van Pablo Picasso als onderwerp koos voor zijn eindopdracht* aan de universiteit.
* De titel van de dissertatie luidde: "Das Menschenbild Picassos als Ausdruck eines generationsmässig bedingten Lebensgefühls"

souvenirs van de 20e eeuw

De schathemeltjerijke bonbonmagnaat* waardeerde Picasso's veelzijdigheid - met name zijn beheersing van het grote aantal technieken - én zijn onvermoeibare werklust tot aan zijn dood op 91-jarige leeftijd in 1973. Die fascinatie voor Pablo (Diego José Francisco de Paula Juan Nepomuceno María de los Remedios Cipriano de la Santísima Trinidad Ruiz y) Picasso heeft geleid tot een verzameling van meer dan 180 stuks vooral schilderijen, maar ook beelden en keramische objecten én zo'n 600 werken op papier (oftewel grafische kunst). En daarmee de twee na grootste collectie Picasso's ter wereld, ná die van Musée Picasso Paris en Museu Picasso de Barcelona. Nu in eeuwigdurende bruikleen (dus eigendom, zou ik zeggen) van, en te zien in Museum Ludwig. Tenminste? Niet allemaal tegelijk, wel een representatief deel daarvan.
(Even voor je begrip: alleen al in 1990 - dus in één jaar - besteedde het echtpaar 3,5 miljoen Duitse mark aan kunstaankopen). 


onverbeterlijke womanizer

Niet alleen in Picasso's leven, maar ook in zijn werk hebben vrouwen altijd een belangrijke rol gespeeld. Als onverbeterlijke womanizer, was vrouwelijk schoon een steeds terugkerende thema (en in de categorie 'roddel en achterklap': hij zou met veertien vrouwen een min of meer serieuze relatie of affaire hebben gehad, los van mogelijke one night stands).
Picasso’s creativiteit werd zelfs dusdanig gestimuleerd door zijn partner of maîtresse van dat moment, dat zijn omvangrijk levenswerk ook wel wordt ingedeeld naar de periode dat hij met een bepaalde vrouw samen was. En die verschillende fasen liepen - niet erg verrassend - ook aardig parallel aan de vernieuwingen in de moderne kunst.
Grofweg volgde hij deze stilistische wegen: van een blauwe, naar de roze periode (beiden gerekend tot het postimpressionisme), met aansluitend het kubisme, dat hij samen met collega Georges Braque ontwikkelde. Daarna werkte hij 'klassiek', toen meer surrealistisch en ten slotte abstract en van elk van deze schilderstijlen heeft het museum mooie voorbeelden.






vbnb vier keer Pablo Picasso en twee maal Ferdinand Léger: 1. t/m 4. Picasso met  'Mosquetaire et Amor', 1969,  'Tête de femme (Dora Maar)', 1941, 'Verres et fruits', 1908 en zaaloverzicht. 5. en 6. Léger met 'Les plongeurs' (The Divers), 1942 en 'La partie de campagne', 1954. 
In de verzameling zijn het niet 'alleen' schilderijen uit de diverse tijdvakken, maar ook talrijke keramische borden, schalen, vazen en sculpturen, zoals de monumentale kop 'Tête de femme (Dora Maar)' uit 1941 (Dora Maar was ook een van de vele veroveringen van Picasso).
Daarnaast bezit het museum de drie door de maestro gemaakte grote ets-cycli, namelijk de 'Vollard Suite' (1930-1937), 'Suite 345' (1968) en 'Suite 156' (1971). Voor 'Vollard Suite', een reeks van 100 etsen én hoogtepunt in zijn grafisch oeuvre (vernoemd naar uitgever Ambroise Vollard), was zijn minnares Marie-Thérèse Walter de voornaamste muze. De jonge dame (zij was pas 17 toen ze Picasso ontmoette) stond model en op sommige etsen wordt zij bemind en soms ook bespied door een minotaurus (half mens, half stier) met sterk surrealistische trekken.

"Het schilderen is sterker dan ik. Het onderwerpt me aan zijn wil."


Allez! Tot zover de grote Picasso-collectie van Museum Ludwig, waarvan op de tweede etage een deel te zien is. We vervolgen onze weg door het museum. Via het indrukwekkende trappenhuis lopen we naar de eerste verdieping, alwaar we oog in oog komen te staan met karakteristieke kunstwerken uit de Pop Art, Fluxus, Nieuw Realisme, Abstract Expressionisme, Minimal Art en Conceptuele Kunst. Et voila: op twee niveau's een tijdreis door 120 jaar moderne en actuele kunst.

all time favorites

In het souterrain en op de begane grond tenslotte, zijn de tijdelijke tentoonstellingen te bewonderen. Zo zag ik het werk van de van oorsprong Turkse kunstenaar Nil Yalter met haar presentatie genaamd 'Exile is a hard job'. In het retrospectief onderzoekt de in Parijs wonende artiest thema's als migratie, discriminatie en feminisme.






1. Pablo Picasso, 'Tête de femme lisant', 1953. 2. Twee maal Otto Freundlich: brons 'Ascension', 1929/1960 en mozaïek 'Geburt des Menschen', 1919. 3. Isa Genzken, 'Venedig', 1993. 4. Edward Kienholz, 'Night of Nights', 1961. 5. Marisol, 'La Visita', 1964. 6. Sol Lewitt, 'Red Square, White Letters', 1962.  
Misschien moet ik nog een paar andere argumenten noemen om je over te halen een bezoek te brengen aan Keulen? Want naast Museum Ludwig is er natuurlijk meer te doen in de Duitse Domstad. Ikzelf ben erg gecharmeerd van toegepaste kunst, dus een bezoek aan het MAKK (Museum für Angewandte Kunst Köln) zou voor de hand liggen (zeg maar gerust een must), maar helaas was het design museum tijdens mijn bezoek aan Keulen under construction. Kijk dus voordat je afreist eerst even op de website voor bezoekersinformatie.

Wat ik ook niet deed (maar wel hoog op mijn to-do-list): 'Skulpturenpark Köln'. Het park presenteert hedendaagse buitenkunst in wisselende expo's. En voor de andere Keulse musea kijk je op de website van museenkoeln. Gek van historische architectuur? Wat dacht je van die geweldige Dom en daarnaast heeft Keulen maar liefst 12 romaanse kerken (dus gebouwd tussen 1000 en 1200).
Kabelbaantje dwars over de Rijn? My worst nightmare (ik heb giga hoogtevrees), maar voor sommigen de ultieme beleving. Van maart tot november (kijk eerst even op de site) heb je in de Seilbahn een "prachtig vogelperspectief" 🤢 tussen de Altstadt en de Koelner Zoo, en dat laatste zou mogelijk (ook) een leuke bestemming kunnen zijn. 

Goed. Voor meer tips verwijs ik maar al te graag naar de website van Visit Köln.

Lang leve Keulen (en Museum Ludwig)!



-X-


Over een paar weken staat er een citytrip naar Londen op de planning. Misschien heb jij wel een goeie tip? Laat in dat geval als je blieft een reactie achter!

Het uitzicht op de monumentale Dom vanaf het dakterras van Museum Ludwig.
Bronnen: Wikipedia, Art Salon Holland
Tekst en alle (iPhone)foto's: ©MiriamvanderMeer | www.agreylady.nl.
Post Comment
Een reactie posten

Auto Post Signature

Auto Post  Signature