'nederland ⇄ bauhaus' in Museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam

12 februari 2019
Op de valreep. Net voordat Museum Boijmans Van Beuningen voor een uitgebreide renovatie van zo'n zeven jaar haar deuren sluit, pakt het nog één keer uit met de tentoonstelling 'nederland ⇄ bauhaus – pioniers van een nieuwe wereld'.
In Duitsland vieren ze dit jaar 100 jaar Bauhaus (opgericht in 1919 in het Duitse Weimar) en wij feesten met onze oosterburen mee. Op bescheiden en 'eigen wijze' weliswaar. Sinds 9 februari jl. zie je in het Rotterdamse museum een interessante expositie over de invloed die de Nederlanders hebben gehad op de spraakmakende kunst- en ontwerpschool.

Als groot liefhebber van (toegepaste) kunst uit het begin van de vorige eeuw, is deze vertoning voor mij een must see. En jij kunt meegenieten, want ik maakte het navolgende verslag.
Kijk je mee?



1. Peter Keler, Wohnung in Weimar. Entwurf und Ausführung, 1927, Particuliere collectie in Nederland. Foto: Museum Boijmans Van Beuningen. 2. Het leerplan van Bauhaus.
3. Wassily Kandinsky, 'Lyrisches, 1911, Museum Boijmans Van Beuningen.
Dit jaar viert Duitsland het eeuwfeest van het Staatliches Bauhaus Weimar, want het is honderd jaar geleden dat architect en industrieel ontwerper Walter Gropius de revolutionaire kunstopleiding oprichtte (als een 'fusie-school' van twee andere, al bestaande opleidingsinstituten, in eerste instantie in Weimar, maar vanaf 1925 in Dessau).

interdisciplinaire samenwerking en productieve onenigheid

Gropius had de bedoeling om zijn leerlingen op te leiden tot allround kunstenmakers*. Naast de basale vakken als vorm-, compositie- en kleurenleer, tekenen, schilderen, beeldhouwen en kunstgeschiedenis, kregen de studenten ook les in metaal- en houtbewerking, weven, keramiek, glas-in-lood, fotografie, grafische vormgeving & reclame, meubelmaken, theatertechniek en het toneelspel.
Met deze kunstzinnige uitingen zou een nieuwe geïntegreerde (ontwerp-)stijl ontstaan die ten dienste stond van het grotere ideaal, namelijk om mooi en functioneel design te produceren. Bauhaus stond een wisselwerking voor van plastische kunsten, ambachtelijke techniek en industriële productie. Een volledig ontworpen omgeving – van theelepeltje tot complete stad – die paste bij een nieuwe samenleving, ontdaan van allerlei 'ouderwetse' vormen en materialen. "Het uiteindelijke doel van alle beeldende kunsten is het bouwwerk," aldus Gropius. "Juist door de disciplines samen te laten werken, ontstaat uiteindelijk een gebouw waar alles samenkomt."

Gesamtkunstwerk

Een kruisbestuiving tussen kunst en ambacht en daarmee een representatie van de Nieuwe Tijd. Simpele vormen, strakke lijnen. En dat uitgangspunt maakte de ontwerpen bij uitstek geschikt voor massaproductie, waardoor producten betaalbaar en toegankelijk zouden worden voor iedereen. Een goed voorbeeld zijn stoelen: die moesten praktisch zijn: product en symbool van de machines waaruit zij voortkwamen. Geen statussymbolen, maar 'zit-machines'.

De leerling moest drie cursussen doorlopen: de eerste was de Vorkurs: een basisperiode van zes maanden die bedoeld was om de student te 'zuiveren' van alle op conventionele wijze vergaarde kennis en om hem vertrouwd te maken met de theorie en praktijk van de werkplaats. Het onderwijs in de werkplaats duurde drie jaar en werd afgesloten met het gezellendiploma. Alleen gezellen in het bezit van dit officiële vakdiploma mochten tenslotte de architectuurcursus volgen (bron).







1. Piet Mondriaan, 'Compositie I', 1923-1924. 2. Zaaloverzicht, foto: Aad Hoogendoorn. 3. Theo van Doesburg, Grundbegriffe der neuen gestaltenden Kunst , deel 6 uit de reeks Bauhausbücher , ontwerp Theo van Doesburg, 1925. Particuliere collectie in Nederland. Foto: Museum Boijmans  Van Beuningen. 4. Franz Marc, 'Het Schaap', 1913-1914. 5. Zaaloverzicht. 6. Paul Citroen, vintage reprofoto grosstadt, circa 1920.
Vernieuwingsdrang, idealisme, ambities en creativiteit; alle vier kenmerkend voor het Bauhaus en dit avant-gardisme - tegenwoordig het modernisme genoemd - verspreidde zich via een netwerk van kunstenaars, tentoonstellingen, tijdschriften, congressen, onderwijs en werkplaatsen, niet alleen in Duitsland, maar internationaal. En van meet af aan waren Nederlanders in dit netwerk actief, zo wordt duidelijk in de expositie 'nederland ⇄ bauhaus' in Museum Boijmans van Beuningen.

"Ruim voor de oprichting van de school waren de architecten Berlage en Lauweriks en kunstenaar Thorn Prikker al lid van de in 1907 opgerichte Deutsche Werkbund. De vooruitstrevende opvattingen van deze organisatie over de samenwerking tussen kunstenaars en architecten met de industrie, vormden een belangrijke bron voor het Bauhaus." 

beroemde bauhäusler

In de tentoonstelling leer je welke ontwerpers, kunstenaars en architecten in de periode 1919-1933 vanuit Nederland artistieke en persoonlijke betrekkingen onderhielden met de kunstopleiding (en dat waren er plusminus zestig). Zo bestond het (voortdurend wisselende) lerarenkorps - naast bekende kunstenaars als Paul Klee, Wassily Kandinsky, Laszlo Moholy-Nagy en Oscar Schlemmer - ook uit de Nederlanders Mart Stam, Piet Zwart en Johan Niegeman. Daarnaast droegen "pioniers als Theo van Doesburg, J.J.P. Oud en Paul Citroen bij aan het karakter van het Bauhaus." En ook het tijdschrift De Stijl (van Van Doesburg, Rietveld, Oud en Mondriaan) werd door docenten en studenten aan het Bauhaus goed gelezen, aldus de zaaltekst.

Zo hebben Hollanders bijgedragen aan de ontwikkeling van de Bauhaus-stijl en omgekeerd namen zij ideeën uit Weimar/Dessau mee naar huis. Nadat de school in 1933 op last van de nationaal-socialistische regering werd gesloten, werden ongeveer dertig leerkrachten en studenten in Nederland actief: zij gingen hier lesgeven, richtten werkplaatsen op en ontwierpen voor de vaderlandse interieur- en woonbranche.






1. Wassily Kandinsky, Gelbe Mitte, 1926. 2. Zaaloverzicht. 3. F. Vordemberge-Gildewart, 'Compositie nr. 111', 1939. 4. Benno Premsela, spiegel, 1956. 5. Benno Premsela, ontwerp voor een affiche 'ons huis ons thuis', 1949. 6. Marcel Breuer, fauteuil B35, 1928. 
Bauhaus-spullen zijn niet altijd zeldzaam. Sterker nog, vandaag de dag worden er nog veel ontwerpen geproduceerd. Wat dacht je van de stalen buis? De verchroomde 'webbing' buizenstoel van Mart Stam is een erfenis van Bauhaus. Marcel Breuer's 'Wassily-stoel' en zijn 'nest' van vier bijzettafels. Of de rood/blauwe- en (later) de zigzag-stoel van Gerrit Rietveld. Andries Copier's bolvazen voor Leerdam Glasfabriek en de Giso-lampen van Gispen.
Ieder voor zich design-iconen!

design-iconen

De expositie is niet voor niks in Rotterdam, want daar zijn veel Bauhaus-invloeden te herkennen. Architect Oud ontwierp Café De Unie: het toppunt van (De Stijl-achtig) modernisme. Zijn sociale woningbouw-projecten passen binnen de principes van het 'Nieuwe Bouwen'. De Van Nelle Fabriek van Leendert van der Vlugt vertoont onmiskenbaar Bauhaus-trekjes. De witte gevels, enorme raampartijen en glazen loopbruggen zijn de belichaming van het modernistisch motto van 'licht, lucht en ruimte'. En wat dacht je van De Bijenkorf aan de Coolsingel - een blokvormig pand met gevels in honingraatpatroon van de hand van (Bauhaus-docent) Marcel Breuer uit de jaren '50.

licht, lucht en ruimte

Goed. In 'nederland ⇄ bauhaus, pioniers van een nieuwe wereld' zie je achthonderd objecten. "Laat je onderdompelen in een unieke verzameling van kunstwerken, meubels, keramiek, textiel, foto's, typografie en architectuur." En het museum belicht niet 'alleen' het Bauhaus, maar richt zich in 23 deelpresentaties vooral op de betrekkingen en de wisselwerking met Nederland en die waren intensief, zegt ook samensteller Mienke Simon Thomas.
Bij mij overheerst de verbazing over wat al zo oud is - zo'n 100 jaar! - en toch (nog) zo modern oogt.





1. Links: Oskar Schlemmer, 'Reliëf h', 1919 en rechts: Lothar Schreyer, Tulpenmadonna 1926, glas in lood. 2. Campagnebeeld3. Zaaloverzicht4. Marcel Breuer, vier bijzettafels, ca. 1926, Particuliere collectie in Duitsland, Foto: Museum Boijmans Van Beuningen. 5. Lyonel Feininger, Oberweimar, 1921, Museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam. Foto: Studio Tromp.
Om het Nederlandse Bauhaus-netwerk zichtbaar te maken, ontwikkelde het museum een speciale app waardoor bezoekers - gewapend met een tablet met een interactieve tour - de netwerkverbanden achter de tentoonstelling kunnen ontdekken. "Deze extra laag aan informatie zorgt voor verdieping en maakt bovendien het bezoek interactief", aldus het museum.
Daarnaast zijn er samenwerkingsprojecten met (o.a.) de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten (KABK) in Den Haag, Scapino Ballet en het Rotterdams Philharmonisch Orkest voor installaties en voorstellingen in Rotterdam, geïnspireerd op Bauhaus.

De expositie is vooral interessant voor liefhebbers van kunstnijverheid en industriële vormgeving uit de twintigste eeuw. Dus ben je liefhebber van retro, vintage of eclectisch? Reis dan vooral af naar het Rotterdamse....


-X-


Maar kijk - voordat je de kuierlatten neemt - eerst even op de website voor bezoekersinformatie.
En neem ruim te tijd voor je bezoek, want in Boijmans is ook 'Dagelijkse Verwondering' te zien: een expositie met het levenswerk van de afgelopen jaar overleden kunstenaar Co Westerik

yours truly.... (foto ©irisnoza).
Tekst en (iPhone)foto's: ©MiriamvanderMeer | www.agreylady.nl, tenzij anders vermeld (zie betreffende foto's). 
Post Comment
Een reactie posten

Auto Post Signature

Auto Post  Signature