Filosofische overpeinzingen bij 'Stage of Being' in Museum Voorlinden

13 juni 2018
"Waartoe zijn wij op aarde"? De eeuwige hamvraag waar wij als mensen ons hoofd over breken. (En ik meen mij te herinneren ook de eerste vraag bij catechismus - Bijbel-les - op de lagere school. En oudere lezers weten waar ik het nu over heb... Het antwoord op die vraag moesten wij uit het hoofd leren: "wij zijn op aarde om God te dienen en om hier én in het hiernamaals gelukkig te zijn").

Maar goed. Over tot de orde van de dag en die 'orde' handelt vandaag over de collectie-tentoonstelling 'Stage of Being' in Museum Voorlinden. De bedoeling van deze expositie is om je aan te zetten na te denken over wie we zijn, over onze relatie tot anderen en hoe wij worden herinnerd als we er niet meer zijn. 

Lees en kijk mee naar het wie, wat, waar en waarom van ons bestaan, zoals dat vertaald is in de kunst.



1. en 3. Hans-Peter Feldmann, 'Man and Woman with Red Nose', 2013. 2. Louise Bourgeois en Tracey Emin, 'Do Not Abandon Me', 2009-2010.
"Museum Voorlinden opende september 2016 haar deuren met dank aan voormalig ondernemer Joop van Caldenborgh. De beschermer van moderne en hedendaagse kunst moet wel schathemeltjerijk zijn, want het mag wat kosten zo'n museum. De ex-industrieel heeft zijn plek in de Quote 500 (niet verwonderlijk met zo'n rijk bezit...) te danken aan een levenslange carrière in de chemie met een bedrijf genaamd Caldic. En gestart met een eerste aankoop op 16-jarige leeftijd (een Peter Struycken), bestaat zijn collectie inmiddels uit zo'n 8.000 kunstwerken. Daarmee behoort Van Caldenborgh tot de 200 belangrijkste kunstverzamelaars wereldwijd en is de privé-verzameling de grootste van Nederland".

Ik citeer hier uit een in augustus vorig jaar door mij geschreven weblog - twee zelfs - over het mooie Museum Voorlinden. (Nog even teruglezen? Klik dan hier en hier). Het museum heeft een plattegrond dat uit drie delen bestaat. Één deel van het gebouw is bedoeld voor een steeds wisselende tentoonstelling en sinds 9 juni hangt daar het mooie werk van de 97-jarige Amerikaanse kunstenaar Wayne Thiebaud (daarover meer in mijn vorige blog).
Het tweede deel van het bijna geheel uit glas bestaande gebouw wordt in beslag genomen door de highlights van het kunsthuis, waaronder 'Open Ended' van Richard Serra, Ron Mueck met zijn 'Couple under an Umbrella' en de speciaal voor het museum gemaakte 'Skyspace' van James Turrell en Leandro Erlich's 'Swimming Pool'. Tenslotte is er nog een gedeelte gereserveerd voor een wisselende presentatie uit eigen werk;  oftewel de enorme vaste collectie van Voorlinden.





1. Robert Zandvliet met 'Stage of Being' (2017), met dit acryl-op-linnen-doek 'naamgever' van de tentoonstelling. 2. Louise Bourgeois, 'Spirals', 2005. 3. Jan Sluijters, 'Zelfportret', 1911. 3. Joana Vasconcelos, 'Slalom', 2011. 4. John Armleder, 'Spark, Spark, Spark', 2004.
En uit zo'n ruime verzameling eigen werk (die 8 k.) kun je allerlei thematische combinaties maken, want allemaal tegelijkertijd tentoonstellen is natuurlijk onmogelijk. Momenteel (sinds 9 december jl.) zie je 'Stage of Being' als collectie-selectie: 45 werken in uiteenlopende disciplines die laten zien hoe kunstenaars de mens met al zijn emoties en driften verbeelden. 

to be or not te be? 

Wie zijn wij? Waar komen wij vandaan? Wat doen we hier en waar gaan wij naartoe? Museum Voorlinden presenteert in Stage of Being (vernoemd naar een kunstwerk van Robert Zandvliet) kunstwerken van artiesten die antwoorden zoeken - en soms denken of hopen te geven - op existentiële vraagstukken. Kunstenaars die met hun werk de fundamentele menselijke angst bezweren en het 'leven' daarmee dragelijk (proberen te) maken. 
In de zeven zalen zie je werken van internationaal allure (Louise Bourgeois, Ai Wei Wei, Mark Manders, John Armleder, Rineke Dijkstra en noem maar op), die op hun beurt en ieder voor zich 'de mens achter de mens laten zien'. Neem het hyper-realistische naakt van John DeAndrea ('Dawn', 1985). Het is prachtig, maar ook heel kwetsbaar zo in het midden van de zaal. Heel 'open en bloot' weet zij dat over haar gesproken gaat worden. Mensen een 'oordeel' gaan vellen.





1. Antony Gormley, 'Mass', 2006. 2. Henrique Oliveira, 'Condensation', 2012-2015. 3. Hans Bellmer, 'La demi-poupée', 1972. 4. Tony Cragg, 'Blue Horn (Axt)', 1982. 5. 'Dawn' (1985) van John DeAndrea met op de achtergrond Jeppe Hein, 'Please...' (2008).
Thomas Struth verbeeldt in 'Mailänder Dom, Fassade', uit 1998 de nietigheid van de mens en Robert Zandberg schildert op abstractie manier een figuratie: een dwalende persoon die kijkt over een weids landschap.
Het confronterende werk van kunstenaarscollectief JocJonJosch zet ook aan tot diepgaande overpeinzingen. In een digitale video (loop) voeren de kunstenaars een 'acrobatische act' uit: samen vormen zij één klomp mens waarvan niet duidelijk is waar de een begint en de ander ophoudt. Ondanks dat de deelnemers aan deze installatie verschillende huidskleuren hebben, zijn de lichamen nauwelijks te onderscheiden ('The Beasts', 2010).

filosofische bespiegelingen en verhelderende inzichten

Ai Wei Wei schilderde op een neolithische Chinese vaas (5000-3000 v. Chr.) het overbekende Coca-Cola-logo. Daarmee laat de kunstenaar twee tegengestelde werelden botsen: het traditionele China en het frisdrankmerk dat symbool staat voor de hedendaagse massa-consumptie ('Coca Cola Vase', 2015).

Hierboven zo maar even wat voorbeelden van de 'tobberige' kwesties waar de hedendaagse mens mee geconfronteerd wordt. Maar "kunstenaars durven zich bij uitstek bloot te stellen aan fundamentale vragen" (lees ik in de hand out). "Het wezen van de kunst is misschien wel het bezweren van de existentiële, menselijk angst. Kunst kan de mens een spiegel voorhouden. Soms heel rechtstreeks, rauw en confronterend. Soms indirect, subtiel verpakt".





1. JocJonJosch met 'The Beasts', 2010. 2. Robert Zandvliet, 'Zonder titel', 2006-2008. 3. Esther Tielemans, 'YOU', 2014 4. At Wei Wei, 'Coca Cola Vase', 2015. 5. Michelangelo Pistoletto, 'Donna Segno Arte - Uomo Segno Arte', 1962-2008.
Pluspunt van de expositie 'State of Being' is dat de bezoeker zonder begeleidende tekst zijn weg kan gaan en daarbij de eigen gedachten de vrije loop kan laten. In de zalen geen lappen tekst. Kijken, kijken en nog eens kijken. En mócht je toch behoefte hebben aan interpretatie, inhoudelijke en/of technische informatie, dan biedt de 'hand out' uitkomst en enige houvast (in wankelende tijden...).

(In de laatste drie foto's zie je dat ook ík reflecterend bezig ben geweest.... :-)


-X-

Deze collectie-selectie is nog tot en met 11 november te bewonderen. Kijk even op de site voor bezoekersinformatie.

Je zal mij even moeten missen, want de aankomende dagen ga ik Berlijn 'onveilig' maken (én bratwurst eten). En ik weet het zeker: ik kom opgeladen en geïnspireerd weer terug.
In the meantime: stay safe!

 'Tears of a Swan', Quynh Dong, 2013 (klei en glazuur).
Tekst en alle (iPhone) foto's: © Miriam van der Meer

Kunst om van te watertanden: Wayne Thiebaud in Museum Voorlinden

9 juni 2018
Overal wereldberoemd, behalve aan deze kant van de oceaan. Nooit eerder werd er in een Nederlands, of sterker nog, in een Europees museum aandacht besteed aan deze inmiddels 97-jarige Amerikaanse kunstenaar. Tot 9 juni. Vanaf die dag zie je in Museum Voorlinden een retrospectief met zijn werken. In het kunsthuis hangen zestig olieverfschilderijen gemaakt vanaf 1961 tot en met nu. Want eentje - 'Black Shoes' - is zelfs nog 'n beetje nat.

Wayne Thiebaud - over hem heb ik het - maakt 'mouthwatering art'. En dat is geen nieuwe stroming in de hedendaagse kunst, maar 'gewoon' hele smákelijke kunst. Schilderijen om je vingers bij af te likken, want veel hebben 'caloriebommetjes' zoals ijsjes, taarten, lollies en gebakjes als onderwerp. De meesterschilder is in zijn vaderland vooral om nostalgische redenen beroemd - sweet memories - maar minstens zo interessant zijn de mooie 'ten voeten uit'-portretten en zijn landschappelijke werken.

Ga je mee? Ik gids je maar al te graag door het Wassenaarse (privé-)museum waar nu het mooie werk van Wayne Thiebaud te zien is.



1. 'Four Ice Cream Cones', 1964 (Coll. Phoenix Art Museum, Museum purchase - Compas funds). 2. Rechts op de foto directeur Suzanne Swarts van Museum Voorlinden. 3. 'Confections', 1962 (Coll. SFMOMA, gift of Byron R. Meyer). 
Thiebaud had graag aanwezig willen zijn bij de opening van zijn eerste tentoonstelling in Nederland, maar moest helaas afzeggen. Zijn gezondheid is breekbaar: niet verwonderlijk voor iemand van zijn leeftijd en zo'n vlucht vanuit California, USA is 'n te lange zit. Maar ondanks zijn 97 levensjaren schildert hij nog dagelijks op zijn zo typerende manier met zware pigmenten, dikke verflagen en felle aansprekende kleuren. Het zijn smeuïge verfstreken - je bent haast geneigd om met je vingers een lik te nemen. Zelf noemt de kunstenaar zijn werkwijze 'object transference' en daarmee bedoelt Thiebaud, dat hij de verf dusdanig aanbrengt dat het lijkt op de substantie van het onderwerp. Het mengen en 'vet' aanbrengen van olieverf is als het opkloppen en smeren van romige dotten slagroom. 

An ode to painting

Wayne Thiebaud wordt wel geassocieerd met Pop Art-kunstenaars, maar daarmee wordt hem geen recht gedaan (hoewel er niks mis is met deze kunststroming). Zijn werken hebben een unieke, individuele signatuur. In tegenstelling tot veel Pop Art werk - vaak nogal 'gimmick-achtig', koel en ironisch - is Thiebaud's kunst 'on-hip', warm en zacht-komisch. Het zijn toegankelijke schilderijen, die je in eerste instantie misschien af zou willen doen als ál te gemakkelijk. Maar wie beter kijkt, ervaart anders. 





1. 'Bananas', 1975 (Coll. of Paul LeBaron Thiebaud Trust). 2. 'Two Wedding Cakes', 2015, (DACS, London /VAGA, New York). 3. 'Five Hot Dogs', 1961, (Courtesy of the Bransten Family Collection). 4. 'Bakery Case', 1996, (Coll. Museum Voorlinden). 5. 'Assorted Cakes and Tarts', 1969. 
Zijn onderwerpkeuze is 'plat' alledaags, want welke schilder is ooit op het idee gekomen om de toonbank van een banketbakker, een snoepwinkel of een lunchroom als uitgangspunt te nemen? Zinnenprikkelende afbeeldingen als guilty pleasures. De in 'zoete' kleurtjes (zoals frambozenrood, lindegroen en lavendelblauw) geschilderde lekkernijen zijn eenvoudig en helder en voor Museum Voorlinden reden om in de expositie de nadruk te leggen op deze 'foodporn'-schilderijen, want zo kan je ze toch wel noemen.

Speciaal ter gelegenheid van deze expositie staat er in de prachtige - door meester-tuinarchitect Piet Oudolf ontworpen tuin van Landgoed Voorlinden een 'Pop Up Bakery Case' (vernoemd naar het schilderij van Thiebaud in de eigen collectie). In deze 'nederzetting' kunnen bezoekers van het museum bij hun koffie of thee heerlijke 'Thiebaud taartjes' eten. En in dit 'luilekkerland'-paviljoen niets anders dan design: de tuinhuisjes en aanverwante artikelen zijn van de modische tuinmeubelen-producent Weltevree, de stoelen zijn ontworpen door het Belgische duo Muller Van Severen en De Intuïtiefabriek heeft zich laten inspireren door Thiebaud's kleurenpalet en speciaal bij de tentoonstelling servies ontwikkeld. "Het paviljoen, de meubels en het servies bestaan uit simpele grondvormen, die zo typerend zijn voor de schilderijen van Thiebaud", aldus het museum.  





1. 'Girl with Ice Cream Cone', 1963 (Hirshhorn Museum and sculpture garden, Smithsonian Inst., Wash., DC). 2. 'Five Seated Figures', 1965 (Courtesy of Wayne Thiebaud Foundation). 3. 'Bikini Figure' en "Swimsuit Firgures', beiden 1966 en uit een privé collectie. 4. en 5. 'Shoe Rows', 1975 en  'Two Kneeling Figures', 1966 (beiden Courtesy of Wayne Thiebaud Foundation).
Ook ik liet mij zo'n taartje goed smaken (een punt 'machtige' chocoladetaart met een mintgroen glazuur), maar ik zou hier toch graag een lans willen breken voor Thiebaud's andere werk, namelijk zijn portretten en landschappen die ook te zien zijn in de nieuwe tentoonstelling.

Dezelfde heldere composities en dezelfde sprekende kleuren als in de stillevens met lekkernijen zie je in de mensbeelden en vergezichten. Thiebaud maakt gebruik van veel schaduwen in zijn werk en die zijn altijd opgebouwd uit meerdere kleuren (soms zelfs blauw, groen, rood, oranje én geel). Hij schildert als het ware dunne 'regenbogen' om de onderwerpen, waardoor het object of de persoon van het doek lijkt te springen. "De schaduw is waar al het licht plaatsvindt", aldus de kunstenaar. 

dingen in evenwicht brengen...

De portretten die hij schildert - mensen in badpak of juist keurig in kostuum - zijn statische figuren als robots of poppen: hij noemt de personen ook 'figures'. De man op mijn favoriete schilderij, 'Standing Man', buigt een klein beetje opzij met zijn hoofd, anders kon hij er niet op. Een 'lief' detail. Ik noemde het eerder en ook in de portretten: Thiebaud schildert zacht-komisch.
In zijn landschappen is het perspectief vervreemdend. Hij geeft een beeld als in vogelvlucht of als gemaakt door een drone, met 'vreemde' schaduwen en zonder horizon. Heel intrigerend.



1. 'Y River', 1998 en 2. 'Towards 280', (beiden Courtesy of Wayne Thiebaud Foundation). 3. 'Standing Man', 1964.
Wayne Thiebaud signeert zijn doeken (met de achterkant van een penseel) liefdevol met een ♥ en uit de rondleiding door directeur Suzanne Swarts van Museum Voorlinden komt een beeld naar voren van een zeer aimabel man. Ook zijn mild-ironische werk onderstreept wat mij betreft ook nog eens dat we hier te maken hebben met een bevlogen en sympathieke kunstenaar.

Mijn advies: ga vooral zelf kijken. De tentoonstelling is te zien tot en met 16 september.


-X-


Kijk voordat je van huis gaat op de site voor bezoekersinformatie. En ga je met het openbaar vervoer? Jammer genoeg is Museum Voorlinden lastig te bereiken. Uit eigen ervaring weet ik: vanaf NS-station Leiden 26 (...) haltes met de bus en dan nog 'n kwartiertje lopen. Toch heeft dat mij niet weerhouden (en dat zal het ook niet doen): zo'n mooi museum...! 

Van de week volgt nog een verslag van 'Stage of Being': de thematisch voorstelling van kunstwerken uit de eigen collectie. So stay tuned!


Het 'Bakery-Case-Pop-Up-paviljoen-in-Thiebaud-stijl'. Het 'tuinhuis', de meubels, de verlichting (etc.): allemaal top-design. 
Tekst en alle (iPhone) foto's: © Miriam van der Meer.

#artselfie (foto: alles is cultuur)

'Heet uit Milaan' en ander moois bij Festival Designkwartier

2 juni 2018
Bij de 2017-editie moest ik helaas verstek laten gaan, maar dat zou mij dit jaar niet gebeuren: Festival Designkwartier in Den Haag. Afgelopen weekend (1 t/m 3 juni) presenteerden ruim 100 ontwerpers hun kunnen in winkels, restaurants en lunchrooms, leegstaande kantoren, garages, bij de mensen thuis en 'gewoon' op het plein. Plaats van handeling én kloppend hart van het festival was het Zeeheldenkwartier en dat is een statige buurt in het Haagse met straten die naar 'moedige' oceaanvaarders zijn vernoemd (nu nog wel... :-).
En voor deze feestelijke lustrum-aflevering - dit jaar was het de 5de keer - waren er 'talks' en designkwartiertjes, verschillende workshops en was er ook een programmering (ook 's avonds) in en rondom de monumentale, rauw-industriële Elektriciteitsfabriek. 

Kortom, alle ingrediënten voor een smaakvol designfestijn waren aanwezig en afgelopen vrijdag liet ik mij bekoren.
Kijk je mee?



1. Grafisch werk van Mister Adam in een leegstaand kantoor. 2. Toegepaste kunst in het huis van Mary Hessing, hoofdredacteur van Woth. 3. Bloggerstour op de fiets, met initiator van Festival Designkwartier Edwin Pelser, Floor Eusterbrock en bloggers Zilverblauw, Bloom (en ondergetekende) bij deelnemer Social Label. 
Wat is design? Hier, bij ons in Nederland heeft het begrip 'design' behoorlijk aan betekenis ingeboet. De waarde van de term is gedevalueerd omdat het te pas en te onpas wordt gebruikt. Thuis heb ik bijvoorbeeld een 'design-radiator': die hangt verticaal in plaats van horizontaal (....).
Design is een verzamelnaam geworden voor zogenaamde 'hippe' spullen, 'eendagsvliegen' en hebbedingetjes in 'conceptstores', wat ook al zo'n holle uitdrukking is geworden. Handige reclamejongens (-personen) hebben van 'design' een soort algemeen label gemaakt dat ál te snel aan allerlei producten wordt gehangen, terwijl design feitelijk een toegepaste vorm van kunst is.

publieke vertoning

Er worden aan de lopende band betekenisloze massaproducten gemaakt. Liefdeloos en onnadenkend. Maar een werkelijk goed en doordacht ontwerp laat je op een andere manier naar het alledaagse kijken, al is het maar voor even. "Met een kwalitatieve en veelzijdige selectie van actueel 'slow design' schenkt Festival Designkwartier aandacht aan de internationale trend waar kwaliteit gemeten wordt aan de zorg en aandacht waarmee iets ontworpen en gemaakt wordt". 
"Design gaat over meer dan alleen producten", zegt Mark van Hooff, co-owner van Creative Studio Unobvious en mede-organisator van Festival Designkwartier.






1. en 2. Het designcollectief Envisions werkt samen met  Finsa (fabrikant van houten platen)  en dat materiaalonderzoek resulteerde in 'Wood in Progress'. 3. en 4. Jelle Masterbroek in de Elektriciteitsfabriek. 5. De aaibare 'Haptopia' van kunstenmaker Noortje de Brouwer. 6. De textiele 'gevleugelden' van Jantien Baas.
Misschien ken je hem van zijn humorvolle installaties waar muziek in zit? In het Zuiderzeemuseum in Enkhuizen staat bijvoorbeeld zijn porseleinkast/kopjesorgel/jukebox 'Meneer Vis'. (En ben ik nu te cryptisch? Kijk dan vooral op dit YouTube filmpje. Moet je echt even doen...). Ik heb het over Jelle Mastenbroek. Deze ontwerper slash kunstenaar is gevraagd om speciaal voor het festival (en binnen het thema 'Publieke Vertoning') voor de oude turbinehal van de Elektriciteitsfabriek een 'geluidsinstallatie' te ontwerpen.
Het resultaat is 'Data Orchestra': door je bankpas of identiteitskaart langs de scanner te halen, 'componeert' de installatie een gepersonaliseerd en door de immense ruimte klinkend muziekstuk(je). Ook deze laatste creatie laat zich weer lastig omschrijven (én fotograferen), maar is zeer indrukwekkend!
In het imposante gebouw uit 1906 zag je ook twee eerdere werken van Mastenbroek.

verzameld werk

Een vaste waarde én aanrader tijdens het designfestijn is een bezoek aan het huis van Mary Hessing, hoofdredacteur van de design-glossy WOTH. Al jaren tovert zij haar huis, een oude melkfabriek, om tot een design-showroom. Dit jaar kreeg de presentatie de naam 'Sectie-C' (a bastion of new ideas).






Bij Woth: 1. Hannah van Luttervelt, 'Cuddly toys of mass destruction', 2016. 2. Agnieszka Mazur, 'Construction experiments', 2017. Thema: Heet uit Milaan: 3. ' Crops' van Rem Atelier, 4. en 5. vazen en lampen van Klaas Kuiken uit zijn EPS- collectie 6. Studio Joris de Groot met zijn 'Pleated Seat', een serie stoelen geïnspireerd op de manier waarop luchtfilters worden geproduceerd.
En de missie van Designkwartier? "Het festival wil een breed publiek prikkelen met actueel design en zoomt in op het verhaal achter bijzondere ontwerpen of concepten. Ontwerpers en festivalgangers ontmoeten elkaar en hebben gesprekken over de projecten. Het publiek ontdekt zo dat de wereld anders in elkaar zit dan aanvankelijk gedacht.

vraag maar raak!

Dat is een heel mooi streven en ook ik sprak met verschillende designers over hun werk. Twee van hen wil ik hier graag nader belichten.
Allereerst Creative Chef. Jasper Udink Ten Cate (aka the creative chef) vertelt voedselverhalen en maakt gelijktijdig een heerlijke salade met mini-ingrediënten, poedertjes van allerlei essentiële voedingsstoffen en vers geplukte 'groenten en kruiden' (zoals sedum - ja echt - en bosaardbeitjes, duizendschoon etc.). Bij zijn 'Future Food City' zijn zijn  food for thoughts een lust voor de smaakpapillen én het oog. En dat alles geserveerd met een gepassioneerd verhaal over de toekomst van ons eten en de impact die dat kan hebben op onze manier van leven en onze omgeving.
Jasper Udink ten Cate: "voor al uw Art Food Design Performance (& vooral) Fun". Top!

Dan het prachtige werk van Babs van den Thillart. Ik zeg hogere weefkunde en textiele werkvormen to the max, oftewel 2.0. Hoezo sul breiwerk? Sterk staaltje materiaalonderzoek dat onmogelijk 'bedacht' kan worden zonder het te doen. De ontwerper als uitvinder. 
Oké (you get my drift...), maar wat maakt zij? Op de 1ste etage boven café Blossom heeft Babs haar presentatie van textiel-ontwerpen en ook dit laat zich weer lastig beschrijven. "Het creëren van beweeglijkheid, drie-dimensionaliteit en veranderlijkheid in textiel vormt de rode draad". Haar werk heeft geen goede- en slechte kant (of 'achterkant' zoals bij stof meestal het geval is), maar is vanuit alle kanten het bezichtigen meer dan waard. 




1. en 2. Het smakelijke werk van Creative Chef. 3. en 4. Het tactiele werk van Babs van den Thillart.
Heb ik alles gezien? Bij lange na niet, maar toch is Festival Designkwartier een fijn behapbaar en redelijk compact designfeest. Het gevaar van dit soort evenementen is dat het té groot groeit. Dus pas op en zwicht niet voor al te ambitieuze plannen, is mijn devies....

Zo is het nét mooi...


-X-


Heel mooi!
Je neemt altijd iets mee naar huis: al is het een fijne ervaring!

Initiator en (mede-)organisator Edwin Pelser in de Elektriciteitsfabriek kijkend op zijn telefoon: 't zijn drukke dagen....
Tekst en alle (iPhone) foto's: © Miriam van der Meer

Auto Post Signature

Auto Post  Signature