Let's 'Jump into the Future' in het Stedelijk Amsterdam

30 december 2017
Best wel (...) toepasselijk, de titel boven mijn journaal. Morgen is het immers oud & nieuw en dat zou je kunnen zien als een 'sprong in de toekomst'.
Een soort van... 

De kop refereert aan de grote tentoonstelling in het Stedelijk in Amsterdam (met een nieuwe flashy website). Daar is sinds eind november (en t/m 4 maart) 'Jump into the Future' - Art from the 90's and 2000's - The Borgmann Donation te zien. Het geshowde is allemaal werk dat afkomstig is van de Duitse verzamelaar Thomas Borgmann en over het 'hoe en waarom' van deze mooie vertoning is veel te doen (geweest).
Hieronder volgt een ooggetuigenverslag.



1. en 2. Martin Kippenberger, installatie 'Heavy Burschi', 1989-1991. 3. Alle kunstenaars in de tentoonstelling.
"Gratis kunst die stiekem toch 1,5 miljoen euro kost", luidde de ietwat cynische (venijnige?) kop boven een artikel in het NRC van afgelopen 6 oktober. Want wat is het geval? Daarvoor moeten we terug in de tijd (hoezo Jump into the future?).

Een schenking en/of aankoop

Thomas Borgmann (1942, Hamburg) schijnt in de zestiger jaren - bij een of meerdere bezoeken aan het Stedelijk in Amsterdam - nogal onder de indruk te zijn geweest van de collectie hedendaagse kunst, maar vooral van het aankoopbeleid van Edy de Wilde. De toenmalige directeur dacht bij de aanschaf van kunst voor het museum namelijk heel toekomstgericht ('diep in plaats van breed' en de naam van de tentoonstelling verwijst naar die visie op de collectie). De jonge Duitser dacht toentertijd "dat wil ik ook" en deze zeer ambitieuze toekomstplannen maakte Borgmann (in tegenstelling tot de meeste van ons) ook daadwerkelijk waar. Hij ontpopte zich als een groot (liefhebber-)verzamelaar en connaisseur van moderne kunst en werd succesvol galeriehouder in Keulen met een grote kennis van de (met name Duitse) hedendaagse kunst-scene.

Oké. Vorig jaar liet Borgmann aan (toenmalig) directeur Beatrix Ruf weten, het grootste deel van zijn hedendaagse kunst aan het Stedelijk te willen schenken. Yes! (In the pocket...). Iedereen blij natuurlijk, maar (voor niets gaat de zon op) er was blijkbaar toch een addertje onder het gras. De kunstkenner doneerde 216 werken (en da's niet niks), maar het NRC wist te melden dat er ook een aankoop aan de overeenkomst verbonden zou zijn (ad. 1,5 miljoen euro).
Op zich niks mis mee. Toch? Want de totale waarde van de verzameling ligt vast een stuk hoger dan anderhalf miljoen, denk ik zo. Maar daar dien je dan wel open over zijn. Transparant heet dat. Er was in het jaarverslag in eerste instantie namelijk niets terug te vinden over dit onderdeel van de deal.
Oei... (én het zoveelste incident).




1. Installatiewerk 'Bouquet I' van De Rijke en De Rooij, 2002. 2. Martin Kippenberger, 'Mecca: Backward, Forward', 1990. 3.en 4. Christopher Williams, 'Angola to Vietnam', 1989.
Hoe dan ook, - 2017 was voor het Stedelijk Museum een jaar met veel ophef en ze zullen blij zijn dat hij om is - op de hele bovenverdieping van de oudbouw zie je momenteel de collectie van Borgmann. Alle dertig zalen vol met hele diverse werken van kunstenaars die geboren zijn ná 1945. Achttien stuks plus het Nederlandse kunstenaarsduo Jeroen de Rijke en Willem de Rooij.

Conceptueel bloemschikken

Ik kan mij voorstellen dat het werk van dit artiesten-koppel (de Rijke is inmiddels overleden) sommige toeschouwers de wenkbrauwen doet fronsen. Hun 'Bouquet I'-installatie uit 2002 bestaat uit levende bloemen die tijdens een tentoonstelling voortdurend worden ververst en dan wel volgens de strikte instructies van de kunstenaars. De bloemen zijn geselecteerd op kleur en uiterlijk (ik zie euphorbia en chrysanten) en dienen dan als symbolen voor bepaalde culturele referenties. En ja, zo'n kunstwerk nodigt wel uit tot (soms/vaak/meestal*) smalende opmerkingen, variërend van "dan heb ik elke dag een kunstwerk op mijn koffietafel staan" - klopt! - tot "dat kan ik ook" - klopt! En de bloemenwinkel in de straat vaart er wel bij. Klopt ook.
Maar waarschijnlijker: het gros denkt "gezellig, wat een mooi boeketje!" en herkent het kunstwerk helemaal niet als zodanig.

*doorhalen wat niet van toepassing is.






1. Installatie van Jutta Koether. 2. De zaal met werk van Heimo Zobernig. 3. en 4. Isa Genzken met 'The American Room' (en detail) uit 2004. 5. 'Seabirds' (2003) en 6. 'Drawing for Trinity' (2005) beiden van Thomas Eggerer
De titel van de expo 'Jump into the Future' refereert - zoals gezegd - aan een bepaalde manier van verzamelen van moderne, dus 'jonge' kunst. Dat proces is een soort avontuur (kan ik mij zo voorstellen), want welke kunst c.q. kunstenaar ontwikkelt zich in de loop van de tijd zoals je had verwacht? Waar wil je je goeie geld aan uitgeven? That's the question én de grote gok.

Jump into the future

De tentoonstelling is een reisje door de tijd: je ziet hedendaagse kunst uit de jaren 90 en het begin van deze eeuw, waarbij de politiek-maatschappelijke omstandigheden van deze roerige periode in de expo mooi naar voren komt (denk 'de val van de muur', homofobie en aids, nine-eleven etc.).
"In de kunstwerken uit die tijd namen de artiesten de beelden en verschijnselen uit hun omgeving als uitgangspunt. Ook experimenteerden ze met de ruimte, maakten ze complete installaties in plaats van een enkel schilderij of beeld". Het is een bont gezelschap en onderling behoorlijk verschillend. Borgmann volgde nogal wat Duitse kunstenaars, maar er zijn ook artiesten uit andere westerse landen en allemaal (dus) van na de tweede wereldoorlog. 
Iedere kunstenaar heeft in de tentoonstelling één of meerdere eigen zalen, waardoor dát wat de kunstenaar te zeggen heeft duidelijk naar voren komt. "Enkelen zijn in meerdere zalen te zien, waardoor dwarsverbanden tussen de werken ontstaan". Conservator Martijn van Nieuwenhuyzen (hierboven aan het woord) maakte er de hele bovenverdieping in het historische deel van het museum voor vrij.



De zaal met uitsluitend werk van Lucy McKenzie. 1. 'Global Joy' uit 2001. 2. 'If It Moves Kiss It' 2002. 3. Links: 'Cauchie', 2007. Het hekwerk heet 'Panache' (2001) en rechts (onderdelen van) 'Heavy Duty' (2001).
Ikzelf was nogal te spreken over het werk van de Schotse kunstenaar Lucy McKenzie (1977, Glasgow). Een alleskunner, want naast beeldend kunstenaar is ze curator en maakt zij 'uitstapjes' naar de mode. Haar credo: kunst én ambacht, 'high en low' en dat vertaalt zich in werken die zijn geïnspireerd op uiteenlopende (stijl-)elementen zoals de klassieke oudheid, de Art Nouveau, de bombastische communistische beeldtaal, graffiti en popmuziek. In mijn ogen een heerlijke eclectische mix

Naast de nieuwe 'Stedelijke Base', - waarover ik al eerder twee blog posts schreef (hier nummer 1 en dit is twee), is ook 'Jump into the Future' een bezoek aan het Stedelijk in Amsterdam meer dan de moeite waard. 

Gaan, zou ik willen zeggen!

De tentoonstelling is nog te zien t/m 4 maart. Meer info vind je hier.


-X-


Stay safe tijdens een heel fijne (én veilige) jaarwisseling. 

Sinds half oktober hangt hij er weer: het velum (de sluier) van Keith Haring (1958-1990). Hier zie je een deel van het enorme doek (12 bij 20 meter). Haring beschilderde het doek in 1986 (in één dag met spuitbusverf op de vloer in één van de museumruimtes) speciaal voor zijn solotentoonstelling in dat jaar. 
Alle (iPhone) foto's: www.agreylady.nl
Post Comment
Een reactie posten

Auto Post Signature

Auto Post  Signature